<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet href="showHAN.xsl" type="text/xsl"?>


<handeling>
<metadata>
<item attribuut="permalink"><![CDATA[http://www.geencommentaar.nl/parlando/index.php?action=doc&filename=HAN1958]]></item>
<item attribuut="Bibliografische_omschrijving">
opening</item>
<item attribuut="Bestand"> 21 Kb</item>
<item attribuut="Vindplaats">Handelingen 1994-1995, nr. 14, Tweede Kamer, pag. 2569-2570</item>
<item attribuut="Afkomstig_van">Staten-Generaal</item>
<item attribuut="Datum_vergadering">20-12-1994</item>
<item attribuut="Document-id">HAN1958</item>
<item attribuut="Omvang">2 pag.</item> 
<item attribuut="vergadering">37ste vergadering</item>
<item attribuut="dag">Dinsdag</item>
<item attribuut="datum">20 december 1994</item>
<item attribuut="aanvang">Aanvang 14.00 uur</item>
<item attribuut="kamer">Tweede Kamer</item>
<item attribuut="doconderwerp">Leden</item>
<item attribuut="doccode">TK 37</item>
</metadata>

<text>

<onderwerp pagina="37-2569">

Tegenwoordig zijn 147 leden, te weten:
Adelmund, Aiking-van Wageningen,
Apostolou, Van Ardenne-van der
Hoeven, Augusteijn-Esser, Bakker, Ter
Beek, Beinema, Van den Berg,
Biesheuvel, Bijleveld-Schouten,
Blaauw, Blauw, Bolkestein, Van den
Bos, Van Boxtel, Brinkman, Bukman,
M.M. van der Burg, V.A.M. van der
Burg, Buurmeijer, Van de Camp,
Cherribi, De Cloe, Cornielje, Crone,
Dankers, Dees, Deetman, Van Dijke,
Dijksma, Dijksman, Dittrich, Van den
Doel, Doelman-Pel, Duivesteijn, Van
Erp, Esselink, Essers, Fermina,
Gabor, Van Gelder, Van Gijzel,
Giskes, De Graaf, Groenman, Van
Heemskerck Pillis-Duvekot, Van
Heemst, Heerma, Van der Heijden,
Hendriks, Hessing, Hillen, Hirsch
Ballin, Hoekema, Van der Hoeven,
Hofstra, Van Hoof, Hoogervorst, De
Hoop Scheffer, Houda, Huys,
Janmaat, De Jong, Jorritsma-van
Oosten, Kalsbeek-Jasperse, H.G.J.
Kamp, M.M.H. Kamp, Keur, Klein
Molekamp, Koekkoek, De Koning, De
Korte, Korthals, Lambrechts, Lansink,
Leerkes, Leers, Liemburg, Lilipaly,
Van der Linden, Marijnissen,
Mateman, Middel, Van Middelkoop,
Mulder-van Dam, Van Nieuwen-
hoven, Nijpels-Hezemans, Noorman-
den Uyl, Oedayraj Singh Varma,
Oudkerk, Van Oven, Van der Ploeg,
Poppe, Rabbae, Reitsma, Remkes,
Van Rey, Van ’t Riet, Rijpstra,
Roethof, Van Rooy, Rosenmo¨ller,
Rouvoet, Scheltema-de Nie,
Schimmel, Schutte, Schuurman,
Sipkes, Smits, Soutendijk-van
Appeldoorn, Stellingwerf, Sterk, Van
der Stoel, Swildens-Rozendaal,
Terpstra, Van Traa, Ter Veer, Te
Veldhuis, Verbugt, Verhagen, Verkerk,
Versnel-Schmitz, Vliegenthart, Van
der Vlies, Van Vliet, H. Vos, M.B. Vos,
O.P.G. Vos, Vouˆte-Droste, Vreeman,
B.M. de Vries, J.M. de Vries, Wallage,
Van Walsem, Van Waning, Weisglas,
Van Wingerden, Witteveen-Hevinga,
Wolffensperger, Wolters, Woltjer,
Ybema, Van Zijl, Zijlstra, Zonneveld
en Van Zuijlen,
en de heer Van Mierlo, vice-minister-
president, minister van Buitenlandse
Zaken, mevrouw Jorritsma-Lebbink,
minister van Verkeer en Waterstaat,
de heren Wijers, minister van
Economische Zaken, Melkert,
minister van Sociale Zaken en
Werkgelegenheid, mevrouw
Borst-Eilers, minister van Volksge-
zondheid, Welzijn en Sport, mevrouw
Van de Vondervoort, staatssecretaris
van Binnenlandse Zaken, en
mevrouw Terpstra, staatssecretaris
van Volksgezondheid, Welzijn en
Sport.

