<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet href="showHAN.xsl" type="text/xsl"?>


<handeling>
<metadata>
<item attribuut="permalink"><![CDATA[http://www.geencommentaar.nl/parlando/index.php?action=doc&filename=HAN1975]]></item>
<item attribuut="Bibliografische_omschrijving">
Behandeling van de brief van de minister van Economische Zaken inzake Borssele (16226, nr. 26)</item>
<item attribuut="Bestand"> 102 Kb</item>
<item attribuut="Rubriek">Energie, water en grondstoffen (Kernenergie)</item>
<item attribuut="Trefwoorden">Kernenergie</item>
<item attribuut="Dossiernr">16226</item>
<item attribuut="Vindplaats">Handelingen 1994-1995, nr. 14, Tweede Kamer, pag. 2590-2610</item>
<item attribuut="Afkomstig_van">Staten-Generaal</item>
<item attribuut="Datum_vergadering">20-12-1994</item>
<item attribuut="Document-id">HAN1975</item>
<item attribuut="Omvang">21 pag.</item> 
<item attribuut="kamer">Tweede Kamer</item>
<item attribuut="doconderwerp">Borssele</item>
<item attribuut="volgendonderwerp">Visumverlening Princen</item>
<item attribuut="doccode">TK 37</item>
<item attribuut="voorzitter">Deetman</item>
</metadata>

<text>

<onderwerp pagina="37-2590">

Aan de orde is de behandeling van:
- de brief van de minister van
Economische Zaken inzake
Borssele (16226, nr. 26).
De beraadslaging wordt geopend. 
<spreker pagina="37-2590" anker="1" naam="De voorzitter">
 De brief is nog niet
gedrukt, maar wel bij allen bekend.</spreker>
<blok pagina="37-2590">

 
<spreker pagina="37-2590" anker="2" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 Mijnheer
de voorzitter! Wij hebben een brief
van de minister gekregen. Daaruit is
duidelijk geworden dat de minister
heeft gekozen voor het moderniseren
en sluiten van de centrale in 2004.
Naar de letter heeft hij hiermee
uitvoering gegeven aan de uitspraak
van de Kamer. Het mag echter
duidelijk zijn dat hiermee geen recht
is gedaan aan de bedoeling van de
indiener van de motie. Ik heb binnen
en buiten deze Kamer steeds
duidelijk gemaakt dat de motie niets
anders beoogde dan op korte termijn
tot sluiting van de kerncentrale te
komen. Dat was immers in lijn met
het verhaal van zowel de minister als
de SEP. Geen levensduurverlenging
betekent dat rendabele modernise-
ring onmogelijk is. Als er geen
modernisering plaatsvindt, moet
Borssele uiterlijk 1 januari 1998
sluiten.
De inzet van de minister in de
gesprekken met de sector na de
kameruitspraak dat bedrijfstijd-
verlenging niet gewenst is, was dan
ook om te komen tot een goedko-
pere modernisering, waardoor deze
toch rendabel zou kunnen zijn bij
sluiting in 2004. De minister is tot de
slotsom gekomen dat dat niet kan.
Goedkope modernisering is niet
mogelijk. Dat is ook niet verbazing-
wekkend, want als dat wel zo zou
zijn, zou de minister eerder volstrekt
gefaald hebben bij zijn beoordeling
van de moderniseringsplannen.
De oplossing die de minister nu
heeft gevonden, is wel moderniseren
en toch sluiten in 2004. Dat betekent
dus een financieel gat. Hoe groot dat
gat is, maakt de minister niet
duidelijk. Hij schrijft dat hij een deel
voor zijn rekening neemt en draagt
in 2004 70 mln. bij. Dat laat de vraag
onbeantwoord, welk bedrag er in
2004 totaal nog resteert aan niet
afgeschreven investeringen. Dat is
een zeer relevante vraag voor de
beoordeling van de deal van de
minister met de sector. De Kamer
moet toch op z’n minst helder voor
ogen hebben hoeveel geld erbij moet
om Borssele open te kunnen houden.
Of dit geld nu van de EZ-begroting of
uit de SEP-middelen komt, doet
weinig ter zake. Uiteindelijk gaat het
in alle gevallen om geld dat door de
gemeenschap wordt opgebracht.
Graag zou ik dus helderheid
hebben over de vraag, welk bedrag
er in 2004 totaal nog resteert aan
niet afgeschreven investeringen. Ik
heb alvast een eigen optelsommetje
gemaakt. het bedrag van 70 mln.
wordt als voorschot verstrekt in de
vorm van een renteloze lening. Dat
betekent dat de gederfde rente op
deze lening uit het Egalisatiefonds er
nog bij opgeteld moet worden. In
tien jaar zal dat gederfde bedrag zich
ruwweg verdubbelen. Ik zit dan
totaal op 140 mln. en daarbij moet
dan nog het aandeel van de sector in
de niet afgeschreven investeringen
worden opgeteld. Ik ben uiteraard
geen financieel expert. Ik zou daar
graag ook een toelichting van de
minister op willen hebben. Die
informatie lijkt mij van groot belang
om in deze zaak een helder oordeel
te vellen.
Hoe dan ook trek ik de conclusie
dat er een zeer fors bedrag op tafel
moet worden gelegd om Borssele
dan toch maar tot 2004 open te
houden. Ik vind dat een absurde
zaak. Er bestaat immers een
overcapaciteit aan produktievermo-
gen, waardoor het vermogen van
Borssele zonder meer gemist kan
worden. Toch wordt er gemoderni-
seerd tegen hoge kosten. Nu dat
financieel niet uitkomt, past de
minister, volgens mijn berekening,
140 mln bij. Ook de sector voegt
daar nog een onbekend bedrag aan
toe. Staat dit de minister nu voor
ogen bij een doelmatige, efficie¨nte
en maatschappelijk verantwoorde
elektriciteitsvoorziening?
Een tweede punt is dat het
voornemen haaks staat op de eis die
de Elektriciteitswet stelt, namelijk
elektriciteit produceren tegen zo laag
mogelijke kosten op een maatschap-
pelijk verantwoorde wijze. Kan de
minister eens uitleggen hoe hij zijn
voorstel kan rijmen met deze eis
conform de Elektriciteitswet? Kunnen
ook de coalitiefracties die het
voorstel steunen, dat uitleggen? Ik
overweeg op dit punt in tweede
termijn een motie in te dienen.
Voorts is het opmerkelijk dat de
minister hier kortgeleden nog met
verve een bezuiniging van 180 mln.
op subsidies voor duurzame energie
en energiebesparing verdedigt,
terwijl hij nu plotseling die 140 mln.
tevoorschijn weet te toveren om een
niet rendabele centrale in bedrijf te
houden. Dat is zuur en niet geloof-
waardig. Datzelfde geldt voor de
Partij van de Arbeid en D66, die
eerder met deze bezuiniging op
energiesubsidies instemden en nu
die heel dure financiering op de koop
toe nemen voor het lijmen van een
politieke breuk. Het geld wordt uit
het Egalisatiefonds gehaald, de
rekening wordt doorgeschoven naar
2004 en dan moet het alsnog uit de
EZ-begroting komen. Dat zou nog
eventueel te billijken zijn als het
geı¨nvesteerd zou worden in een
duurzame toekomstige energievoor-
ziening. Dan zou je het misschien
nog kunnen billijken dat een deel van
de rekening nu bij toekomstige
kabinetten neer wordt gelegd.
Voorzitter! Ik sluit af. Dit voorstel
van de minister is niet anders dan
een politieke uitweg. Alleen kost dat
voorstel Nederland wel een heel fors
bedrag. Ik hoor graag hoe de fracties
die de minister hierbij steunen, dit
kunnen billijken. Verder vraag ik de
Partij van de Arbeid hoe het mogelijk
is dat ook zij dit dure compromis
omarmt. Zij was toch ook voor
sluiting op korte termijn? Blijkbaar is
kort en 2004 hetzelfde voor de Partij
van de Arbeid. De hoeveelheid geld
die daarbij op tafel moet worden
gelegd, is blijkbaar niet van belang.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2591">

 
<spreker pagina="37-2591" anker="3" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Voorzitter! In de vorige debatten over
de kerncentrale Borssele heeft mijn
fractie de minister gesteund in zijn
streven, consistent en bestuurlijk
betrouwbaar te zijn, geheel in de lijn
die zijn voorganger minister
Andriessen had gekozen. Die steun
kreeg hij overigens niet alleen van
mijn fractie, maar bijvoorbeeld ook
van de fracties van het CDA, de VVD
en de SGP.
Ik heb in die debatten niet de
indruk gekregen dat de minister met
die steun verlegen was, integendeel.
Juist daarom was het voor mij
teleurstellend om de brief van de
minister te lezen, waarin hij het pad
der consistentie verlatend uitvoering
heeft menen te moeten geven aan de
motie van mevrouw Vos. Natuurlijk,
voor mevrouw Vos hoeft de minister
niet meer bang te zijn. Hij heeft zich
immers een letterknecht van haar
motie betoond. Een verdienste is het
evenwel niet.
Het was immers precies het soort
motie waarvan eerder de heren
Bolkestein en Remkes terecht hadden
gezegd, dat de minister die maar
naast zich neer moest leggen. Als hij
dat had gedaan, had hij in elk geval
bij mijn fractie en vermoedelijk niet
alleen daar het krediet verworven dat
hij nu dreigt te verspelen. Aan de
technische veiligheid van de
kerncentrale Borssele mankeert
weliswaar weinig, maar het
vermogen van deze centrale om
politieke schade toe te brengen blijft
onveranderlijk groot. Dat is jammer,
zeker omdat het vermeden had
kunnen worden.
Blijkens zijn brief vindt het
minister het nu ineens niet meer
nodig dat Borssele in de jaren 2004
tot 2007 een rol speelt in de
elektriciteitsvoorziening. Als dat waar
is, waarom heeft de minister dat niet
met zoveel woorden eerder gezegd?
Tijdens het algemeen overleg van 7
november zei de minister, dat
volgens de ramingen in het jaar 2003
de overcapaciteit aan elektriciteits-
produktie zal zijn verdwenen en dat
precies op dat moment er vrij veel
centraal vermogen wegvalt. Terecht
voegde hij eraan toe, dat een
bedrijfstijdverlenging van Borssele
tot 2007 daar heel goed bij past.
Waarom horen wij nu het tegenover-
gestelde verhaal? Dat de minister het
idee had gekregen, dat hij politiek in
een klempositie terecht was
gekomen, kan ik begrijpen, maar niet
dat daardoor de ramingen opeens in
een tegenovergesteld daglicht
zouden komen te staan. Hij heeft dus
wat uit te leggen.
Dat geldt ook voor de hernieuwde
toetsing van de minister van het
gewraakte onderdeel van het
Elektriciteitsplan aan de Elektriciteits-
wet 1989. Ik betwist, dat de
beslissing die de minister nu heeft
genomen, mede gebaseerd kan
worden op een bepaling van artikel
16 van die wet, namelijk dat
goedkeuring kan worden onthouden
indien het belang van een goede
elektriciteitsvoorziening mede gelet
op het belang van een goede
energievoorziening in het algemeen
dit noodzakelijk maakt. Kan hij
uitleggen waarom het belang van
een goede elektriciteitsvoorziening
hem naar zijn huidige opvatting de
mogelijkheid biedt thans geen
toestemming te geven voor de
bedrijfsduurverlenging? Ik meen, dat
de minister op deze wijze geen
beroep kan doen op zijn bevoegdhe-
den neergelegd in de Elektriciteits-
wet. Als hij van de desbetreffende
bepaling zo’n extensief gebruik
maakt, dan eigent hij zich in feite de
bevoegdheid toe om in voorko-
mende gevallen zelf het Elektriciteits-
plan geheel in te vullen. Dat is
evenwel nooit de bedoeling van de
wetgever geweest. De bepaling staat
erin om de minister een toetsings-
mogelijkheid te geven voor een
goede elektriciteitsvoorziening, niet
meer en niet minder. Ik zou dan ook
liever hebben gehad, wanneer de
minister had volstaan met het
afkopen van het ongenoegen van
een meerderheid van de Kamer,
maar dan zonder een onverantwoord
oprekken van een wettelijke
bepaling. Als wij deze redenering
goedkeuren, dan mag hij – of
eventueel een opvolger van hem – in
de toekomst veel meer dan destijds
bij het opstellen van de wet ooit is
beoogd.
Voorzitter! Ik wil er geen gewoonte
van maken, maar in dit geval hoop ik
echt, dat bijvoorbeeld een belang-
hebbende met het oog op de
toekomst een beroepschrift tegen
deze verkeerd gemotiveerde
beslissing zal indienen bij het
College van beroep voor het
bedrijfsleven.
De SEP krijgt een tegemoetkoming
van 70 mln. en zal daarmee wel
tevreden zijn. Had dit bedrag nu echt
niet beter besteed kunnen worden, is
een voor de hand liggende vraag,
bijvoorbeeld voor onderzoek naar de
alternatieve energiebronnen. Hoe is
overigens het niveau van dat bedrag
tot stand gekomen? Heeft de
minister eerst ingezet op bijvoor-
beeld 40 mln., daarna 50 mln., 60
mln. om ten slotte na paars te zijn
aangelopen de heren van de SEP
met 70 mln. pas tevreden te stellen?
De Zeeuwen zijn wel zuinig, maar
natuurlijk niet gek. Is de minister het
met mij eens, dat de overheid gaat
betalen voor de veiligheidseisen die
zij eerst zelf had gesteld? Is dit niet
regelrecht in strijd met het beginsel
dat de veroorzaker betaalt? Volgens
de heer Crone is de beslissing van
de minister het begin van het einde
van kernenergie in Nederland, zo
hoorde ik hem voor het journaal. Is
de minister het met die uitspraak
eens? Ook het verkiezingspro-
gramma van D66 lijkt voor een
dergelijke uitspraak ruimte te bieden.
Voorzitter! Het mag duidelijk zijn,
dat mijn fractie de hele gang van
zaken rond de kerncentrale Borssele
en het uiteindelijk resultaat zeer
teleurstellend vindt. De kerncentrale
mag in 2004 met de VUT, maar dat
kost ons wel 70 mln. Zie daar de
discussie over kernenergie in
Nederland. Het is nauwelijks nog uit
te leggen.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2591">

 
<spreker pagina="37-2591" anker="4" partij="PvdA" naam="Crone">
 Mijnheer de
voorzitter! Het kabinet stelt voor, de
kerncentrale Borssele nu definitief in
2004 te sluiten, waarmee wordt
afgezien van het oorspronkelijke
voornemen om de levensduur van
de centrale te verlengen tot 2007.
Mijn fractie kan dit standpunt volgen,
omdat nu voor het eerst in Neder-
land wordt besloten dat in ons land
geen plaats meer is voor kern-
stroomproduktie met oude centrales.
De discussie over nieuwe types
centrales, inherent veilig of hoe
verder ook gedefinieerd, is natuurlijk
een andere discussie, zo zeg ik tegen
mijn collega Van Middelkoop. Wij
zijn echter blij dat daarmee een eind
komt aan de oude generatie
kernstroomproduktie in Nederland.
Zover waren wij nog niet eerder
gekomen.
Onze oorspronkelijke inzet, de
sluiting naar voren halen, is daarmee
grotendeels geslaagd, al kun je altijd
twisten over het moment waarop. Ik
kom daar uiteraard zo op terug. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="5" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Begrijp ik dat de heer Crone nu iets
afdoet van zijn stellige bewering, de
vorige week in het journaal, dat deze
beslissing het begin van het einde
van de kernenergie in Nederland is?
Ik citeer hem daarmee echt letterlijk. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="6" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik licht het
hier wat uitvoeriger toe dan
waarvoor ik toen de tijd kreeg. Het
gaat nu over een oud type kernener-
gie. Daar is het debat steeds over
gegaan. Wij willen er een eind aan
maken. Wij hebben altijd gezegd dat
de discussie over nieuwe, inherent
veilige centrales nog voluit gevoerd
zal worden. Daar loop ik nu niet op
vooruit. Wij zien wel hoe dat afloopt.
Je houdt nog een groot aantal
problemen over van de centrale zelf,
van het kernafval enz. Dat probleem
is te groot om er nu even over te
debatteren. Het staat los van de
besluitvorming van vandaag. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="7" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Mag ik het zo verstaan, dat u uw
opmerking voor het journaal nu wat
relativeert, namelijk uitsluitend van
toepassing verklaart op de huidige
generatie kerncentrales? Wilt u
daarmee niet voor de toekomst elk
gebruik van kernenergie in Neder-
land afsnijden? Zo stellig heb ik uw
uitspraak van toen echt wel
begrepen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="8" partij="PvdA" naam="Crone">
 Laten wij nu
debatteren over wat ik hier zeg. Dat
is volstrekt helder. Wij spreken nu
over de kerncentrale Borssele. Wij
hebben geen enkele behoefte aan
nieuwe kernenergie op korte termijn.
Niemand zal dat hebben, want wij
hebben al overcapaciteit. Iedereen
weet dat er nog niet eens inherent
veilige centrales op de tekentafel zijn,
laat staan dat zij al zouden kunnen
worden ingevoerd. Ik hoef op de
vraag niet te antwoorden, maar als
de heer Van Middelkoop dat liever
hoort, zeg ik hem dat wij er geen
enkele behoefte aan hebben. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="9" partij="CDA" naam="Lansink">
 De heer
Crone spreekt over het definitieve
einde of het begin van het einde van
kernenergie in Nederland. Daartoe
hoort natuurlijk ook de kernenergie
die wij invoeren uit centrales die
vlakbij staan. Wanneer is een
voorstel van de Partij van de Arbeid
te verwachten om de contracten
open te breken? Dat zou in het
verlengde daarvan moeten liggen.
Waarom spreekt hij daar niet over?
Dit is toch hypocrisie van de
bovenste plank? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="10" partij="PvdA" naam="Crone">
 Reeds in
vorige periodes hebben wij
voortdurend gezegd, dat wij de
discussie over duurzaam energie-
gebruik in Nederland willen blijven
voeren. Daaronder valt de discussie
die de heer Lansink wil voeren. Die
zal ik de volgende keer niet uit de
weg gaan. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="11" partij="CDA" naam="Lansink">
 Nee, ik
vroeg of van u voorstellen... 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="12" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik zeg u dat ik
die discussie niet uit de weg zal
gaan. Moet ik het nog duidelijker
zeggen? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="13" partij="CDA" naam="Lansink">
 Wij kunnen
altijd praten en discussie¨ren, tot na
het jaar 2004, als wij dat tenminste
samen kunnen meemaken. Voor mij
is dat natuurlijk twijfelachtig, maar
dat heeft met leeftijdsgrenzen te
maken. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="14" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Volhouden! 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="15" partij="CDA" naam="Lansink">
 De heer
Crone is hypocriet als hij inkomende
kernstroom van centrales die vlakbij
staan accepteert. Qua bouw en
veiligheid moeten die ongeveer gelijk
en misschien zelfs minder gewaar-
deerd worden dan die in Borssele na
modernisering. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="16" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik vind het
gebruik van dit soort woorden
buitengewoon sterk. Ik heb in alle
voorgaande debatten over de
kerncentrale Borssele en bij de
behandeling van het Elektriciteitsplan
gezegd, dat onze inzet voortdurend is
geweest om onze energievoorziening
zoveel mogelijk op een duurzame
leest te schoeien. Daarbij heb ik er
voortdurend de nadruk op gelegd,
dat wij in het debat open zullen
blijven staan voor en suggesties
zullen blijven doen om af te komen
van kernstroom. Voor een deel is
daarvoor een Europese aanpak
nodig. De heer Lansink heeft daar
volkomen gelijk in. Wij zullen op het
goede moment met voorstellen
komen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="17" partij="VVD" naam="Remkes">
 Dat is voor
een deel geen Europese aanpak,
want niets had de fractie van de
Partij van de Arbeid in de weg
gestaan om bij de behandeling van
het E-plan het signaal te geven, dat
geen import van kernstroom meer
zou moeten plaatsvinden in
Nederland. Het is de vraag waarom
de fractie van de Partij van de Arbeid
zich zo eenzijdig richt op de in
Nederland opgewekte kernenergie en
niet op de andere component. Ik pleit
daar niet voor, maar het zou wel zo
consistent zijn geweest. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="18" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik begrijp
echt niet zo goed waarom dit punt
opeens zo sterk opkomt. Ik kan alleen
herhalen wat ik in alle debatten
steeds heb gezegd. Wij zullen dat
voortdurend blijven inbrengen in de
discussie over het Elektriciteitsplan.
Het is destijds door mij opgemerkt.
Dat kan nog worden nagezien. Ik heb
toen geen concreet voorstel gedaan,
maar wij voeren een discussie over
een totaalpakket, waarbij aan de orde
komt hoeveel stroom wij nodig
hebben, hoe snel voor vervangende
stroom kan worden gezorgd, enz.
Voor de kerncentrale Borssele geldt
natuurlijk meer dan voor stroom die
van elders komt, dat wij onze eigen
verantwoordelijkheid hebben, voor
onze eigen afvalproblematiek enz.
Die perspectieven heb ik ook altijd
aangegeven. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2592" anker="19" partij="CDA" naam="Lansink">
 Juist omdat
wij spreken over een heel pakket, zou
het in de rede hebben gelegen dat u
dit bij de behandeling van het
Elektriciteitsplan, waarbij de import
een element is, naar voren had
gebracht, in plaats van uw aandacht
hier eenzijdig te richten op de
centrale Borssele, omdat die
toevallig in het verkiezingspro-
gramma voorkomt. Ik val de heer
Remkes bij. Ik blijf het een schijnhei-
lig beleid vinden. U kunt zich daar
kennelijk niet tegen verweren. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="20" partij="PvdA" naam="Crone">
 Voorzitter!
Een belangrijk argument voor het
besluit om de centrale in 2004 te
sluiten, is dat de investering ter
vergroting van de veiligheid, het
modificatieprogramma van 473 mln.,
op 70 mln. na niet kan worden
terugverdiend. Onze oorspronkelijke
reactie, die nog steeds verdedigbaar
is, was dat de centrale dan net zo
goed versneld gesloten kan worden.
Overigens moeten bij de kostenbere-
kening ook de kosten van de opslag
van het afval en de bedrijfstijd
betrokken worden. Men gaat uit van
een hoge schatting voor de
bedrijfstijd, ondanks de modificatie.
In de huidige situatie kunnen wij
kiezen tussen beknibbelen op het
veiligheidsprogramma, wat gelukkig
niemand wil, wij zeker niet, en
accepteren dat er een tekort van 70
mln. ontstaat. Ik heb overigens de
indruk dat er ook op dat bedrag veel
af te dingen is of dat er veel aan toe
te voegen is, maar uit de brief heb ik
begrepen dat dit bedrag het resultaat
van overleg is, een onderhandelings-
resultaat. Op zichzelf is dit niets
bijzonders, het komt vaak voor dat
milieu- en veiligheidseisen tot
verhoging van de prijs van het
produkt leiden. Van deze hoofdregel
zou wat ons betreft niet afgeweken
behoeven te worden, maar in dit
geval heeft de sector succesvol
onderhandeld. Men heeft met het
kabinet geregeld dat er 70 mln. uit
een speciaal potje wordt gehaald,
namelijk uit de voorziening voor de
egalisatie van tarieven, de VET.
Overigens is dit potje er juist om
tariefschommelingen te vermijden en
het bedrag van 70 mln. is natuurlijk
niet meer dan een minimale,
waarschijnlijk nauwelijks waarneem-
bare rimpeling in de ontwikkeling
van de elektriciteitstarieven. Als je
het zo beziet, kun je zeggen dat het
geld uit het potje anti-rimpelcre`me
komt. Over de precieze kosten is dus
nog discussie mogelijk.
Wij vinden dat het beeld van dit
geheel in het politieke rumoer van
verleden week op twee manieren
vertekend is. Er is opgemerkt dat er
nu 70 mln. over de balk wordt
gesmeten. Dit lijkt mij onjuist, want
dan kun je net zo goed zeggen dat er
473 mln. over de balk wordt gegooid,
want wij kiezen voluit voor veilig-
heid, daar willen wij niet op
beknibbelen. Veiligheids-
voorzieningen hebben dus hun prijs,
maar ook het argument dat de
burger er bij verlenging van de
levensduur tenminste stroom voor
terugkrijgt, is natuurlijk maar een
deel van het verhaal. Er zal immers
in de periode van 2004 tot 2007
vervangende stroom worden ingezet,
wat je dan ook bij die kosten-
vergelijking zou moeten betrekken. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="21" partij="CDA" naam="Lansink">
 Wie heeft er
voor een vertekening van het beeld
gezorgd? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="22" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik vond de
uitspraak van collega Remkes over
geld over de balk smijten nogal
overdone. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="23" partij="CDA" naam="Lansink">
 U doet ook
geen andere uitspraak? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="24" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik had deze
net op het oog. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="25" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter! Is
de heer Crone het eens met mijn
constatering dat het bij een besluit
tot verlenging van de levensduur tot
2007 geen 70 mln. zou hebben
gekost? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="26" partij="PvdA" naam="Crone">
 Nee. Ik heb
gezegd dat dit bedrag van 70 mln.
een onderhandelingsresultaat is, dus
het zal wel nimmer duidelijk worden,
hoeveel daarvan precies aan het een
of aan het ander toegerekend moet
worden. Ik zal daarmee leren te
leven, want zo gaat het nu eenmaal
met de interpretatie van cijfers. Ik
heb al uitvoerig aangetoond dat er
meningsverschillen mogelijk zijn,
bijvoorbeeld afhankelijk van de inzet
van vervangende stroom. Neem je
de goedkoopste vorm van warmte-
krachtkoppeling, met grote centrales
en maximaal inzetbaar, of een
duurdere vorm? In het ene geval is
de prijs 5 cent, in het andere 7 of 8
cent. Een opmerking maken in de zin
van geld over de balk smijten is dus
goedkoop, als er geen alternatieven
worden aangegeven. Bij inzet van de
goedkoopste energie wordt wellicht
dat bedrag van 70 mln. terugver-
diend, al zal het niet helemaal
lukken. Maar als wij auto’s van een
katalysator willen voorzien omdat het
goed voor het milieu is, gaan wij er
toch ook niet van uit dat men dan
automatisch een korting op de
benzineprijs krijgt? Wij stellen eisen
op het gebied van milieu en
veiligheid, dat mag in andere
gevallen toch ook geld kosten? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="27" partij="VVD" naam="Remkes">
 Ik stel vast
dat de heer Crone met mij erkent dat
er nu 70 mln. door de minister van
Economische Zaken betaald wordt.
Dat was bij het alternatief niet nodig
geweest. Daar gaat het om. Straks
houd ik een bredere financie¨le
beschouwing. Er is namelijk wel iets
meer over te zeggen dan alleen dit. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="28" naam="De voorzitter">
 Daartoe krijgt u straks
de gelegenheid. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="29" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik onder-
schrijf niet de conclusie van de heer
Remkes. Het is veel ingewikkelder
dan de overweging ’’was de centrale
maar langer open, want dan hadden
wij 70 mln. bespaard’’. Als de
centrale langer open blijft, wordt er
ook meer kernafval geproduceerd dat
tot in lengte van jaren letterlijk moet
worden bewaakt, bewaard, enzo-
voorts. Dat alles moet ook in het
kostenplaatje opgenomen worden. Ik
heb nu niet de behoefte om dat zo
gedetailleerd te doen als een aantal
weken geleden is gebeurd. Maar de
redenering dat wij anders de 70 mln.
op onze sloffen hadden terugver-
diend en dat dit nu niet lukt door een
alternatieve inzet, is hooguit ten dele
waar. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="30" partij="SGP" naam="Van der Vlies">
 Ik kan
het billijken van een coalitiefractie
dat die wat wil toegroeien naar het
kabinetsbesluit. Wij weten ook dat
daarvoor wat massage of gymnastiek
nodig is. Maar de heer Crone moet
het niet te gek maken. Hij heeft hier
enkele weken geleden gezegd dat de
verlenging van de openstelling van
de centrale van 2004 naar 2007 om
het verlies van 70 mln. of daarom-
trent te voorkomen, niet moet doorgaan. Hij heeft ook gezegd:
daarom maar zo gauw mogelijk van
dat ding af. Dit was de kern van zijn
betoog, hoewel ik het nu wat populariseer. Nu zegt de heer Crone:
modificeren is goed en het verlies
nemen wij maar. Ditzelfde verhaal
had hij twee weken geleden echter
ook kunnen houden. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2593" anker="31" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik zeg
helemaal niet dat dit het enige of
zelfs maar het best denkbare besluit
is. Ik tel echter mijn zegeningen. Een
daarvan is dat ons standpunt tot een
versnelde sluiting van de centrale
zou leiden. Dat geldt als wij het hier
alleen voor het zeggen hadden, maar
gelukkig is dat niet zo in een
democratie. De kosten van een
versnelde sluiting hingen af van de
alternatieven en het omgaan met de
overcapaciteit. Daarover verschilden
de meningen. Ik heb toen vastgesteld
dat de kosten ergens tussen de 0 en
180 mln. liggen. Het laatste bedrag
had de sector berekend; ik kwam met
mijn berekening wat lager uit. Wij
hebben die kosten voor onze
rekening willen nemen; als wij
morgen de kans krijgen, doen wij dat
weer.
Maar bij politiek gaat het er ook
om, het proces te volgen. Daarbij
gaat het om de vraag waar de
verschillende partijen beginnen en
hoe de maatschappelijke discussie
zich ontwikkelt. Welnu, tegen die
achtergrond verdedig ik mijn huidige
standpunt. Dat houdt niet het ideaal
in van enkele weken geleden, maar
het komt wel heel dicht bij wat wij steeds willen: geen verlenging van
kernstroom in Nederland. Heel duidelijk gezegd: er is nog nooit
besloten dat de centrale niet langer
dan tot 2004 open mag blijven. Daar
is ook een heel traject aan voorafge-
gaan. De Kamer heeft nog geclaimd
dat daarover pas beslist mag
worden, als de Kamer ter zake een
uitspraak heeft gedaan. Ik herinner
onder andere aan de
2-minutendebatten in juni. Welnu, op
dat traject hebben wij heel zuiver
gehandeld en op de goede momen-
ten de discussie opengebroken. Wij
hebben inderdaad geconcludeerd dat
de kerncentrale niet langer dan tot
2004 open blijft. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2594" anker="32" partij="SGP" naam="Van der Vlies">
 De
heer Crone moet natuurlijk doorgaan
met het tellen van zijn zegeningen.
Dat is op zichzelf een heel goede
bezigheid. Maar hij moet niet het
beeld schetsen dat hij een kinder-
hand heeft die te gauw gevuld kan
zijn. Hij heeft hier zijn positie
verdedigd met een keur van
argumenten, waarmee ik het niet in
alle opzichten eens was, maar
waarvan sommige mij wel aanspra- ken. Zijn standpunt was: laten wij dat
ding maar zo gauw mogelijk sluiten;
dat is goed voor alles en nog wat.
Nu houdt hij een verhaal dat de
centrale gemodificeerd kan worden
en tot 2004 open kan blijven; die 70
mln. zal geen weggesmeten geld
zijn. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2594" anker="33" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik heb
uitentreuren uitgelegd dat dit niet
onze voorkeur had. In die weken
heeft iedereen heel duidelijk het
standpunt van de PvdA-fractie
vernomen, als wij die kans hebben.
Ik begrijp dan ook niet dat men mij
verwijt dat ik mijn positie niet
duidelijk heb gemaakt.
Ik heb evengoed duidelijk gemaakt
dat posities veranderen in de totale
politiek. Er is nu namelijk een optie
die er een aantal weken geleden niet
was. Het is wel toeval dat de minister indertijd heeft gezegd:
gesteld dat het 70 mln. goedkoper
kan. Nu blijkt dat bedrag ineens een
andere betekenis te krijgen. Dat is de
toeval van het getal. Maar misschien
kan de minister hier nog iets over
zeggen. Voor de rest is onze politieke
positie volkomen duidelijk vanaf de
discussies in juni. Het is ook duidelijk
dat wij niet ten volle halen wat wij
wensen. Tevens is duidelijk dat wij
voor het eerst in Nederland besluiten
dat wij ophouden met dit type
kernstroom. Ik mag toch wel
uitdragen dat dit een succes is?
Iedereen mag nagaan hoe groot het succes is: of het glas half vol dan wel
half leeg is, dat laat ik graag aan
anderen over. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2594" anker="34" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 De heer
Crone was er vorige week inderdaad
als de kippen bij om te roepen dat
het allemaal prachtig was. Maar ik
moet eerlijk zeggen dat ik zijn fractie
niet kan volgen. Ik wil hem dan ook
aanspreken op zijn uitlating van
zoe¨ven dat er op dit moment maar
twee mogelijkheden zijn, namelijk
open houden tot 2007, hetgeen zijn
fractie niet wil, of de veiligheidseisen
aantasten, en dat wil zijn fractie ook
niet. Kortom, zijn partij heeft het geld
ervoor over om de veiligheidseisen
op peil te brengen. Maar hij heeft
zelf in het debat, zoals ook door
collega Van der Vlies werd aangege-
ven, de andere optie aangegeven,
namelijk zo spoedig mogelijk sluiten.
Waarom hoor ik hem die andere
optie niet meer ter tafel brengen? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2594" anker="35" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik heb nu
vele malen, ook in antwoord op
interrupties, gezegd dat die optie
geen politiek ree¨le optie meer is. Ik
sta hier niet om nog eens uit te
leggen wat ik al die weken en
maanden vond, want dat is volstrekt
duidelijk. De motie die wij op dit
punt zelf hebben ingediend en die
helaas niet door uw fractie werd
ondertekend, heeft het niet gehaald.
Ik zie geen enkele mogelijkheid dat
die motie, bij hernieuwd indienen,
het nu wel zou halen. Ik dien haar
dus niet in, want daar heb ik geen
behoefte aan. Ik kan wel vanaf de
kant roepen dat het allemaal nog
mooier kan in de wereld, maar... 