<blok pagina="37-2569">

 
<spreker pagina="37-2569" anker="919" naam="De voorzitter">
 Ik deel aan de Kamer
mede, dat zijn ingekomen berichten van verhindering van de leden:
Boers-Wijnberg, wegens bezigheden
elders;
Van de Camp, wegens bezigheden
elders, alleen voor de middag-
vergadering;
V.A.M. van der Burg en Van Zijl,
wegens bezigheden elders, alleen
voor de avondvergadering;
Verspaget, wegens verblijf buitens-
lands.
Deze berichten worden voor
kennisgeving aangenomen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2569" anker="920" naam="De voorzitter">
 Ingekomen is de
volgende brief van het lid Buur- meijer:
’’Geachte voorzitter!
Op deze laatste vergader-dinsdag in
1994 hoop ik afscheid te nemen als
lid van de Kamer. De Kamer staat
vandaag aan de vooravond van het
Kerstreces en dat betekent een
vergadervrije periode tot 23 januari
1995. In de tussenliggende tijd
verwacht ik aan te zullen treden als
voorzitter van het Tijdelijk instituut
voor coo¨rdinatie en afstemming.
Hiervoor zal ik de Kamer verlaten
omdat de positie van onafhankelijk
voorzitter niet verenigbaar is met het
kamerlidmaatschap. Op die grond
deel ik U mede mijn lidmaatschap
van de Tweede Kamer der Staten-
Generaal te bee¨indigen met ingang
van 1 januari 1995.
Ik wil daarbij niet verhullen dat dit
vertrek uit de Kamer mij niet licht
valt. Ik heb er niet naar uitgezien. Het
kamerlidmaatschap heb ik tot de dag
van vandaag als een uitdaging en
een opdracht beschouwd en heb het
steeds een eer gevonden om
daaraan gestalte te geven. Bij mijn
vertrek kijk ik terug op een deel van
mijn leven waarin ik vanuit een
vrijzinnige achtergrond als kamerlid
een sociaal-democratische overtui-
ging heb trachten uit te dragen. In
dat opzicht is het werk niet af. Elders
in de publieke sector hoop ik vanuit
dezelfde gezindheid maar in een
onafhankelijke positie een zelfde
uitdaging aan te treffen. Daarmee
hoop ik de publieke zaak te blijven
dienen in een tijd waarin vaak al te
gemakkelijk privatisering als de`
oplossing wordt gezien.
Een woord van oprechte dank wil
ik uitbrengen aan al diegenen die mij
in de Kamer gedurende al die jaren
hebben ondersteund. Binnen de
omgeving van mijn fractie en zeer
zeker ook binnen het bredere
verband van de Kamer als geheel. Ik
hecht er aan om dit zo nadrukkelijk
te noemen omdat ik tegenwoordig te
vaak collega’s geringschattend hoor
praten over de Kamer als organisa-
tie.
Was het vroeger dan allemaal
beter? Ik zou dat niet zonder meer
willen beweren. Wel was het zo dat
er tussen alle bewoners van het
kamergebouw, kamerleden e`n
medewerkers, een intensiever
kontakt was. Door het nieuwe
gebouw en de groei van het aantal
medewerkers, twee belangrijke
ontwikkelingen in de jaren tachtig,
heeft de organisatie een niet geringe
schaalvergroting ondergaan. Dit is
voor de Tweede Kamer als gemeen-
schap die in het hart van ons
democratisch bestel dient te staan
niet zonder risico’s.
Daarbij zijn ook de kamerleden zelf
in het geding. Het gaat er soms op
lijken dat kamerleden passanten zijn
in hun eigen omgeving. Ik keer me
hiermee ook tegen diegenen die
oproepen om als kamerlid toch
vooral buiten dit gebouw present te
zijn. Politici zullen naar mijn
overtuiging vooral dan herkenbaar
zijn als ze hier in de Kamer het debat
aan gaan. Met hun collega’s en met
de regering die ze behoren te
controleren. Dan is de Kamer de
arena die het moet zijn. Als het moet
met de degen, als het kan met het
floret. Desnoods met het fileermes
maar schuw de strijd hier in huis
niet. Daarbij ben ik ervan overtuigd
dat dit hoe vreemd dat ook mag
klinken tegelijkertijd een grotere
betrokkenheid op elkaar vereist als
leden van deze Kamer. Het debat kan
des te beter worden gevoerd
naarmate de leden elkaar beter
kennen. In deze visie is de Kamer in
brede zin meer dan een lokatie aan
het Plein in Den Haag waar
kamerleden kantoor houden.
Ik behoor nog tot diegenen die in
de oude zaal de geur van het
gevecht hebben gesnoven. Ook in de
nieuwe omgeving kan dat. U zult mij
in die zin geen hunkering horen
uitspreken naar de oude zaal. Wel
naar een cultuur waarin het
Binnenhof zich niet schaamde voor
haar eigen werkwijze. Als hier het
debat gezocht wordt en de verschil-
len van opvatting zichtbaar worden
zal de karikatuur van de glazen
kaasstolp snel verdwijnen. Een
gevoel van eigenwaarde en
zelfbewustheid van de Kamer als
geheel kan daarbij niet gemist
worden. Ik hoop dat alle betrokkenen
in dit huis hieraan gezamenlijk vorm
en inhoud weet te geven. Veel
sterkte daarbij! Vanaf nu zal ik de
Kamer zoals zo velen vanaf de zijlijn
volgen.
Het gaat U allen goed, met
vriendelijke groet,
(w.g.) Flip Buurmeijer.’’
(Applaus) 