</spreker>
<spreker pagina="37-2594" anker="36" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 U staat
niet aan de kant, uw partij zit nota
bene in het kabinet! Van een partij
die een dergelijke glasheldere motie indient waarin twee opties staan: o`f
de centrale wordt gemoderniseerd
en open gehouden tot 2007, o`f de
centrale wordt zo snel mogelijk
gesloten, en die zich uitspreekt voor
die laatste optie, verwachten wij dat
zij op z’n minst grote vraagtekens
plaatst bij de mogelijkheid die de
minister heeft gevonden. Die
mogelijkheid komt er immers
kortweg op neer dat de minister 70
mln. – volgens mij wordt dat meer –
gaat stoppen in het open houden en
moderniseren van de centrale? Daar
gaat u nu zomaar mee in zee. Ik vind
het een zeer vreemde gang van
zaken dat u zo snel door de bocht
gaat. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2594" anker="37" partij="PvdA" naam="Crone">
 Voorzitter! Ik
geloof niet dat wij snel door de
bocht zijn gegaan. Het debat is
buitengewoon zorgvuldig geweest en
het heeft alle aandacht gekregen. Wij
gaan niet door de bocht, maar wij
constateren slechts dat je in een
proces van geven en nemen zit. Voor
ons is dat niets nieuws. Wij kiezen
liever voor dit resultaat, dat dicht bij
onze inzet ligt, namelijk geen
verlenging van de bedrijfsduur. Wij
willen nog steeds de consequentie
aanvaarden om, indien dat mogelijk
is, versneld te sluiten. Als daar
evenwel geen meerderheid voor te
vinden is, zij het zo.
Tot slot was ik ook nieuwsgierig,
voorzitter, naar de zinsnede in de
brief van het kabinet waarover vorige
week ook een discussie is geweest.
Zou een langere openstelling al dan
niet in beeld kunnen komen wanneer
dit kabinet er niet meer is? Volgens
mij is de brief helder. Daarin staat
dat zowel de vergunningverlener
maar ook de sector zelf het definitief
wil afmaken op 2004. Ik wil het
kabinet daaraan houden en ik krijg
graag een verzekering van de
minister dat de zaak wordt dichtge-
timmerd.
Ik rond af, want de interrupties
hebben een groot deel van mijn
betoog overbodig gemaakt. Ik denk
dat het proces voor ons tot een
aanvaardbare oplossing heeft geleid
die wij kunnen verdedigen en waarin
inderdaad sprake is van geven en
nemen, ook voor de mensen die de
kerncentrale langer open hadden
willen houden.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2595">

 
<spreker pagina="37-2595" anker="38" partij="SGP" naam="Van der Vlies">

Mijnheer de voorzitter! Na ampele
overwegingen heeft het kabinet
uiteindelijk de knoop doorgehakt en
een beslissing genomen over
Borssele. De kerncentrale moet dicht
in het jaar 2004, maar het
modificatieprogramma gaat gewoon
door. Het Rijk zal de SEP schadeloos
stellen voor 70 mln. Dat is kort
gezegd het compromis waarop het
kabinet is uitgekomen.
Voorzitter! De fractie van de SGP
die de minister eerder steunde
vanwege de gevoerde steekhou-
dende argumenten, staat bepaald
niet te juichen bij de inhoud van dit
kabinetsbesluit. De regering heeft
getracht, uitvoering te geven aan een
motie waarvan bekend is dat
daaraan in de Kamer ten minste drie interpretaties werden meegegeven:
1. zo snel mogelijk sluiten;
2. wel modificeren, maar sluiten in
2004;
3. inhoudelijk tegen deze motie met
de uitleg van de indienster, maar er
toch voor omdat de Kamer zich niet
wil binden aan een besluitvormings-
traject over de inzetbaarheid van
kernenergie in de toekomst.
Wie van de voorstemmers op de
motie van mevrouw Vos kan nu echt
tevreden zijn met het bereikte
resultaat? Zijn de voorstemmers nu
echt van mening dat het kabinet de
motie naar hun zin uitvoert? De
fractie van GroenLinks heeft in elk
geval niet haar zin gekregen.
Mevrouw Vos heeft dat zojuist helder
verwoord. Borssele blijft tegen haar
zin open tot 2004. D66 zal in zoverre
tevredengesteld kunnen zijn, dat de
bedrijfsduur van Borssele niet wordt
verlengd tot het jaar 2007. Deze
fractie kan hierdoor haar milieu-
gezicht proberen te redden. Ik bedoel
dit op zichzelf niet denigrerend. Maar
daar zit dan wel een prijskaartje aan
vast van ten minste zo’n 70 mln.
Men kan nu eenmaal niet voor een
dubbeltje op de eerste rij zitten.
Ook overigens door mij gewaar-
deerde collega’s van de RPF-fractie
willen toch niet beweren, dat de
inhoudelijke uitkomst van het
Borssele-dossier hun werkelijk in alle
opzichten heeft kunnen tevredenstel-
len? Het is zeer spijtig dat het zoveel
geld moet gaan kosten. Maar de
fracties die de motie hebben
gesteund, kunnen nu moeilijk anders
meer dan erkennen dat zij met de
oplossing zullen zien te leven.
Ik heb wel enkele expliciete vragen
aan de minister. Graag hoor ik nader
door hem toegelicht hoe het kabinet
tot zijn afweging is gekomen. De
minister heeft terstond na de
stemming over de bewuste motie
laten blijken dat hij het nemen van
zijn eigen verantwoordelijkheid niet
zou schuwen. Ik vond dat flink. Hij
heeft er toen zelf ook op gewezen
dat drie verschillende interpretaties
van de motie in omloop zijn.
Ik moet zeggen dat de uitkomst
van het kabinetsberaad mij toch wat
heeft verbaasd. En waarom?
Uiteindelijk heeft het kabinet gekozen
voor een optie die het aanvankelijk
en nogal resoluut van de hand wees.
Het argument was steeds dat
verlenging van de levensduur tot
2007 absoluut noodzakelijk was om
de kosten van het modificatie-
programma eruit te kunnen halen.
Het doorgaan van de modificatie en
verlenging van de bedrijfstijd zijn
steeds gekoppeld geweest. En die
koppeling is nu losgelaten.
Mijn tweede expliciete vraag is of
het nu voor de minister echt als een
paal boven water staat dat de
centrale werkelijk per 2004 sluit. Of
houdt hij het voor mogelijk dat later
– ons scheiden van dat jaartal nog
heel wat jaren – opnieuw een
discussie kan oplaaien om de
bedrijfsduur alsnog te verlengen? De
economische levensduur kan dan ten
einde zijn, de technische levensduur
wellicht niet. De centrale is immers
gemodificeerd, staat er straks weer
keurig strak voor. Dan zou de
verleiding groot kunnen zijn.
70 mln. als een soort smartegeld
voor de SEP is niet niets. Waar komt
die 70 mln. vandaan? Ik heb
begrepen dat dat de inschatting is
van de rendementsderving over de
jaren 2004 tot 2007. Daar krijgt de
overheid en dus de samenleving
niets voor terug. Eigenlijk wordt hier
een forse som geld over de balk
gesmeten. Is het kabinet door de
kniee¨n gegaan om de verhoudingen
met de coalitiepartners niet nog
verder te belasten? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2595" anker="39" partij="PvdA" naam="Crone">
 Wij vragen
toch zo vaak aan burgers en
bedrijven om een bepaalde
investering te doen vanwege milieu-
en veiligheidsdoelen. Van zo’n
investering weten wij ook wel eens
van tevoren dat het niet in het
kostenpatroon past. Maar dan willen
wij het toch. Dat is toch een
betrekkelijk normale redenering? Ook
in dit geval is geen sprake van
weggegooid geld. Die centrale wordt
veiliger. Wij kunnen ook wel zeggen
dat wij die 473 mln. helemaal niet
gaan uitgeven. Dan wordt de stroom
van Borssele nog goedkoper. Wil de
heer Van der Vlies eens op deze
redenering reageren? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2595" anker="40" partij="SGP" naam="Van der Vlies">

Wellicht heeft de heer Crone ergens
een voorbeeld. Er is ter zake van
milieuwetgeving en dergelijke de
laatste tijd heel veel gebeurd. Maar
ik ken heel veel discussies over het
probleem dat weliswaar milieu-
normen worden gesteld waaraan een
prijskaartje hangt, maar waarbij de
ondernemer dan in vrijheid bepaalt
of hij die investering wel of niet
aangaat. En als hij die investering
aangaat, gaat het om een overigens
in de tijd ongelimiteerd kunnen
ondernemen, dan wel voor de duur
die hij overigens voor zijn investe-
ring voorzag. Maar die situatie
verschilt van de situatie in Borssele. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2595" anker="41" partij="PvdA" naam="Crone">
 Na de ramp
in Tsjernobyl is toch steeds vanuit de
Kamer gezegd dat de centrale nog
eens moest worden doorgelicht op
veiligheidseisen. Daar is dit pakket
uitgekomen. Er is uitvoerig over
gedebatteerd. Het kost 473 mln. Natuurlijk mag dan de sector zeggen:
als we de centrale langer open
houden, verdienen wij een deel van
het geld terug. Wij weten sinds een
week dat dat is afgemaakt op 70 mln.
Maar op zichzelf is dat voor ons geen reden om te zeggen: dan mag het
dus ook. Nee, wij zeggen zo vaak
tegen sectoren dat het, als zij het niet
zelf kunnen betalen uit welke
investeringen of opbrengsten dan
ook, tot een prijsstijging kan leiden.
Denk maar aan de afvalstoffen- heffing: wij vragen de burgers toch
ook een hoge bijdrage in de
afvalstoffenheffing? Er zijn duizenden
voorbeelden te geven waarbij
burgers of bedrijven wordt gevraagd
om versneld af te schrijven en
nieuwe apparatuur te installeren
vanwege milieuredenen. Zij kunnen
de vervroegde terugschrijving dan
ook niet terughalen. Dat komt zo
vaak voor. Ik vind dat daar nu
overdreven op wordt gereageerd. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2596" anker="42" naam="De voorzitter">
 Dat is duidelijk. Ik
wijs de heren Remkes en Lansink
erop dat zij hun betoog in eerste
termijn nog moeten voeren. Het
woord is aan de heer Van der Vlies. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2596" anker="43" partij="SGP" naam="Van der Vlies">

Voorzitter! Er valt lang over te
praten. De heer Crone heeft mij niet
overtuigd. Als ik door de overheid
word gedwongen om in mijn oude
auto een katalysator in te bouwen,
dan kan ik in vrijheid beslissen om
de auto aan de kant te zetten o`f om
de katalysator in te bouwen. Maar
dan moet ik wel het perspectief
hebben dat ik nog een poosje kan
rijden met dat ding. Dat is eigenlijk
het praktische dilemma hier. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2596" anker="44" partij="PvdA" naam="Crone">
 Daarom
hebben wij er ook begrip voor dat
het bedrag van 70 mln. niet
automatisch wordt verwerkt in de
elektriciteitsprijs. Er is een intelli-
gente oplossing gevonden, waarbij
deels betaling uit het potje van de
overheid en natuurlijk van de
burgers plaatsvindt. Het maakt niet
veel uit of de burgers via dat potje of
via een fractioneel hogere energie-
prijs betalen. Uiteindelijk betalen de
burgers natuurlijk zelf voor de
veiligheidsvoorzieningen. Maar
daarmee is het nog geen wegge-
gooid geld. Dat zijn van die grote
woorden! 

</spreker>
<spreker pagina="37-2596" anker="45" naam="De voorzitter">
 U valt in herhaling. Ik
geef het woord aan de heer Van der
Vlies, die zijn betoog kan voortzetten. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2596" anker="46" partij="SGP" naam="Van der Vlies">
 En die
bezig was zijn betoogje af te ronden,
voorzitter.
Borssele kan opgelucht ademha-
len, in die zin dat de centrale nog
tien jaar open blijft. Ik heb het nu
over de sociale aspecten, de onrust
onder het personeel etcetera. Maar
de SGP-fractie heeft aan de
parlementaire discussie een
vervelende nasmaak overgehouden,
waarbij ik nogmaals herinner aan de
aarzeling die ook wij gedurende het
debat wezenlijk hebben gehad over
de deugdelijkheid van de van diverse
kanten overgelegde cijfers. De
minister zal zich die cijfers herinne-
ren. Hij heeft ze ook verduidelijkt. Het
verschil tussen 2004 en 2007 ging in
dit huis slechts om drie stemmen. Ik constateer: het waren dure stemmen.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2596">

 
<spreker pagina="37-2596" anker="47" partij="VVD" naam="Remkes">
 Mijnheer de
voorzitter! De VVD-fractie heeft de
brief van de minister met begrip
maar toch met gemengde gevoelens
gelezen. De ene kant van de medaille
is dat er nu duidelijkheid en
zekerheid is ontstaan. Daar hebben
alle betrokkenen belang bij. De
centrale blijft open tot 2004. Sluiting
in 2004 komt aanmerkelijk dichter bij
het VVD-standpunt dan de indieners
van de motie hebben beoogd. Dat is
vanuit ons standpunt bezien winst.
Wij waarderen het zeer positief dat
de minister het niet daarheen heeft
geleid dat de centrale al in 1996
wordt gesloten. En dat was toch de
intentie van de indienster van de
motie. In verband met de te cree¨ren
rust in Borssele merk ik nog op dat
anders in het jaar 2004 de vergun-
ning verlengd had moeten worden.
Dat had dan onherroepelijk een
verlenging van de soap-opera
betekend die wij hier de afgelopen
paar weken rond dit onderwerp
hebben zien opvoeren. Deze
elementen waarderen wij zeer
positief. De andere kant van de medaille is:
2004 is geen 2007, waarvoor de
VVD-fractie op bedrijfseconomische
gronden een zeer nadrukkelijke
voorkeur had. Wij constateren dat er
een motie-M.B. Vos ligt, aanvaard
door een nipte parlementaire
meerderheid. Dat is ook voor de
VVD-fractie een politiek gegeven. Wij
hebben daarin te berusten. De
perspectieven om alsnog langs
parlementaire weg voor 2007 te
realiseren, wordt door ons buitenge-
woon gering ingeschat. De kernvraag voor de VVD-fractie is dan ook: hoe
moeten wij de uitvoering van de
motie-M.B. Vos door het kabinet
beoordelen? Ik heb er al iets over
gezegd. Ik voeg daaraan toe dat wij
het in ieder geval waarderen dat de
minister alle opties zorgvuldig heeft
overwogen.
Er leven evenwel een aantal
indringende vragen bij de VVD-
fractie. In het verleden hebben wij
geconstateerd dat het kabinet bij dit
onderwerp een eigen verantwoorde-
lijkheid heeft. De minister heeft
tijdens het algemeen overleg en ook
in deze Kamer te kennen gegeven,
voornemens te zijn het besluit van
zijn voorganger uit te voeren, dus te
besluiten tot levensduurverlenging.
Verder heeft hij tijdens het algemeen
overleg benadrukt dat er goede
argumenten moeten zijn om op het
eerder genomen besluit terug te
komen, onder de erkenning dat in
het kader van de Greenpeace-
procedure een volledige heroverwe-
ging aan de orde is, waarbij ook
nieuwe beleidsinzichten een rol
kunnen spelen. Ik vraag de minister
of sprake is van nieuwe beleidsin-
zichten en, zo ja, welke.
De minister benadrukt in de brief
dat nogmaals is getoetst aan het
bepaalde in artikel 16, lid 2, sub b,
van de Elektriciteitswet. De desbe-
treffende bepalingen zijn al
geciteerd. De minister gebruikt
vanuit die bepalingen twee motieven
om alsnog goedkeuring aan de
bedrijfsduurverlenging te onthouden.
Het eerste is dat de periode van
bedrijfsduurverlenging betrekkelijk
ver verwijderd ligt. Het is niet
noodzakelijk dat de kerncentrale
Borssele in de periode 2004-2007 een
rol speelt in de elektriciteits-
voorziening; vervangende opties
moeten open blijven, aldus de
minister. Is dit argument niet wat
merkwaardig? In de Elektriciteitswet
is niet voor niets gekozen voor een
systeem van voortschrijdende
tienjarige planning, juist ook om
vanuit de criteria in de Elektriciteits-
wet tot een integrale planning en
afweging van opgesteld produktie-
vermogen te kunnen komen. Geldt
exact hetzelfde argument niet voor
de andere elektriciteitsplanbesluiten
voor die periode? Zijn de mogelijke
alternatieven ook op hun consequen-
ties, bijvoorbeeld de financieel-
economische, beoordeeld?
Dat brengt mij op de financie¨le
kant van de zaak. In feite kiest het
kabinet de lijn om het de
elektriciteitssector via een vergoe-
ding mogelijk te maken het
modificatieprogramma daadwerkelijk
uit te voeren. Daarmee wordt
impliciet een besluit van de sector
om tot sluiting te komen voorkomen.
In dat opzicht roept de brief van de
minister nogal wat vragen op. Kan
de minister een toelichting geven op
de post ’’voorziening egalisatie
tarieven’’? Uit het jaarverslag van de
SEP hebben wij begrepen dat deze
post dient ter beperking van
toekomstige tariefsprongen. Is dit
juist? Wat is de beschikkingsmacht
van de minister over dit bedrag? Wat
heeft de huidige aanwending te maken met het kennelijke doel: het
beperken van toekomstige tarief-
sprongen? Is deze besteding
verantwoord, er gemakshalve van
uitgaande dat dit bedrag niet voor
nop is geparkeerd?
Wat is de ratio achter het bedrag
van 70 mln.? Heeft dit te maken met
de keuze die indertijd is gemaakt? Bij
het vergunningentraject is gekozen
voor de lange procedure. Ik meen
dat het gaat om een termijn van
anderhalf jaar. De minister schrijft
het redelijk te vinden, de sector een
tegemoetkoming toe te kennen,
omdat in 2004 de kosten van de
modificatie nog niet geheel zijn
afgeschreven. Hij wil de sector
tegemoetkomen in een deel van deze
niet afgeschreven kosten. Om welk
totaalbedrag gaat het door niet in
twaalf jaar, maar in negen jaar af te
schrijven? Volgens onze schatting
gaat het daarbij niet om 70 mln.
maar om ongeveer 140 mln. Daar
zou dan nog eens de consequentie
van de kortere afschrijvingsduur van
de huidige boekwaarde van Borssele
bij moeten worden opgeteld.
Daarnaast kun je nog allerlei
rekenexercities uithalen inzake de
Covra. Ook dat speelt naar onze
opvatting een rol. Kortom, wij krijgen
graag een uitvoerige financie¨le
motivering van de minister. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="48" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 Ik wil de
heer Remkes nog een vraag stellen.
Hij heeft eerder vrij helder gezegd
dat hij vond dat de minister de motie
naast zich neer moest leggen. Nu
heeft hij in feite gezegd dat hij heeft
getoetst of de minister de motie
heeft uitgevoerd. Hij plaatst hier wel
wat vraagtekens bij, maar ik begrijp
uit zijn betoog toch dat hij er nu mee
instemt dat de minister de motie
uitvoert. Kan hij hier een toelichting
op geven? Wat is er veranderd in zijn
opstelling? Eerst zei hij dat de
minister de motie naast zich neer
moest leggen en nu zegt hij dat hij
getoetst heeft of de minister de
motie heeft uitgevoerd. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="49" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter! Ik blijf bij mijn oude stellingname: de
voorkeur van de VVD-fractie zou zijn
geweest een brief van het kabinet
met de mededeling dat de centrale
open zou moeten blijven tot 2007.
Wij constateren dat het kabinet een
andere keuze heeft gedaan. Ik heb
gezegd dat wij geen mogelijkheden
zien om daar parlementair nog
verandering in te brengen. Tegelijker-
tijd heb ik gezegd dat wij, kijkend
naar de positie van de minister, op
zichzelf begrip hebben voor de
keuze, zoals die door het kabinet is
gemaakt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="50" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 U zegt
nu dat u begrip hebt voor de positie
van de minister. U legt echter nogal
wat financie¨le vraagtekens op tafel.
Dit gekoppeld aan uw eerdere
uitspraak dat de minister de motie
naast zich neer moest leggen, begrijp
ik toch niet goed hoe u tot deze
conclusie komt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="51" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter!
Mevrouw Vos kan dit ook zien – wij
wachten natuurlijk het antwoord van
de minister af – als een investering
van de VVD in de coalitie. Dit is
echter wel een hoge investering. Ik
heb daar eerder ook niet voor niets
een aantal kwalificaties aan
toegekend. Dit laat onverlet onze
politieke stellingname. Dit soort
investeringen moet inderdaad niet al
te vaak voorkomen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="52" partij="PvdA" naam="Crone">
 Voorzitter! Ik
dacht dat ik nog een antwoord zou
krijgen op mijn vraag over het feit
dat wij in het kader van het milieu-
en veiligheidsbeleid toch wel vaker
investeringen vragen van burgers en
bedrijven. Zij zeggen als eerste
reactie wellicht dat dit niet in hun
investeringspatroon past etcetera. Ik
ben overigens heel blij dat de VVD
net als wij een investering in deze
coalitie doet. Daar bestaat geen
misverstand over. Het moet echter
helder zijn dat wij niet iedere
investering in milieu en veiligheid
kunnen inpassen in wat volgens de
sector zelf kan. Wij hebben daar een
eigen verantwoordelijkheid voor. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="53" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter!
De heer Crone zou met dit verhaal
eens naar iemand uit het bedrijfsle-
ven moeten stappen. Hij zou diegene
de investeringsvraag moeten
voorleggen en tegelijkertijd moeten
zeggen dat diegene het risico loopt
dat de afschrijvingstermijn voor zijn
investering aanmerkelijk bekort
wordt. Dan krijgt de heer Crone nul
op het rekest van het bedrijfsleven.
En dat is precies wat ik bedoel. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="54" partij="PvdA" naam="Crone">
 Voorzitter! Ik
heb jarenlang vanuit de vakbeweging
met werkgevers over milieubeleid
gesproken. De heer Remkes hoeft mij
niet de maat te nemen of ik wel eens
met werkgevers praat. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="55" naam="De voorzitter">
 Wilt u zich beperken
tot een interruptie! 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="56" partij="VVD" naam="Remkes">
 Praten zal
de heer Crone ook wel doen! 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="57" partij="PvdA" naam="Crone">
 Mijn antwoord is heel helder: wij vragen
vaak genoeg aan bedrijven om een
vervroegde afschrijving te plegen of
om niet alles af te schrijven. Als dat
niet kan en als er problemen zijn,
dan passen wij dat bij vanuit de
overheid of door een prijsverhoging
voor de burgers of wat dan ook. Dat
is precies wat hier gebeurt. Het is
niet nodig om daar zo’n felle
woordenwisseling over te hebben.
Het is gewoon een zakelijke
vaststelling. Het enige wat ik u vraag
is om te zeggen dat het vaker
gebeurt dat een sector het niet kan
betalen en dat het dan uit een
prijsstijging of uit een ander potje
komt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="58" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter!
Dit is precies wat ik bedoel. De heer
Crone raakt aan de kern van deze
discussie. Als het gaat om investerin-
gen in het bedrijfsleven en als er
bepaalde verwachtingen zijn gewekt
bij het doen van die investering,
vindt de VVD-fractie in zijn alge-
meenheid dat de overheid niet door
die verwachtingen heen moet
marcheren. Zo vinden wij ook dat
dergelijke afwegingen ook gemaakt
moeten kunnen worden voor de
overheid zelf en de elektriciteits-
sector. In dit geval wordt uit
veiligheids- en milieu-overwegingen
een investering gevraagd aan de sector. De sector heeft gezegd: wij
hebben die en die afschrijvingster-
mijn nodig om de investeringen
rendabel te maken. De overheid
onder aanvoering van onder andere
de heer Crone in deze Kamer zegt
echter dat de afschrijvingstermijn
niet twaalf jaar mag zijn, maar negen
jaar moet zijn. Ik constateer dat op
grond van die politieke daad onnodig
een bedrag wordt uitgegeven door
de overheid. Dat is althans ons
oordeel. De heer Crone maakt op dit
punt een andere afweging, maar dat
mag. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2597" anker="59" partij="CDA" naam="Lansink">
 Voorzitter! Ik
wil niets afdingen op het betoog van
de heer Remkes. Integendeel, dat zal
dadelijk ook blijken. Ik heb echter wel
een vraag. Vorige week, toen bekend
werd dat het kabinet deze wat
merkwaardige middenweg zou
kiezen, heeft de heer Remkes daar als volgt op gereageerd: nou ja, dat
moet dan maar zo; over een aantal
jaren zijn er echter weer andere
mensen met het dossier bezig...
Betekent dit dat voor de VVD de
sluitingsdatum van 2004 niet
definitief is? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2598" anker="60" partij="VVD" naam="Remkes">
 Ik heb in de
brief van de minister gelezen dat hij
voornemens is, de vergunning aan te
passen en in de vergunning het
jaartal 2004 op te nemen. Vooralsnog
is dat, gelet op de bevoegdheid van
een aantal ministers, wat ons betreft
een gegeven. Maar ik weet ook dat
vergunningen natuurlijk niet
onherroepelijk zijn. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2598" anker="61" partij="CDA" naam="Lansink">
 Ik stel die
vraag, omdat u in het begin van uw
betoog terecht erop wees dat het
Elektriciteitsplan een voortschrijdend
plan is. Dat betekent dat er ook
nieuwe aanvullende inzichten kunnen
komen, op grond waarvan inderdaad
op een bepaald moment verlenging
van de vergunning mogelijk is. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2598" anker="62" partij="VVD" naam="Remkes">
 Het denken
bij de VVD-fractie houdt nooit op; ik
ga ervan uit dat dat bij alle fracties in
deze Kamer zo is.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2598">

 
<spreker pagina="37-2598" anker="63" partij="RPF" naam="Van Dijke">
 Mijnheer
de voorzitter! Ik wil beginnen de
minister dank te zeggen voor zijn
brief, en ook voor het feit dat deze
voor de kerst in deze kwestie
duidelijkheid biedt. In personeel
opzicht is dat een goed gebaar. Het
is een korte uiteenzetting van de
wijze, waarop de motie van
mevrouw Vos ten uitvoer zal worden
gebracht. Als deze brief los van heel
de voorgeschiedenis wordt bezien,
zou de conclusie zijn dat voldaan wordt aan: gewoon sluiten binnen
het tijdsbestek zoals eertijds was
beoogd. Verdisconteer je de
voorgeschiedenis, dan krijgt het
simpele woord ’’gewoon’’ een
geweldige lading. Hoe dan ook, de
conclusie van dit alles staat in de laatste alinea van de brief: ’’zowel de
verlenging van de bedrijfsduur als
het verkorten ervan zal de facto
onmogelijk zijn’’.
Mijnheer de voorzitter! Bij deze
conclusie resten een paar vragen. Ik
stel vast dat teneinde de sluiting in
2004 verantwoord te doen plaatsvin-
den er 70 mln. moet worden
aangevuld. Of dit geld nu uit de zak
van de overheid komt, of uit de knip
van de sector, of uit een fonds dat
daar een beetje tussenin staat, het
maakt de handelwijze als zodanig
niet echt logisch. Alles afwegende
moet de vraag zijn, wat het besluit
nu echt voorstelt en of het inderdaad
zo is dat ’’de facto’’ verlenging van
de bedrijfstijd onmogelijk zal zijn. De
weg naar 2004 is nog lang, zo
hebben anderen ook al betoogd, en
vele aspecten van dit besluit wijzen
op, ja dringen als het ware aan tot
een herziening van dit besluit in de
toekomst. Immers, bedrijfseconomi-
sche motieven nopen tot nog langer
open houden dan 2004. Reacties in
de sector geven aan dat de
technische levensduur zeker tot het
jaar 2020 loopt.
Mijnheer de voorzitter! Niemand
geeft graag voor niets geld uit. Is dit een verklaring voor de zin in de brief:
’’Dit bedrag zal worden uitbetaald
onder de voorwaarde dat dan de
werking van de centrale feitelijk
bee¨indigd is’’? Vanwaar deze
voorwaarde, als verlenging van de
bedrijfsduur ’’de facto onmogelijk’’
is?
Intussen blijft het nu vooralsnog
zo, dat de besluitvorming over de
kerncentrale Borssele geı¨soleerd
plaatsvindt; het staat buiten de
kaders van een zinvolle gedachten-
wisseling over de Nederlandse
energievoorziening in de toekomst. Ik
wil daarom de minister met klem
vragen, snel alsnog politieke
zingeving te verbinden aan de
besluitvorming rondom de kerncen-
trale Borssele door heel spoedig de
strategische standpuntbepaling aan
de Kamer te doen toekomen, zodat
wij het debat daarover kunnen
voeren. Immers, mijnheer de
voorzitter, de bedrijfsduurverlenging
van Borssele dient ingebed te
worden in een heldere politieke
stellingname over de huidige en
vooral de toekomstige inzet van
kernenergie in Nederland. Eerst
binnen het kader van een discussie
ten principale kan zinnig gesproken
worden over de mogelijkheden van
alternatieven en kunnen deze eerst
evenwichtig worden afgewogen
tegen de optie van kernenergie. Het
moet toch voor ieder weldenkend
mens duidelijk zijn dat, als de
uitkomst van deze discussie is dat
we wel doorgaan met kernenergie,
sluiting in 2004 vrij vruchteloos en
nutteloos is. Als we niet doorgaan
met kernenergie, is het voor mijn
fractie in feite minder relevant of die
kerncentrale in Borssele nu in 2004
of later dicht gaat. Want dan is
helder dat we in ieder geval afscheid
nemen van deze vorm van energie-
opwekking. De vraag wanneer, is,
gegeven een verantwoorde
veiligheidssituatie – daarover geen
enkel misverstand – in feite van
secundair belang. De huidige
tegenstanders van kernenergie
moeten beseffen dat een heldere
uitspraak van die strekking door de
Kamer nooit is gedaan.
Mijnheer de voorzitter! Ik keer
terug tot de brief. Het besluit hinkt
eigenlijk op twee gedachten en
vraagt eigenlijk om te gelegener tijd
bijgesteld te worden. Maar bijstelling
of niet, de winst van deze brief is
onzes inziens wel dat het welhaast
ondenkbaar mag heten dat kernener-
gie na 2004 nog een rol kan blijven
vervullen in de Nederlandse
energievoorziening zonder dat we
daartoe heel expliciet hier in deze
Kamer besluiten. En wij gaan er
derhalve van uit dat het slechts de
schijn heeft van het befaamde
uitstelscenario. Daarmee is datgene
wat wij met onze motie beoogden in
elk geval een stap dichterbij
gekomen.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2598">

 
<spreker pagina="37-2598" anker="64" partij="SP" naam="Poppe">
 Voorzitter! Na
een weinig heldere en dus zeer
verwarrende bedoening heeft de
Kamer een motie aangenomen, met
als bedoeling om de kerncentrale in
Borssele op de kortst mogelijke
termijn te sluiten. Die bedoeling is
nadrukkelijk uitgesproken. Die kan
dan ook door niemand in de Kamer
anders zijn begrepen. Toch heeft de
minister die bedoeling willens en
wetens naast zich neergelegd. Mij
ontgaat de redenering daarachter.
De minister acht de kerncentrale
niet noodzakelijk voor de
elektriciteitsvoorziening tussen de
jaren 2004 en 2007, maar het moet
toch voor iedereen duidelijk zijn dat
het kernafval en de stroom van de
kerncentrale Borssele nu al niet meer
nodig zijn! Het moratorium voor de
warmte-krachtkoppeling en de
voortijdige sluiting van conventio-
nele centrales tonen dat overduidelijk
aan. Het probleem van de dreigende
overcapaciteit van elektriciteit bestaat
nu! Uit een oogpunt van
elektriciteitsvoorziening is een snelle
sluiting van Borssele dus geen enkel
probleem. De sluiting pas in 2004 is
wat ons betreft complete onzin. Het
dure modificatieprogramma moet nu
worden afgemaakt. Vervolgens moet
70 mln. worden uitgegeven omdat
de kosten daarvan in 2004 nog niet
zijn goedgemaakt. De SEP gaat
daarmee ineens akkoord. Dat is ook vreemd, want de SEP zei eerder:
2007 of stoppen!
Het kabinet, dat heldere en
duidelijke politieke besluitvorming
aankondigde, komt bij het eerste
probleem direct met het halfslachtige
en onduidelijk onderbouwde voorstel
om de partijen in de coalitie bij elkaar te houden. De VVD denkt: in
2004 zien wij wel verder. D66 heeft
geschipperd tussen het verkiezings-
programma en de mening van deze
minister. De PvdA houdt nu ook niet
meer vast aan het verkiezingspro-
gramma om geen gedonder in de
nieuwe politieke vriendenkring te krijgen. Kosten daarvan: 70 mln.
De voorstanders van een snelle
sluiting, zowel buiten als binnen de
Kamer, hebben weer verloren, maar
dit verlies kunnen wij een klein
beetje zien in het zicht van de
overwinning, want de kernenergie-
lobby heeft haar zin niet gekregen.
Daarmee is in feite een strategische
wending tot stand gebracht. Wat ons
betreft kan de kerncentrale, om
genoemde redenen, echter worden
gesloten. Het kabinet vindt bij de SP
dus geen steun voor zijn geschipper.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2599">