</spreker>
<spreker pagina="37-2570" anker="921" naam="De voorzitter">
 Waarde collega
Buurmeijer. Op 28 augustus 1979
werd u lid van de Kamer. Vanaf dat
moment bent u zonder onderbreking
lid van de Kamer geweest, dus meer
dan 15 jaar. In die periode hebt u
deel uitgemaakt van belangrijke,
soms minder belangrijke kamercom-
missies. U bent niet alleen lid van
die commissies geweest, maar ook
actief lid. Die commissies waren die
voor Binnenlandse Zaken, Civiele
Verdediging, Volksgezondheid,
Sociale Zaken, van welke commissie
u ook ondervoorzitter bent geweest,
de toenmalige commissie CRM, de
commissie voor de Werkwijze, de
commissie-Dees en niet in de laatste
plaats de Enqueˆtecommissie
uitvoering sociale verzekering.
Hiervan bent u een bekwaam
voorzitter geweest, zodat deze
commissie minder onder de officie¨le
naam en meer als de commissie-
Buurmeijer de geschiedenis in zal
gaan. Ten slotte bent u vanaf
september 1989 lid van het
Presidium van de Kamer geweest en
vanaf mei van dit jaar niet alleen lid
van het Presidium, maar ook eerste
ondervoorzitter van de Kamer.
Wat betreft de activiteiten van uw
fractie, meld ik dat u tot twee keer
toe het gebracht heeft tot de
belangrijke functie van fractie-
secretaris.
In uw brief gaat u uitvoerig in op
het functioneren van de Kamer en op
het functioneren van de individuele
leden. Het is goed, dat daarvan een
ieder kennis neemt en daarom heb ik
die passages ook integraal voorgele-
zen. Maar van onze kant wil ik
memoreren de belangrijke bijdrage
die u hebt geleverd aan het werk van
de commissie voor de Werkwijze. In
de afgelopen vier jaar is in die
commissie de grote herziening van
het Reglement van orde voorbereid
en u heeft zich in die commissie
intensief geweerd en in het
afgelopen halfjaar ook intensief
ingezet om het nieuwe Reglement
van orde conform de bedoeling in te
voeren. Iets van de vruchten heeft u
wellicht in de afgelopen maanden
mogen smaken, maar de invoering is
nog niet voltooid. U heeft een
belangrijke inbreng gehad, wanneer
er technische zaken waren, in een
commissie die per definitie technisch
is, maar soms politiek en dan was
uw inbreng ook belangrijk, namelijk
de commissie-Dees met betrekking
tot de rechtspositie van de kamerle-
den.
Ten slotte en niet in de laatste
plaats wil ik u danken voor datgene,
wat u in het Presidium ten behoeve
van het functioneren van de Kamer
hebt gedaan. Uw inbreng was er
daar een van grote betrokkenheid. U
wilde ook – en dat is een hele goede
zaak – mede verantwoordelijk zijn
voor de interne gang van zaken van
de Kamer. En daarbij was u een
liefhebber van discussie¨ren en
doordiscussie¨ren, als u het gevoel
had, dat wij niet precies genoeg
waren. Zo hebt u een belangrijke
bijdrage geleverd, ook binnen het
Presidium en daarmee ten behoeve
van de totale Kamer aan een zo goed
mogelijke besluitvorming.
Collega, wij danken u voor uw
collegialiteit, in welke commissie dan
ook, gewoon hier als kamerlid. Het
ga u goed in uw nieuwe functie!
(Applaus) 

</spreker>
<spreker pagina="37-2570" anker="922" naam="De voorzitter">
 Van dit ontslag is
mededeling gedaan aan de voorzitter
van het Centraal stembureau en aan
de minister van Binnenlandse Zaken.
Ik stel voor, deze brief voor
kennisgeving aan te nemen.
Daartoe wordt besloten. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2570" anker="923" naam="De voorzitter">
 De ingekomen
stukken staan op een lijst die op de
tafel van de griffier ter inzage ligt. Op
die lijst heb ik voorstellen gedaan
over de wijze van behandeling. Als
aan het einde van de vergadering
daartegen geen bezwaren zijn
ingekomen, neem ik aan, dat de
Kamer zich met de voorstellen heeft
verenigd.</spreker>
</blok>
</onderwerp>
</text>

</handeling>