 
<spreker pagina="37-2599" anker="65" partij="CDA" naam="Lansink">
 Voorzitter!
Het besluit van minister Wijers om
niet in te stemmen met de verlen-
ging van de bedrijfsduur van de
kerncentrale Borssele van 2004 naar
2007, maar om de modernisering wel
goed te keuren, roept bij de fractie
van het CDA gemengde gevoelens
op. Het is positief dat de bewinds-
man het eigenlijke verzoek van de
indienster van de motie, mevrouw
Vos, en van de PvdA, directe sluiting
dus, naast zich neerlegt. Een negatief
oordeel past bij het belonen van een
wat bedenkelijke besluitvorming en
vooral bij het afstand nemen van
dezelfde argumenten die het kabinet
eerder brachten tot de conclusie dat
verlenging van de bedrijfstijd tot
2007 verantwoord was. Ik wijs verder
op het te gemakkelijk omgaan met
de nauwelijks aanwezige financie¨le
ruimte en op de formele afwikkeling
met de merkwaardige interpretatie
van de Elektriciteitswet.
Op grond van onderdeel b van
artikel 16, lid 2, van die wet kan de
minister goedkeuring onthouden aan
het Elektriciteitsplan, indien het
belang van een goede elektriciteits-
voorziening dat noodzakelijk maakt.
Een goede voorziening is een
doelmatige en betrouwbare
voorziening tegen zo laag mogelijke
kosten en op maatschappelijk
verantwoorde wijze uitgevoerd. Het
is opvallend dat de minister in zijn
brief aan Greenpeace over de
beslissing op het bezwaarschrift
uitvoerig en helder betoogt dat het
vastgestelde Elektriciteitsplan spoort
met het milieubeleid, met de
duurzame ontwikkeling en met de
goede elektriciteitsvoorziening en dat
het ook nog op maatschappelijk
verantwoorde wijze kan worden
uitgevoerd. Niettemin verklaart hij
het bezwaarschrift op het onderdeel
van de bedrijfsduurverlenging
gegrond. Die lijn is niet te rijmen met
de in de Kamer afgelegde verklaring,
vooral bij het algemeen overleg, en
is ook niet te plaatsen in de formele
en materie¨le context van de
Elektriciteitswet en van het
Elektriciteitsplan. Die lijn lijkt
ingegeven door politiek opportu-
nisme. Dat is niet consistent meer en
ook niet geloofwaardig.
De minister rechtvaardigt zijn draai
via een nieuw criterium dat niet in de
wet staat. De elektriciteits-
voorziening, zo stelt hij, moet kunnen
rekenen op voldoende politieke
ondersteuning. Maar heeft hij zelf
niet gewezen op de verschillende
interpretaties bij de stemverklaringen
bij de motie-M.B. Vos? De minister
had, gelet op eigen argumenten en
op eigen verantwoordelijkheid, de
motie naast zich neer kunnen leggen.
Mijn vraag is dus – dit is echter een
vraag terzijde – waarom het
dringende advies van VVD-voorman
Bolkestein in de wind is geslagen.
Toepassing van het tweede lid van
artikel 16 is trouwens een raar rijtuig.
Sommige collega’s hebben daarop
gewezen. De minister onthoudt
immers alleen dan goedkeuring,
wanneer het belang van een goede
elektriciteitsvoorziening daartoe
noopt, dus wanneer bij goedkeuring
sprake zou zijn van het tegendeel.
Dat is volstrekt niet het geval. Ik zie
niet in waarom in 2005 een omkering
van die goede elektriciteits-
voorziening zou optreden. Trouwens,
eerder heeft de minister dat
helemaal niet gesteld. Integendeel!
Kijk maar naar het verslag van het
algemeen overleg. Waarom heeft hij
niet gewoon geschreven en gezegd,
dat hij in afwijking van zijn aanvan-
kelijke heldere lijn moest kiezen voor
een meer opportunistische lijn?
Kennelijk weegt de vrede in de
paarse coalitie – ik kan daar enig
begrip voor hebben, zeker zo rond
Kerstmis – zwaarder dan faire en
zuivere besluitvorming. Wij zijn hier
echter wel met een ernstig proces
bezig. Van een jaartal wordt een
halszaak gemaakt. Kapitaal-
vernietiging wordt op de koop toe
genomen. Extra middelen worden
met het grootste gemak gefourneerd,
terwijl er elders op de rijksbegroting
met veel moeite omgebogen moet
worden, ook op Economische Zaken.
Kijk maar wat daar gebeurd is op het
gebied van subsidies voor energiebe-
sparing en dergelijke. Een precedent
leert, dat een tegemoetkoming in de
kosten van het modificatie-
programma ten laste van de
voorzieningen egalisatietarieven voor
elkaar kan worden gebracht. Dat is
eerder al eens gebeurd. Maar
materieel staat het op gespannen
voet met de doelstellingen daarvan.
Ik meen dan ook dat hier vastgesteld
moet worden dat hoe dan ook de
burger betaalt en volgens mij ook
nog meer dan 70 mln. Ik sluit mij aan
bij de vragen en opmerkingen van
mevrouw Vos daarover.
De minister meent maximale
duidelijkheid te moeten verschaffen
voor de sector en het personeel door
het jaar 2004 nu al definitief te
maken. Er is veel bereikt, want het
personeel weet nu dat men tot 2004
door kan gaan, maar in de vergun-
ning wordt opgenomen dat de
kerncentrale Borssele uiterlijk 1
januari 2004 moet sluiten. Ik vind die
benadering te star. Die benadering
gaat voorbij aan de argumenten die
destijds naar voren zijn gebracht, ook
door de minister, voor de verlenging
en voor het al goedgekeurde
Elektriciteitsplan. Verder gaat het
voorbij aan nieuwe ontwikkelingen
die kunnen optreden, ook in de
vraag- en aanbodverhoudingen na
2004. Het gaat voorbij aan de
onzekerheid over de prijsvorming op
de markt van de fossiele brandstof-
fen. En het gaat voorbij – dat moeten
ook worden meegenomen in het
debat waar de heer Van Dijke eerder
over sprak – aan de betrokkenheid
van Nederland bij het internationale
kernenergiebeleid. Ik pleit dus voor
een andere benadering, waarbij
ruimte worden gelaten voor de door
de Kamer gevraagde discussie over
de voors en tegens van kernenergie,
juist omdat daar enkele weken
geleden zo indringend over is
gesproken door meerdere woord-
voerders. Als wij zo werken, kunnen
niet omkeerbare beslissingen
vermeden worden. Op een nader te
bepalen tijdstip, na afronding dus
van de toegezegde discussie over
kernenergie, moet verlenging van de
vergunning tot een jaar later dan
2004 in beginsel mogelijk zijn. Ik zeg
niet dat het moet, maar het zou
moeten kunnen. Wanneer de
bewindsman niet bereid is, het
onherroepelijke karakter van de
sluitingsdatum weg te nemen,
afgezien van de formele bevoegdhe-
den, omdat van jaar tot jaar het
Elektriciteitsplan moet worden
vastgesteld, ben ik voornemens over
dit punt een kameruitspraak te
vragen.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2600">
<spreker pagina="37-2600" anker="66" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Mijnheer de voorzitter! Het zal
u niet verbazen dat de fractie van
D66 verheugd is over het besluit van
de minister om niet in te stemmen
met de verlenging van de bedrijfs-
duur van de kernenergiecentrale
Borssele. In eerdere debatten is onze
inzet altijd geweest om het jaartal
2004 weer boven de horizon te
halen. Het is nu het definitieve
sluitingsjaar geworden en dat stemt
ons tot tevredenheid.
In de brief van de minister staat
een aantal argumenten die ons
aanspreken. Om te beginnen wordt
uitgegaan van de oorspronkelijk
afgesproken en alom geaccepteerde bedrijfsduur tot 2004. Dat houdt in:
geen onverwachte veranderingen en
geen almaar voortdurende onzeker-
heid. Ik kom daar later nog op terug.
Bovendien is verlenging van de
bedrijfsduur niet noodzakelijk voor
de elektriciteitsvoorziening, maar
worden vervangende opties
opengehouden voor de periode 2004
tot 2007. Het zal duidelijk zijn dat dan
voor ons warmte-krachtvermogen
nadrukkelijk in beeld komt.
Hier is al een- en andermaal
betoogd dat er natuurlijk ook
financie¨le aspecten zijn. De eerste
optie was een minder dure modifica-
tie. Die bleek niet mogelijk te zijn
zonder een vermindering van het
optimale veiligheidsniveau. Een
optimaal veiligheidsniveau is
natuurlijk ook datgene wat D66
nastreeft.
Een tweede optie is een andere
manier van financieren. Die is het nu
geworden in de vorm van 70 mln. in
2004. Dat is voor de fractie van D66
acceptabel. Je kunt dat geld
beschouwen als de prijs voor een
milieuvoordeel van drie jaar. Tegen
de VVD-fractie wil ik het volgende
zeggen. Wij willen zeker niet voor
een dubbeltje op de eerste rang
zitten, zeker niet als dat een
milieuvriendelijke eerste rang is. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2600" anker="67" partij="VVD" naam="Remkes">
 Mijnheer de
voorzitter! Kan mevrouw Jorritsma
op dat milieuvoordeel een toelichting
geven? Met name die stelling is mij
volslagen onduidelijk.</spreker>
<spreker pagina="37-2600" anker="68" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Ik had hier eigenlijk ook nog
een zin achter staan. Misschien kan
ik die er eerst aan toevoegen. Die luidt namelijk: vooral gericht op het
kernsplijtingsafval, dat in ieder geval
drie jaar korter wordt geproduceerd.
Extra kernsplijtingsafval dat in een
periode van drie jaar wordt
geproduceerd, levert natuurlijk voor
het milieu toch een heleboel nadeel
op. Daar moet ook een hoeveelheid
geld in geı¨nvesteerd worden.
Het niet doorgaan met kernenergie
gedurende drie jaar extra levert in
die richting gewoon voordelen op.
Daar moeten wij een prijs voor
betalen. Die prijs blijkt nu 70 mln. te
zijn. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2600" anker="69" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter!
Naar aanleiding van deze verklaring
begin ik mij in steeds grotere mate af
te vragen waarom D66 niet gewoon
het heldere standpunt van mevrouw
Vos en het aanvankelijk heldere
standpunt van de heer Crone
onderschrijft, namelijk dat Borssele
zo snel mogelijk dicht moet. Dat is
niet mijn standpunt, maar dan ben je
in ieder geval wel duidelijk.
Ik trek nu de volgende conclusie. Mevrouw Jorritsma zegt: iedere dag
dat die centrale open is, zijn wij
milieuvervuilend bezig. Als je de
centrale niet in 2007 maar in 2004
sluit, dan zijn wij bereid om een prijs
van 70 mln. voor het eerder sluiten
te betalen. Ik vind dat een merkwaar-
dig en inconsistent standpunt.</spreker>
<spreker pagina="37-2600" anker="70" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Dat ben ik niet met de heer
Remkes eens. Wij hebben natuurlijk
een uitgangspunt gehad. Dat
uitgangspunt stond sinds jaar en dag
in het Elektriciteitsplan en kwam
erop neer dat de kerncentrale tot
2004 open kon blijven. Dat was alom
geaccepteerd, dat was politiek
geaccepteerd en dat was ook
uitdrukkelijk door D66 geaccepteerd.
Daar gaan wij van uit. Als die
centrale eerder gesloten zou worden,
dan is dat een heel plotselinge
wending. Er was immers tot voor
kort niemand die dat eigenlijk in
beeld had. Dat kost dan ook heleboel
geld. Ook daar hebben wij cijfers
over gehad. Bovendien levert dat een
heleboel ellende op voor het
personeel.
Ik ga er dus gewoon van uit dat
wij begonnen zijn met een levens-
duur tot 2004, zoals dat in het
Elektriciteitsplan stond en zoals
daarop gerekend werd in de
kerncentrale. Dat is het uitgangspunt
waar de discussie mee begonnen is.
Als wij daarvan uitgaan, dan zeggen wij: oke, houd het daar dan ook op,
om een aantal redenen. Een van de
redenen is dat als je langer doorgaat,
er extra afval wordt geproduceerd.
Wij gaan niet uit van iets, wat uit de
lucht komt vallen. Wij gaan uit van
iets, wat van tevoren is afgesproken. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2600" anker="71" partij="VVD" naam="Remkes">
 Ik heb in het
algemeen de neiging om te praten in
termen van argumenten en wat
minder in termen van uitgangspun-
ten. Ik heb een duidelijke vraag,
waarop met ja of nee kan worden
geantwoord. Is een jaar in bedrijf van
de kerncentrale in Borssele voor het
milieu goed of slecht?</spreker>
<spreker pagina="37-2600" anker="72" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Je moet dit in de context
beschouwen. Er zijn vele zaken die
goed of slecht zijn voor het milieu.
Een aspect is het kernafval dat slecht
is voor het milieu. Als wij het
geaccepteerd hebben tot 2004, dan is
dat het begin van het debat dat wij
de afgelopen weken hebben
gevoerd. Ons standpunt is om het te
houden op de afgesproken en
geaccepteerde 2004, met alle voor-
en nadelen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2600" anker="73" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voor de
periode 2004 tot 2007 laat mevrouw
Jorritsma het ene element een rol
spelen en tot 2007 zijn haar
uitgangspunten relevant. Daarin zit
een innerlijke tegenstelling. Zij
schept daarmee op dit moment geen
duidelijkheid. Ik vind dat dit zou
moeten gebeuren. Mevrouw
Jorritsma spreekt zichzelf tegen.</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="74" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Nee. Het woord ’’uitgangs-
punt’’ betekent niet iets, wat ik voel,
iets abstracts. Laat ik het anders
formuleren. Het beginpunt van de
discussie was de situatie zoals die er lag: tot 2004 doordraaien. Vanuit dat
beginpunt zijn wij deze discussie
aangegaan. Er zijn een aantal
afwegingen. Hoewel D66 een aantal
duidelijke nadelen ziet in kernener-
gie, hebben wij het tot 2004
geaccepteerd. Dan houdt het ook op.
Dat is toch helder? Het is geen
abstract uitgangspunt, het is een
beginpunt van de discussie. Wij
moeten uitgaan van de ree¨le situatie. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="75" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 Ik
ondersteun het betoog van de heer
Remkes. Ik vind het een wat malle
situatie, dat mevrouw Jorritsma nu
ineens 2004 als beginpunt neemt en zegt: van daaruit geredeneerd is die
70 mln. alleen maar prima voor het
milieu. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="76" naam="De voorzitter">
 Wilt u uw interruptie
beperken tot een vraag? Het
ondersteunen van de heer Remkes is
geen interruptie. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="77" partij="GroenLinks" naam="Vos">

Mevrouw Jorritsma zegt dat dit het
uitgangspunt van D66 is. Voor de
zomer hebben de heer Tommel en ik
gezamenlijk een motie ingediend met
de strekking, dat wij het Elektriciteits-
plan zouden willen goedkeuren met
afzien van de renovatie en de
bedrijfsduurverlenging van de
centrale. In dat debat heb ik een
ander uitgangspunt van D66
vernomen dan hetgeen mevrouw
Jorritsma thans zo stellig naar voren
brengt.</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="78" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Het uitgangspunt in dat debat was: geen levensduurverlenging. In
de vorige debatten is ons uitgangs- punt altijd geweest: laten wij
bekijken of wij die datum van 2004
boven tafel kunnen houden. Het
standpunt van de SEP is er toen overheen gekomen: o`f 2007 o`f
onmiddellijk. Wij zijn altijd uitgegaan
van geen levensduurverlenging. Ook
de heer Tommel heeft dat zo
geformuleerd. Van daaruit zijn wij
steeds op 2004 blijven staan. Zo
simpel ligt het. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="79" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 De heer
Tommel heeft dat niet zo geformu-
leerd. Een van de overwegingen van de motie was, dat er een keuze was:
o`f renoveren en bedrijfsduur-
verlenging o`f zo spoedig mogelijk
sluiten. Ik zie een duidelijke
koerswijziging van D66 op dit punt.</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="80" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Dat is nooit een politieke optie
geweest. Het is een optie van de SEP geweest. Die heeft gezegd: het is of
2007 of onmiddellijk. Als de centrale
eerder dan in 2007 wordt gesloten,
kan de modificatie niet doorgaan en
moet de centrale onmiddellijk dicht,
zo is de redenering steeds geweest.
Mijn fractie heeft in de recente
debatten gezocht naar een mogelijk-
heid om door de modificatie
optimale veiligheid te bereiken
zonder dat de levensduur wordt
verlengd, zodat de centrale dus in
2004 wordt gesloten. Mijn fractie
heeft deze nieuwe optie tijdens de
recente debatten ingebracht en heeft
daaraan heel consequent vastgehou-
den. Ik zie er absoluut geen draai in.
Volgens mij is het een heel consis-
tent verhaal. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="81" partij="SP" naam="Poppe">
 Mijnheer de
voorzitter! De redenering van
mevrouw Jorritsma is mij toch wel
wat erg krom. Waarom is de
D66-fractie bereid 70 mln. extra uit te
geven om daarmee tien jaar lang
meer kernafval te produceren? Zij
maakt zich ook zorgen om dat afval.
Uit alle gegevens blijkt dat de
energie die de centrale levert niet
meer noodzakelijk is gezien de
energiebehoefte. Daarom worden
ook andere centrales gesloten.
Waarom kiest D66 dan niet, uit
bezorgdheid om het afval, voor
sluiting in pakweg 1998? Als er kan
worden gediscussieerd over sluiting
na 2004 is er ook discussie mogelijk
over sluiting voor dat jaar. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="82" naam="De voorzitter">
 Ik heb de indruk dat
de leden het debat van enkele weken
geleden herhalen. Ik verzoek de
leden om de interrupties te beperken
tot het hoogst noodzakelijke.</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="83" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Ik blijf maar zeggen dat het
doordraaien tot 2004 niet nieuw is.
Het is de oorspronkelijke afspraak.
Het personeel was daarop ingesteld.
De contracten waren daarop
afgestemd. Mijn fractie heeft als een
feit aanvaard dat die centrale in het
geheel van de Nederlandse
energievoorziening draaide tot 2004.
De verandering was het voorstel om
de centrale langer in bedrijf te
houden. Toen hebben wij gezegd dat
wij ons aan de afspraak willen
houden. Dat voor de veiligheid een
extra bedrag van 70 mln. nodig is,
vereist afweging. Mijn fractie
accepteert het. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="84" partij="SP" naam="Poppe">
 Uit de
gegevens blijkt dat de produktie van
kernafval gedurende nog tien jaar
niet noodzakelijk is. Aangezien
mevrouw Jorritsma zich zorgen
maakt over dat afval, zou zij een gat
in de lucht moeten springen. Nu
eerdere sluiting mogelijk is, zou haar
fractie daarvoor moeten kiezen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="85" naam="De voorzitter">
 Mevrouw Jorritsma
geeft antwoord en dan vervolgt zij
haar betoog en probeert dat af te
ronden.</spreker>
<spreker pagina="37-2601" anker="86" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Dat zal ik doen, voorzitter! Het
besluit om een maatregel te treffen
die sluiting van de kerncentrale in
2004 definitief maakt, juicht mijn
fractie toe. Wat daarover in de brief
staat, geeft ons het vertrouwen dat
het ook inderdaad zal gebeuren. Dit
schept maximale duidelijkheid.
Verlenging noch verkorting van de
levensduur is dan nog mogelijk. Het
biedt zekerheid aan de politiek, aan
de SEP en vooral ook aan het
personeel van de centrale. Men weet
nu waar men aan toe is. Men kan
naar de sluiting toe werken en deze
optimaal voorbereiden. Samenvat-
tend, D66 stemt in met de inhoud
van de brief van de minister.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2601">

 
<spreker pagina="37-2601" anker="87" partij="Partijloos" naam="Hendriks">
 Voorzitter! Ook ik
heb beide brieven van de minister
afgelopen vrijdag om 23.35 uur per
expresse thuis ontvangen. In de ene
brief staat de beslissing van de
minister over het gedeeltelijk
gegrond verklaren van het bezwaar-
schrift van Greenpeace. De andere
brief gaat over de herziening van de
vergunning voor de kerncentrale
Borssele. De modificatie zal echter
toch doorgaan.
Na verdere lezing van de tweede
brief ben ik tot de conclusie
gekomen, dat de Kamer nog steeds
geen oordeel kan geven over de
inhoud. Het bevreemdt mij dat de
discussie over de financie¨le gevolgen
van sluiting gaat. Nog steeds is
echter niet duidelijk wat de financie¨le
consequenties van het open houden
van Borssele zijn. Volgens diverse
berekeningen die mij aangereikt zijn,
is Borssele een verliesgevende
centrale. Ik memoreer de documen-
ten van Natuur en milieu uit 1992,
die van Greenpeace uit 1994 en het
document dat ik hedenmiddag om
half twee van een jonge Amster-
damse vrouw heb gekregen. Zij doet
dit voor het nageslacht, opdat wij
goed weten wat wij doen, zo zei deze vrouw. De titel is: ’’Het dossier
kernenergie kan gesloten worden en
de kerncentrales ook’’, uitgegeven
door het Landelijk documentatie- en
onderzoekcentrum kernenergie in
april 1993.
Voorzitter! Ik stel opnieuw twee
vragen aan de minister. Wat kost de
kerncentrale Borssele nu echt per
dag of welk rendement heeft ze? Wil
de minister de Kamer op korte
termijn de gevraagde gegevens
verstrekken? Verder herinner ik de
minister aan mijn afspraak met de
directeur elektriciteitsvoorziening van
21 november, die mij een uittreksel
uit het contract tussen Pechiney en
Delta nutsbedrijven heeft toegezegd.
Ten slotte wijs ik de minister erop
dat hij de motie-M.B. Vos niet uitlegt
zoals zij die mijns inziens bedoeld
heeft. Ik meen te hebben begrepen
dat mevrouw Vos verlenging van de
bedrijfstijd steeds heeft gekoppeld
aan modernisering. De modernise-
ring start in 1994, net als de
verlenging van de bedrijfstijd. Als er
in de motie wordt uitgesproken dat
de bedrijfstijd niet verlengd dient te
worden, dan betekent dit dat de
bedrijfstijd niet verlengd moet
worden van 1994 tot 2004. Met
andere woorden, milieutechnisch is
er in 1994 een einde aan de
bedrijfstijd gekomen. Modernisering
impliceert verlenging van de
bedrijfstijd tot 2004. Het jaar 2007
heeft het ministerie zelf op grond
van economische motieven in beeld
gebracht. Daarom is het besluit tot
het open houden van de centrale tot
2004 niet overeenkomstig de wens
van de Kamer.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2602">

 
<spreker pagina="37-2602" anker="88" partij="Centrum Democraten" bronpartij="CD" naam="Janmaat">
 Voorzitter!
De Kamer reageert nu op het besluit
van het kabinet naar aanleiding van
de motie van GroenLinks over de
levensduur van de kerncentrale in
Borssele. Wij kunnen ons niet aan de
indruk onttrekken dat de besluitvor-
ming over deze centrale onder een
wel zeer slecht gesternte heeft
plaatsgevonden. Er is in Nederland
een grote weerstand tegen kernener-
gie, vooral gebaseerd op emotionele
gronden. Wij kunnen niet ontkennen
dat er in deze Kamer en onder de
kiezers buitengewoon weinig
mensen zijn die de voor- en nadelen
en vooral de gevaren van kerncentra-
les exact kunnen inschatten. Wij zijn
geen toptechnici, wij moeten afgaan
op rapporten van mensen uit de
wetenschap en van mensen uit de
kernenergiesector.
De meningen verschillen, maar
vooral de tegenstanders van
kernenergie laden de bevolking
buitengewoon negatief als het om
het afschilderen van de risico’s gaat.
Zij overdrijven daarbij sterk. De
fractie van de Partij van de Arbeid
komt telkens weer met Tsjernobyl
aan. Nu is dat wel begrijpelijk, want
er is geen grotere socialistische
blunder begaan dan daar in de
Sovjet-Unie. Maar Nederland is geen
socialistisch land, dus het is hier wat
beter geregeld.
Voorzitter! Het kabinet heeft een besluit genomen: de centrale wordt
gemoderniseerd en ze blijft in bedrijf
tot 2004. Als de berekeningen van
het kabinet allemaal tot in de puntjes
kloppen, dan ontstaat er tot dat jaar
een meerprijs van 70 mln. die
mogelijk tot verhoging van de
tarieven zal leiden, tenzij de fractie
van de Partij van de Arbeid wellicht
alweer andere potjes gevonden
heeft. Maar met respect voor
socialistische opvattingen, er is toch
gebleken dat deze partij altijd wat
minder nauwkeurig met geld
omgaat.
Voorzitter! Nu sluiten wij helemaal
niet uit dat het besluit van dit kabinet
door een volgend kabinet zal worden
herzien. Wie kan immers zeggen of
de tegenstanders van kernenergie en
daarmee de voorstanders van
vroegtijdige sluiting dan de
overgrote meerderheid zullen
vormen? Bovendien kan een volgend
kabinet dit besluit om hem move-
rende redenen volledig naast zich
neerleggen of terugdraaien.
Mijn enige vraag aan de minister
is dan ook de volgende. Als dit
besluit om de kerncentrale in 2004 te
sluiten, leidt tot prijsstijging van de
energietarieven, is het mogelijk dat
dit later, als dit besluit wordt herzien,
wordt gecompenseerd? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2602" anker="89" naam="De voorzitter">
 Daar wij voornemens
zijn om dit debat voor de avond-
pauze af te ronden, zullen de
interrupties tot het uiterste beperkt
moeten worden.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2602">

 
<spreker pagina="37-2602" anker="90" soort="Minister" naam="Wijers">
 Voorzitter! Ik dank
de geachte afgevaardigden voor hun
reactie op de brieven. Aan het besluit
dat in die brieven is neergelegd, is
uitvoerig overleg in het kabinet
vooraf gegaan. Bovendien zijn er
uitgebreide onderhandelingen met
de elektriciteitssector gevoerd.
Ik stond voor een dilemma van
zakelijke overwegingen, die ik in mijn
brief van 7 november aan de Kamer
uiteen heb gezet en die ik diverse
keren in de verschillende discussies
naar voren heb gebracht, en de
noodzaak om de investeringen in
kernenergie te laten plaatsvinden in
een context van politieke consensus
en maatschappelijke rust.
Ik herhaal kort de zakelijke
overwegingen in de brief van 7
november jl. De formulering van het
modificatieprogramma en de
daarmee samenhangende procedure
van vergunningverlening is tot stand
gekomen op grond van wettelijke
regelingen en in nauw overleg
tussen SEP, EPZ en overheid. Door
de gevolgde procedures was er een
belangrijke vertraging ontstaan. Die
vertraging had als gevolg dat het
modificatieprogramma pas in 1997
afgerond zou kunnen worden.
Bovendien waren er meerkosten van
70 mln. op de in eerste instantie
geschatte 400 mln.
De kerncentrale van Borssele
voldeed al aan de criteria van het
risicobeleid voor ernstige gevallen.
Na de investeringen ten behoeve van
de modificatie zou die kerncentrale in
nog ruimere mate aan de eisen
voldoen. Wij gingen uit van een
levensduur van Borssele tot 2007.
Tegen die achtergrond betrof het een
rendabel project.
Op grond van al deze overwegin-
gen en ontwikkelingen in het
verleden was ik geneigd om eerdere
besluitvorming te handhaven en de
centrale tot 2007 open te laten. Dat
de motie-M.B. Vos werd aangeno-
men, weliswaar met een nipte
meerderheid, na een zeer intensief
debat dat meer interpretaties open
liet, was op zich een zeer belangrijk
politiek feit.
De elektriciteitsvoorziening in
Nederland moet kunnen rekenen op
voldoende politieke ondersteuning.
Dat geldt met name bij kernenergie.
In dit verband was het aannemen
van de motie-M.B. Vos een nieuw,
belangrijk beleidsinzicht. Het was een
illustratie van de wijze waarop er in
de Nederlandse samenleving werd
nagedacht, zelfs als het ging over
niet eens zulke principie¨le punten. Ik
heb ook vaak gezegd dat sluiting in
2004 of 2007 niet zozeer een
principieel alswel een zakelijk
argument is. Desalniettemin vormde
het aannemen van de motie-M.B.
Vos een belangrijk gegeven, een
nieuw inzicht. Een minister die
verantwoordelijk is voor deze sector
hoort dat dan ook mee te wegen.
Ik heb die motie geı¨nterpreteerd
zoals die geformuleerd is. De motie zegt niet meer en niet minder dan:
geen verlenging van de bedrijfstijd,
dus open tot 2004. Een deel van de
Kamer heeft dezelfde interpretatie.
Na raadpleging van het Reglement
van orde van de Tweede Kamer is
ons gebleken dat de intenties van de
indiener van de motie niet leidend
zijn. Misschien leeft bij sommige
leden het idee dat die wel leidend
zijn, maar zoals gezegd, volgt dit niet
uit de geschreven regels van de
Kamer.
Dus met het oog op het debat en
de andere afwegingen heb ik het
Elektriciteitsplan 1995-2004 van de
SEP opnieuw getoetst aan artikel 16,
tweede lid, van de Elektriciteitswet
van 1989. Dit heb ik ook gedaan in
het kader van het bezwaar van de
stichting Greenpeace tegen eerdere
goedkeuring. In dat verband was het
feit aan de orde dat op grond van de
Elektriciteitswet goedkeuring wordt
onthouden indien het belang van een
goede elektriciteitsvoorziening, mede
gelet op het belang van een goede
energievoorziening, dat op een
maatschappelijk verantwoorde wijze
noodzakelijk maakt. ’’Op een
maatschappelijk verantwoorde wijze’’
betekent, dat een debat met een
stemming zoals die heeft plaatsge-
vonden, een belangrijke overweging
is. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2603" anker="91" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Voorzitter! Voor de zuiverheid wil ik
het volgende opmerken. Dit is geen
juist citaat van artikel 16 van de
Elektriciteitswet. ’’Op maatschappe-
lijk verantwoorde wijze’’ is een
bepaling die men vindt in artikel 2.
De minister mag het Elektriciteitsplan
toetsen aan drie criteria van artikel
16 en het gaat om het tweede. Maar
de toevoeging ’’op maatschappelijk
verantwoorde wijze’’ staat niet in die
toetsingscriteria. Dit punt moet
zuiver behandeld worden. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2603" anker="92" soort="Minister" naam="Wijers">
 Ik geloof dat u gelijk
heeft. Ik trek die opmerking in.
Mijn conclusies uit de overweging
die plaatsvond, waren de volgende.
Ik acht het beter, de centrale, zoals
oorspronkelijk bedoeld was, te
sluiten in 2004 en voor de voorzie-
ning van de elektriciteitsbehoefte in
de jaren daarna vervangende opties
open te houden. Er is voldoende tijd
om die opties in volgende
elektriciteitsplannen te concretiseren.
Ik heb in de discussies die wij
daarover gehad hebben in deze
Kamer, gezegd dat na 2003, 2004 de
overcapaciteit in de sector omslaat in
een ondercapaciteit. Dat betekent dat
er in die tijd ruimte is voor allerlei
invullingen van de toekomstige
elektriciteitsvoorziening. Ik zeg
nogmaals, dat op basis van mijn
voorkeur en ook op basis van
zakelijke overwegingen, de kernener-
gie van Borssele daarin een rol had
kunnen spelen. Maar gegeven de
maatschappelijke discussie en de
discussie in het parlement, heb ik
besloten dat de kerncentrale daar
beter geen rol in kan vervullen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2603" anker="93" partij="CDA" naam="Lansink">
 Voorzitter!
Dat is toch in strijd met wat u eerder
hebt beweerd over het openhouden
van alle mogelijke opties. Dat is ook
in strijd met wat u eerder in de
Kamer in het algemeen overleg heeft
beweerd; het is in strijd met de
geloofwaardigheid van bestuur; het
is in strijd met de consistentie en het
is niet te baseren op het befaamde
artikel in de Elektriciteitswet. De
bepaling ’’op maatschappelijk
verantwoorde wijze’’ staat, zoals
zojuist al is opgemerkt, in een ander
artikel. Maatschappelijke verantwoor-
delijkheid betekent, volgens mij, ook
consistentie en geloofwaardigheid. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2603" anker="94" soort="Minister" naam="Wijers">
 Consistentie en
geloofwaardigheid worden getoetst
in de loop van de tijd. Ik kom daar
straks op terug omdat ik dat
natuurlijk ook in mijn overwegingen
in het overleg met de sector zwaar
heb laten wegen.
Wat voor mij buitengewoon zwaar
gewogen heeft, en ik hoop dat dit
argument ook in het parlement, nu
we zijn waar we zijn, met alle
verschillende uitgangspunten zwaar
gewogen zal worden, is het feit dat
er in de discussie over Borssele op
een gegeven moment een conclusie
moet worden bereikt en dat er rust
omtrent die kerncentrale gaat
ontstaan. Ik heb mij in mijn
overwegingen, waarbij de verschil-
lende opties van 2007 en 2004 een
rol hebben gespeeld, regelmatig de
vraag gesteld in hoeverre een keuze
voor 2007 die rust en die bestuurlijke
continuı¨teit zou garanderen die
wenselijk is voor kernenergie in
Nederland en voor de mensen die in
Borssele werken. Voor mij is
uiteindelijk het zoeken naar een
situatie waarin een maximale
bestuurlijke stabiliteit zou kunnen
worden gevonden voor de
kernenergiecentrale Borssele,
beslissend geweest. Ik geloof
namelijk dat niemand erbij gebaat is,
dat wij regelmatig discussies hebben
over de vraag wat er met Borssele
zou moeten gebeuren.
Op basis van die overweging heb
ik besloten om goedkeuring te
onthouden aan het onderdeel van
het plan met betrekking tot bedrijfs-
duurverlenging van de kerncentrale
Borssele. Ik heb vervolgens zeer veel
tijd geı¨nvesteerd in overleg met de
betrokken partijen om consensus te
bereiken. Dat besluit had natuurlijk
aanzienlijke gevolgen voor de
elektriciteitssector. Eerst hebben wij
met de sector en de Kernfysische
dienst bezien of het mogelijk zou zijn
om de investeringen te beperken.
Dan zou immers de modificatie met
een kortere bedrijfsduur mogelijk
rendabel kunnen plaatsvinden. Vrij
snel bleek, dat dit geen begaanbare
weg is. Besparingen leiden allemaal
min of meer tot een vermindering
van het beoogde veiligheidsniveau.
Ik geloof dat niemand, ook niet in
deze Kamer, zo’n situatie voor zijn of
haar rekening zou willen nemen. Ik in
ieder geval niet.
Vervolgens is de vraag aan de
orde hoe je er bestuurlijk mee
omgaat. Je moet immers een uitweg
vinden voor het probleem dat
modificatie tegen een lager bedrag
niet mogelijk is en dat de kerncen-
trale tot 2004 open blijft. Gegeven
die situatie vond ik het redelijk dat
de sector enigerlei vorm van
tegemoetkoming zou ontvangen,
gelet op het feit dat de kosten van
het modificatieprogramma nog niet
geheel zouden zijn afgeschreven.
Daarbij heb ik ook meegewogen de
gang van zaken tot dat moment,
zorgvuldig bestuurlijk handelen,
consistentie enzovoort. Ik heb
daarom in mijn overleg met de
sector als uitgangspunt genomen
dat, gegeven die beslissing en
gegeven de wens van de meerder-
heid van de Kamer, de enige
consequentie kon zijn dat er op
enigerlei wijze tegemoet moest
worden gekomen aan de niet
afgeschreven kosten.
Door een aantal geachte afgevaar-
digden is gevraagd hoe vervolgens
op basis van de gesprekken die ik
met de sector heb gehad, het bedrag
van 70 mln. tot stand is gekomen. Dit
bedrag is tot stand gekomen na
redelijk intensieve gesprekken, die je
onderhandelingen zou kunnen
noemen. Want je kunt in die
gesprekken twee factoren als
uitgangspunt nemen, namelijk de
feitelijke kosten of de opportunity
costs. De opportunity costs van de
investering in Borssele waren hoog,
omdat het een rendabele investering
was. De kosten waren substantieel
hoger dan de 70 mln. Dan moet u
aan op zijn minst het dubbele
denken, waarschijnlijk nog meer.
Daarover kun je speculeren.
Men kan zich dus voorstellen dat
er in dat soort gesprekken twee
standpunten als uitgangssituatie
worden genomen, waarbij op een
gegeven moment in redelijk overleg
een bedrag tot stand komt. Dat was
overigens opnieuw die 70 mln. Op
zichzelf is dat niet zo gek, omdat dat
bedrag van 70 mln. ooit al eens
eerder door de sector was genoemd,
toen deze destijds bij mijn voorgan-
ger kwam. Hierin zit dus een zekere
logica.
Mevrouw Vos heeft vragen gesteld
over de 70 mln. 70 mln. nu is
natuurlijk wat anders dan 70 mln. in
2004. Het gaat uiteindelijk om 70
mln. in 2004, omdat dan ook het
moment aanbreekt dat de centrale
dicht gaat. Dan doet de situatie zich
voor dat er niet langer afgeschreven
kan worden. Voor de goede orde,
want ook daarover bestaat een misverstand: die 70 mln. zal in 2004
uit de algemene middelen, dus niet
uit de begroting van Economische
Zaken, worden gefinancierd op het
moment dat de centrale de facto
dicht gaat. Omdat de kosten voor de
investering nu zijn gemaakt, was het
ook redelijk dat vooruitlopend
daarop een renteloze lening werd
gegeven. Deze renteloze lening is uit
de voorziening voor de egalisatie van
tarieven op de SEP-balans gefinan-
cierd. Dat betekent niet dat, zoals
mevrouw Vos zei, daarmee het
bedrag hoger is geworden. Nee, dat
betekent dat de sector nu 70 mln.
krijgt. Het is dus niet meer. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="95" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 U zegt
dat de sector die 70 mln. nu krijgt. U
zegt ook dat het een renteloze lening
betreft die nu wordt verschaft en die
in 2004 uiteindelijk uit de algemene
middelen zal worden afgelost. In
2004 is die 70 mln. van nu toch
aanmerkelijk meer geworden. Dat is
de kern van mijn vraag. U zegt nu in
feite twee dingen. U zegt dat die 70
mln., 70 mln. is in 2004 en u zegt dat
u nu 70 mln. geeft als renteloze
lening geeft. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="96" soort="Minister" naam="Wijers">
 Ik geef nu een
renteloze lening uit de egalisatie-
voorziening. Die 70 mln. wordt de
facto geconverteerd in een storting
uit de algemene middelen in 2004.
Als je het bij die storting in 2004 zou
hebben gelaten, zou dat eigenlijk een
betaling nu zijn geweest van
ongeveer 35 mln. Want 70 mln. is in
2004 nu eenmaal veel minder waard
dan wanneer je het nu krijgt. Het is
net andersom dan wat u zegt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="97" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 Hoe
groot is dan de renteloze lening die u
nu uit het Egalisatiefonds verstrekt? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="98" soort="Minister" naam="Wijers">
 Die is 70 mln. en die
wordt in 2004 weer teruggestort als
die 70 mln. zou worden betaald. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="99" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 U
verstrekt nu een renteloze lening uit
een bepaalde pot. Als je dat geld in
die pot laat zitten, is het in 2004 veel
meer waard. Kortom, ik kan niet
anders concluderen dan dat die
renteloze lening van 70 mln., straks
een veel groter bedrag is. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="100" soort="Minister" naam="Wijers">
 Nee, de sector krijgt
in 2004 70 mln., wat een ree¨le
tegemoetkoming voor haar kosten is.
Ik had die 70 mln. nu kunnen geven,
maar dat zou een vooruitlopen op de
sluiting hebben betekent. Daarom is
deze constructie gekozen. Het is dus
geen veelvoud van dat bedrag. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="101" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 Maar
waarom wordt hierbij zo nadrukkelijk
over ’’renteloze lening’’ gesproken? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="102" soort="Minister" naam="Wijers">
 Omdat de kosten
voor de investering nu zijn gemaakt.
Eigenlijk geldt het tegenovergestelde
van wat u zegt. Als ik had gezegd ’’ik
geef de investering nu maar ik
vergoed in 2004 70 mln.’’, dan zou
het de facto niet een vergoeding zijn
van 70 mln. maar van ongeveer 35
mln., gegeven het rentevoordeel. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="103" partij="GroenLinks" naam="Vos">

Andersom zou het bedrag voor een
renteloze lening nu van 70 mln.
straks toch een veel groter bedrag
zijn? Het gaat om geld. Dat haalt de
minister uit een pot weg. Als hij het
in een pot laat zitten, wordt het in de
loop der jaren steeds meer waard. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2604" anker="104" soort="Minister" naam="Wijers">
 Als u het bedrag
van 70 mln. op een bank zou zetten
en het zou rentedragend zijn, dan is
het in 2004 veel meer. Dan is het
ongeveer 140 mln. Vandaar dat het
een renteloze lening is die in 2004
moet worden teruggestort als de
centrale wordt gesloten. Het is dus
gewoon 70 mln.
Voorzitter! Het is overigens een
substantieel bedrag. Ik wil dat niet
ontkennen. Het is ook een eenmalig
bedrag. Men moet uitkijken als men
een vergelijking maakt met bezuini-
gingen. Daarbij gaat het om
structurele bedragen, jaar op jaar.
Wat krijgen wij daarvoor terug? Als
deze Kamer eraan meewerkt, krijgen
wij, naar ik hoop, daarvoor bestuur-
lijke rust rond Borssele terug, tot
2004. Gegeven de historie rondom
Borssele, die mij ook niet is ontgaan,
vind ik dat voor de mensen die het
betreft en ook voor de sector de
prijs. Die prijs moet betaald worden.
Dat is de prijs die wordt betaald voor
rust, ook voor de mensen die in
Borssele werken.
De SEP heeft medegedeeld naar
aanleiding van de gesprekken dat zij
steeds een sterke voorkeur had voor
2007, maar dat zij desalniettemin –
conform mijn redenatie tot nu toe –
erkennen dat het gegeven het
politieke debat in de Kamer wenselijk
is om uit te komen op 2004. Ook
voor de SEP is van belang dat er,
ook gegeven het proces dat heeft
plaatsgevonden, nu bestuurlijke
stabiliteit ontstaat. Dat is ook de SEP
het nodige waard.
De heer Remkes heeft een aantal
vragen gesteld over de egalisatie-
voorziening. Deze voorziening is
gestart in 1984. Het hoofddoel van
die voorziening is het egaliseren van
schokken in het elektriciteitstarief als
gevolg van scherpe olie- en
gasprijsstijgingen. De voorziening is
gevoed uit een eenmalige overheids-
bijdrage, een restantsubsidie voor
milieudoeleinden, bijdragen van de
Gasunie en de SEP en rente-
bijschrijvingen. Gelet op de wijze
waarop de voorziening werd gevoed,
is destijds besloten dat de minister
van Economische Zaken het grootste
deel van de zeggenschap over die
voorziening heeft. De voorziening is
zeker niet geheim. Zij staat in het
jaarverslag van de SEP. Dat is ook
diverse keren in de Kamer gemeld.
Er heeft onder meer in 1985 een
debatje over plaatsgevonden. Ook is
er in 1989 in een brief naar verwe-
zen. In 1992 heeft het een rol
gespeeld tijdens de begrotings-
behandeling van de subsidies voor
warmte-krachtkoppeling. Het is in die
zin te verantwoorden dat het geld
voor dit leningsdoeleind wordt
gebruikt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="105" partij="SP" naam="Poppe">
 Ik ken de
omvang van het totale potje, het
Egalisatiefonds, niet. Het fonds is
bedoeld om ups en downs een
beetje gelijk te trekken. Als de prijs
zakt, vindt er aanvulling plaats.
Anders wordt het fonds leeggehaald.
De SEP heeft een grote verbruiker in
dat gebied, namelijk Pechiney.
Daarmee is een contract afgesloten.
Op dat punt kunnen dus geen
schommelingen optreden. Maar stel
dat er straks onvoldoende in het
potje zit. Worden de schommelingen
dan opgevangen door de kleinver- bruiker? Of zegt de minister: neen, er
zit genoeg in. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="106" soort="Minister" naam="Wijers">
 Er is geen reden om
te veronderstellen dat dat zal
gebeuren. Er zat per 31 december
1993 een fors bedrag in dat potje,
namelijk 385 mln. Dat is ook in het
jaarverslag van de SEP terug te
vinden. Dit is een kleine rimpeling in
het fonds. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="107" partij="SP" naam="Poppe">
 U kunt dus
garanderen dat die schommelingen
niet door de kleinverbruikers hoeven
te worden opgevangen? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="108" soort="Minister" naam="Wijers">
 Zekerheden kan ik
in dit leven niet geven. Ik kan wel
waarschijnlijkheden uitspreken. Dit is
een waarschijnlijkheid. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="109" partij="GroenLinks" naam="Vos">

Voorzitter! Ik wil nog een vraag
stellen over dat fonds. De minister
gaat 70 mln. uit dat fonds halen en
als renteloze lening verstrekken aan
de SEP. Dit betekent dat in 2004 70
mln. minder in het fonds zal zitten.
Bovendien is er 70 mln. aan
renteverlies voor dat fonds. Dat is
toch juist? In het Egalisatiefonds zit
straks ’’70 mln. plus 70 mln.
renteverlies is 140 mln.’’ minder dan
er anders in had gezeten. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="110" soort="Minister" naam="Wijers">
 Nee, die 70 mln.
komt gewoon terug. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="111" partij="GroenLinks" naam="Vos">
 Ja, maar
dat is dus niet genoeg. Het fonds
heeft in 2004 een tekort van 70 mln. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="112" soort="Minister" naam="Wijers">
 Het potje krijgt 70
mln. terug als sluiting plaatsvindt.
Dat punt stel ik zo dadelijk aan de
orde. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="113" partij="CDA" naam="Lansink">
 Het fonds is
bedoeld voor geweldige dalingen en
natuurlijk vooral stijgingen van de
prijs van fossiele brandstoffen. Als
deze prijs fors stijgt, heb je het fonds
nodig. Bovendien is het een extra
argument om de centrale open te
houden, omdat zij dan aanzienlijk
goedkoper draait dan de gas- en
oliecentrales. Hoe kijkt de minister
tegen die redenering aan? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="114" soort="Minister" naam="Wijers">
 De heer Lansink
probeert mij van iets te overtuigen,
waarmee ik het in isolatie van het
argument geheel eens ben. Hij doet
net alsof er geen discussie is
geweest, of de centrale maatschap-
pelijk niet omstreden is. Ik vraag ook
de heer Lansink, daarmee rekening
te houden. Er is geen echt belang
mee gediend als wij in een continue
discussie komen over de levensduur
van Borssele. Ik heb er een sterke
voorkeur voor als iedereen in die zin
zijn verantwoordelijkheid neemt en
een bijdrage levert aan de bestuur-
lijke stabiliteit rondom Borssele en
de mensen die er werken. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="115" partij="CDA" naam="Lansink">
 Ik kan
voldoende waardering voor deze
redenering van de minister en de
inzet opbrengen, maar de maat-
schappelijke onrust wordt mede
bepaald door datgene wat wij hier
doen, in elke richting. De minister
stelt besluitvorming voor op grond
van een aanvaarde motie met een
andere strekking. Een verworpen
D66-motie voert hij juist wel uit.
Daarmee draagt hij bij aan de
maatschappelijke onrust. Afgezien
van de laatste weken was de centrale
Borssele in de Nederlandse
samenleving niet omstreden. Dat
gold alleen nieuwbouw van
centrales. Ik vind dat de minister
daar ook rekening mee moet
houden. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2605" anker="116" soort="Minister" naam="Wijers">
 Ik heb mijn
beslissing genomen gegeven het
debat in de Kamer. Als het kabinet
de motie naast zich neer zou hebben
gelegd, dan zou dat zonder twijfel tot
de situatie hebben geleid waarin de
levensduur van Borssele een
permanent onderwerp van politieke
discussie zou zijn geworden. Ik kan
mij niet voorstellen dat de heer
Lansink meent dat dat niet het geval
zou zijn geweest. Ik heb zoveel
mogelijk de zakelijke argumenten
gebruikt. Je kunt zelf of als politieke
groepering een andere afweging
hebben gemaakt. Er is echter een
proces geweest. Er is op een zeker
moment een meerderheid van de
Kamer geweest die een uitspraak
heeft gedaan. Daarmee moet je
rekening houden. Ik heb geprobeerd
een route te vinden die maximale
bestuurlijke stabiliteit rondom
Borssele garandeert, ook al is dat
vanuit het puur zakelijke argument
niet de te prefereren oplossing.
De beslissing impliceert het
volgende. Te zamen met de
bewindslieden die het meest
betrokken zijn bij de vergunningen
krachtens de Kernenergiewet zal ik
de vergunning zodanig veranderen,
dat de werking van de centrale tot 1
januari 2004 wordt beperkt. Dat is de
eerste manier waarop zekerheid kan
worden geschapen over de
levensduur. De tweede manier
waarop wij die zekerheid cree¨ren, is
door de 70 mln. pas op dat tijdstip
ter beschikking te stellen. In de derde
plaats hebben de SEP ook zelf
verklaard dat zij er prijs op stellen,
dit nu vast te leggen. Die voorkeur is
gebaseerd op het argument van de
bestuurlijke stabiliteit. Deze drie
argumenten bij elkaar leiden mij tot
de conclusie dat sprake is van een de
facto sluiting van de centrale in 2004.
Is dat 100% zeker? Is het ondenkbaar
dat de Kamer in een heel andere
samenstelling over een paar jaar een
heel andere beslissing neemt en dat
een kabinet daarin bewilligt? Niets in
het leven is 100% zeker, maar
gegeven de manier waarop
vergunningsprocedures verlopen,
zeker rondom de Kernenergiewet, is
het alsnog veranderen van de
levensduur een beetje te vergelijken
met tandpasta terugduwen in de
tube. Dat is buitengewoon lastig en
onzeker. Gegeven de andere
overwegingen neem ik het voor mijn
rekening om te zeggen dat de
kerncentrale de facto in 2004
gesloten is.
Is dat het einde van de kernener-
gie in Nederland? Ik denk, eerlijk
gezegd, dat die vraag het debat
betreft dat ik de heer Van Dijke en
andere leden van de Kamer al heb
toegezegd in eerdere discussies.
Daarbij gaat het – ik ben dat met de
heer Crone eens – met name om de
vraag of er in de toekomst condities
kunnen zijn waaronder wellicht
nieuwe generaties van kerncentrales
ter beschikking komen en of die een
rol zouden moeten of kunnen
vervullen in de energievoorziening
van Nederland. Ik heb geen behoefte
om op dat debat vooruit te lopen.
Die scenariodiscussie is toegezegd. Ik
wil die discussie graag houden; zij is
ook van belang voor de discussie
over de energievoorziening van
Nederland. Op het resultaat daarvan
wil ik echter niet vooruitlopen. Mede
gegeven hetgeen er internationaal
gebeurt, kunnen wij ons echter niet
wijs maken dat met de beslissing
over de levensduur van Borssele de
discussie over de rol en de toekomst
van kernenergie in Nederland
gesloten is. Zo is het niet; wij leven
in een wereld waarin kernenergie in
een aantal landen een rol speelt.
In diverse landen is kernenergie
overigens omstreden vanwege de
veiligheid, het afval, de proliferatie
enzovoort. Tot mijn genoegen wordt
er door de wetenschappelijke wereld
evenwel op allerlei manieren aan
oplossingen gewerkt. De kennis
schrijdt voort. Als de kennis
voortschrijdt, moet je niet uitsluiten
dat de oplossingen zodanig nabij
komen dat wij alsnog in Nederland
de beslissing moeten nemen om
opnieuw een vorm van kernenergie
te gebruiken, zij het een heel andere.
Een en ander hangt natuurlijk ook af
van de ontwikkeling van de prijs van
fossiele brandstoffen enzovoort.
Hopelijk kunnen wij de discussie
hierover volgend jaar voeren. Ik heb
al eerder gezegd dat ik, gegeven de
overcapaciteit in de sector en de
opvattingen hierover in de maat-
schappij, niet verwacht dat wij in
deze kabinetsperiode zullen beslissen
tot uitbreiding van capaciteit. Dit laat
echter onverlet dat je in scenario-
denken kunt zeggen dat er onder
bepaalde condities op een bepaald
moment misschien beslist moet
worden over kernenergie en nieuwe
kerncentrales. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2606" anker="117" partij="SGP" naam="Van der Vlies">

Voorzitter! Ik kijk hier even heel
praktisch naar. Die inhoudelijke
discussie moet er komen. De
SGP-fractie hoopt hieraan mee te
doen en zal dan haar voorwaarden
inbrengen. Ook voor ons is
aanwending van kernenergie
namelijk niet vanzelfsprekend. Stel
nu dat het principie¨le debat oplevert
dat kernenergie een optie blijft en
dat kernenergie dus een plaats vindt
in de komende generaties
elektriciteitsplannen. Moet die
kernenergie dan sowieso opgewekt
worden door een nieuwe generatie kerncentrales? Of is de redenering:
die centrale is gemodificeerd; die
staat er in 2004 strak voor – ik
veronderstel maar wat – die kunnen
wij dus nog gebruiken? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2606" anker="118" soort="Minister" naam="Wijers">
 Het lijkt wel of wij
hier nu een open discussie hebben.
De Kamer heeft echter, zij het met
wisselende motieven, in meerderheid
uitgesproken – ik neem de motie die
door een meerderheid is aangeno-
men, ook serieus – dat de kerncen-
trale Borssele met haar technologie
en haar generatie tot 2004 kan
bestaan. Ik hoop dat dit in rust kan
gebeuren, maar dan is het ook uit.
Als er nieuwe kernenergie komt in
Nederland, dan zal dat kernenergie
moeten zijn die voldoet aan hogere
eisen ten aanzien van veiligheid en
afvalverwerking. Ik kan het niet
anders interpreteren.
Wie kan nu tevreden zijn met het
debat? Ik weet het niet, voorzitter. Ik
wil niet verhelen dat ik er niet geheel
tevreden mee ben. Ik denk dat er
maar weinigen geheel tevreden
kunnen zijn. Ik denk dat een partij er
tevreden mee kan zijn, namelijk de
mensen die in Borssele werken. Die
hebben nu, hoop ik, tenminste
duidelijkheid over hun toekomst.
Mede daarom hoop ik dat de Kamer
niet opnieuw met uitspraken zal
komen, waardoor weer nieuwe
onzekerheid gecree¨erd wordt. Ik
hoop dus dat hiermee tot 2004
zekerheid bestaat over de werkgele-
genheid van de mensen in Borssele
en de rol die de kerncentrale van
Borssele zal vervullen in de
Nederlandse elektriciteitsopwekking. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2606" anker="119" partij="GroenLinks" naam="Vos">

Voorzitter! Is het inderdaad mogelijk,
zoals de minister nu zegt, om een
deel van het Elektriciteitsplan goed te
keuren? In het voorjaarsdebat, in
juni, heeft de heer Kok nadrukkelijk
ontkend dat dat mogelijk was.
Klopt het dat het deel dat de
sector eventueel zelf nog extra
bijdraagt, ligt tussen de nul en de 70
mln.? U heeft net gezegd dat de
sector zelf vind dat hij aan opportu-
nity costs ongeveer 140 mln.
misloopt. Dat aandeel ligt dus 70
mln. boven het bedrag dat u aan de
sector verschaft.
Kunt u nog even kort ingaan op
mijn vraag of deze oplossing niet op
gespannen voet staat met de
Elektriciteitswet, waarin toch wordt
geregeld om elektriciteit te leveren
tegen zo laag mogelijke kosten? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2606" anker="120" naam="De voorzitter">
 Ik ga ervan uit dat dit
uw tweede termijn is geweest! 

</spreker>
<spreker pagina="37-2606" anker="121" soort="Minister" naam="Wijers">
 Voorzitter! Ik begin
met de procedure volgens het
E-plan. De minister kan in eerste
instantie alleen maar ’’ja’’ of ’’nee’’
zeggen tegen het Elektriciteitsplan;
hij keurt het dus af of hij keurt het
goed. Vervolgens kan de sector mij
in de tweede fase verzoeken, het
E-plan partieel goed te keuren, en
dat is precies wat hier is gebeurd. De
partijen die dat veronderstellen
hebben dus gelijk, maar het gaat in
verschillende stappen.
U vroeg mij of de bijdrage van de
sector 70 mln. is. Het is maar hoe je
een bijdrage ziet. Die opportunity
costs zijn hoger; je zou kunnen
zeggen dat dat gederfde winst is. In
die zin laat de 70 mln. onverlet dat
de sector inderdaad door deze
compensatie een deel van zijn
rendement niet kan waarmaken.
Noch de sector, noch ik, is van
mening dat de beslissing die we nu
genomen hebben, op gespannen
voet staat met de Elektriciteitswet. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2606" anker="122" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter!
In het voortraject van deze discussie
heeft de minister een aantal
voortreffelijk onderbouwde reken-
sommen gemaakt. Ik ga er eigenlijk
van uit dat er soortgelijke rekensom-
men gemaakt zijn waar het gaat om
het element van de rentabiliteits-
effecten van het niet goedkeuren van
het E-plan op dit punt, in verhouding
tot het wel goedkeuren. Misschien
kan de minister daarover iets
specifieker zijn, want er spelen een
aantal heel onoverzichtelijke
elementen een rol in die berekening.
Over welke bedragen spreken we
dan?</spreker>
<spreker pagina="37-2607" anker="123" soort="Minister" naam="Wijers">
 Ik dacht dat ik die
vragen eigenlijk al beantwoord had.
Het bedrag van 70 mln. is een
onderhandelingsresultaat, zo simpel
is dat. Twee partijen proberen vanuit
verschillende invalshoeken de kosten
van een bepaalde beslissing te
schatten, waarover ze gaan
onderhandelen. Voor de sector was
op basis van zijn overwegingen de
investering in Borssele, als de
centrale tot 2007 zou open blijven,
rendabel, en daarbij bestond een
zeker rendementsplaatje, dat hoger
was dan 70 mln. Afhankelijk van een
aantal veronderstellingen zou je op
ongeveer 140 mln. kunnen uitkomen.
Destijds is de sector bij de
minister gekomen, met de vraag –
dat was eerder – om een tegemoet-
koming te krijgen in de kosten van
ongeveer 70 mln. In de tussentijd
was natuurlijk al wat gebeurd. Je
kunt op verschillende manieren naar
die kosten kijken, want dat zijn
kosten die gedeeltelijk samenhangen
met het aanvragen van een
vergunning, en je kunt je in
redelijkheid afvragen of de overheid
partijen volledig moet compenseren
voor de kosten die zij maken bij het
maken van een aanvraag voor een
vergunning. Dat zijn de beginpunten
van een gesprek dat je hebt met de
sector, waarbij je probeert eruit te
komen. Per saldo kom je dan bij een
bedrag uit van 70 mln. Omdat de
investering nu is gedaan, wordt dat
vergoed via een renteloze lening. In
die zin is de 70 mln. een
onderhandelingsresultaat. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2607" anker="124" naam="De voorzitter">
 Ik begrijp dat er bij
een enkeling behoefte is aan een
tweede termijn voor het eventueel
indienen van een motie.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2607">

 
<spreker pagina="37-2607" anker="125" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Voorzitter! Ook aan de bedrijfsduur-
verlenging van het debat over het
E-plan en over de kerncentrale
Borssele moet eens een eind komen.
Dat lijkt nu eindelijk het geval te zijn.
Ik wil nog slechts op een punt
terugkomen, gelet op de betekenis
ervan voor de toekomst. Dat betreft –
dat zal de minister niet verbazen –
het gebruik door de minister van
artikel 16, tweede lid, onder b, van
de Elektriciteitswet, zoals in zijn brief
is verwoord.
Ik betwist niet het recht van de
minister om na de motie van
mevrouw Vos de beslissing te
nemen, zoals hij die heeft genomen.
Dat staat erbuiten. Ik vind die
beslissing overigens niet wijs en
fraai. Ik betwist wel dat de beslissing
van de minister kan worden
gemotiveerd met de toetsingsgrond
van artikel 16. Het is immers met de
beste wil van de wereld niet vol te
houden dat sluiting in 2004
noodzakelijk zou zijn – zo luidt de
formulering van de wet – in het
belang van een goede elektriciteits-
voorziening. Van de wettelijke
bevoegdheid om het E-plan te
toetsen, kan niet op deze manier
gebruik worden gemaakt. Dat heb ik
in eerste termijn beargumenteerd,
evenals de collega’s Remkes en
Lansink. Met het oog op een goed
gebruik van de Elektriciteitswet, nu
en in de toekomst, leg ik de Kamer
daarom de volgende uitspraak voor.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende, dat de minister zijn
beslissing de kerncentrale Borssele
in 2004 te doen sluiten motiveert met
de overweging dat de elektriciteits-
voorziening in Nederland moet
kunnen rekenen op voldoende
politieke ondersteuning;
voorts overwegende, dat in dit kader
de motie-Vos (16226, nr. 18) van
belang wordt geacht;
spreekt uit dat genoemde beslissing
niet mede gemotiveerd kan worden
door de toetsingsgrond van artikel
16, tweede lid, onder b van de
Elektriciteitswet 1989, inhoudende
dat goedkeuring aan het
Elektriciteitsplan kan worden
onthouden indien het belang van een
goede elektriciteitsvoorziening, mede
gelet op het belang van een goede
elektriciteitsvoorziening in het
algemeen, dit noodzakelijk maakt,
en gaat over tot de orde van de dag. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2607" anker="126" naam="De voorzitter">
 Deze motie is
voorgesteld door de leden Van
Middelkoop en Lansink. Naar mij
blijkt, wordt zij voldoende onder-
steund.
Zij krijgt nr. 27 (16226). 

</spreker>
<spreker pagina="37-2607" anker="127" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Voorzitter! Ik zou graag een wat
mooiere tekst hebben bedacht, maar
ik moest de wet nu eenmaal citeren.
Vandaar de wat lange tekst in het
dictum.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2607">

 
<spreker pagina="37-2607" anker="128" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter! Ik
dank de minister voor de beantwoor-
ding van de gestelde vragen. Ik ben
het met de heer Van Middelkoop
eens dat de argumentatie in de brief
van de minister langs de rand is. Ik zeg er wel bij: er niet over, maar
langs de rand. Ik vind de beantwoor-
ding erg dun in relatie tot de
Elektriciteitswet.
Als ik een en ander financieel
analyseer, dan constateer ik dat het
ene deel van die 70 mln., als gevolg
van de renteloze lening, in feite
wordt betaald uit het potje van de
sector. Het andere deel, in guldens
van dan, wordt betaald via de
algemene middelen. Op dit ogenblik
staat daar nog geen dekking
tegenover, dus die rekening wordt
naar de toekomst doorgeschoven.
Als ik deze beslissing echter vergelijk
met de beslissing, zoals die
aanvankelijk op de lat stond met
betrekking tot 2007, dan constateer ik
dat het belangrijkste financie¨le effect
– wij praten eigenlijk over een wat
hoger bedrag dan die 140 mln. –
wordt betaald door de gebruikers. Ik
kan op grond van de feiten en de
cijfers niet tot een andere conclusie
komen.
Mevrouw Jorritsma heeft met veel
verve aangegeven dat zij zeer
tevreden is. Toen ik haar betoog op
mij in liet werken, herinnerde ik mij
dat het alternatief van D66 destijds
met name was ingegeven vanuit de
gedachte dat het allemaal wel wat
goedkoper kon en dat het dus geen
geld zou kosten. Daarin lag naar mijn
opvatting de ruimte om toch vast te
houden aan de beslissing, zoals die
in ieder geval door mijn fractie werd
voorgestaan.
De tweede conclusie die ik heb
getrokken uit het betoog van
mevrouw Jorritsma is dat een pond
kernafval in 2005 veel erger is dan
een pond kernafval in 1998. Dat
opgeteld bij de constatering die de
heer Lansink uitte in een interruptie-
debat met de heer Crone, komt de
opvatting van D66, als het gaat om
de zakelijke argumentatie, in een
heel merkwaardig daglicht te staan.</spreker>
<spreker pagina="37-2607" anker="129" partij="D66" naam="Jorritsma-van Oosten">
 Ik heb een aantal malen
gezegd dat ons uitgangspunt is de
bestaande situatie en de afspraken
die zijn gemaakt, namelijk door-
draaien tot 2004. Tot dat jaar
accepteren wij de kernenergie. Als de
centrale langer door moet werken,
krijgen wij het punt dat er meer afval
ontstaat, dan wij met elkaar hadden
afgesproken.
De heer Remkes heeft nog een
vraag gesteld, maar die ben ik nu
even kwijt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2608" anker="130" partij="VVD" naam="Remkes">
 Ik heb geen
vragen gesteld. Ik heb alleen iets
geconstateerd. Ik begrijp de stelling
dat nucleair afval slecht is. Het is niet
mijn stelling. Ik heb dan ook het
standpunt van de heer Crone, zoals
hij dat altijd heeft verkondigd en het
standpunt van mevrouw Vos heel
goed kunnen begrijpen. Dat was ook
een heel consistente redenering. Het
gaat mij erom dat ik de redenering
van D66 op dit punt niet begrijp,
omdat die naar mijn opvatting
buitengewoon inconsistent is.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2608">

 
<spreker pagina="37-2608" anker="131" partij="SP" naam="Poppe">
 Mijnheer de
voorzitter! Na het antwoord van de
minister kan ik maar een conclusie trekken: Borssele moet tot 2004 open
blijven, omdat dat in deze Kamer
ooit is besloten in het Elektriciteits-
plan. Omdat ditzelfde kabinet het een
na het andere besluit dat hier ooit is
genomen, omver kegelt kan dat nooit
een argument zijn. In het NMP-plus
wordt geschreven dat als er
alternatieven zijn voor milieu-
schadelijke of andere gevaarlijke
stoffen, die moeten worden
gestimuleerd. In dit geval is er een alternatief: de conventionele centrale.
Er is genoeg elektriciteit, ook zonder
Borssele. Het argument van
werkgelegenheid is naar onze
mening niet terecht gebruikt, want
als Borssele open blijft, gaan andere,
conventionele centrales eerder dicht
en dat kost ook werkgelegenheid.
Kortom, er blijft naar een argument over: Borssele is kernenergie en die
is niet nodig en van het kernafval
hoeven wij niet meer te produceren
dan wij al hebben.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2608">

 
<spreker pagina="37-2608" anker="132" partij="CDA" naam="Lansink">
 Mijnheer de
voorzitter! Ik dank de minister voor
zijn heldere en faire antwoorden. Ik
heb opgetekend dat hij op een
gegeven ogenblik zei dat hij op
grond van zakelijke overwegingen
niet voor de meest preferente lijn
heeft gekozen. Dat siert hem, omdat
daarmee het gewicht is teruggege-
ven aan de inbreng in het algemeen
overleg. Het argument van maat-
schappelijke rust en wellicht ook
politieke rust kan ik ook nog wel
begrijpen. Ik heb ook gezegd dat het
positief is te waarderen dat nu
duidelijk is dat de centrale tot 2004
kan blijven draaien, gemoderniseerd
en wel. Dat kost wel wat, maar dat
moet dan maar. Voor de mensen die
er werken en voor al diegenen die
ten onrechte beschadigd waren door
de stelling dat de centrale wel
meteen dicht kon, is er nu duidelijk-
heid. Daar ben ik blij om.
Over de gekozen route is al
voldoende gezegd. Ik heb de motie
van de heer Van Middelkoop over de
Elektriciteitswet mede ondertekend,
omdat ik meen dat de lijn die daarbij
is gekozen niet correct is. Dat mag
eigenlijk niet terzijde worden gelegd.
Daarom wordt ook om die uitspraak
gevraagd. Het kan immers ook van
belang zijn voor later. Ook bij de
tweede route die gekozen is, past
een kanttekening. Het gaat namelijk
om het min of meer nu al definitief
maken van de vergunning. Ik heb er
geen bezwaar tegen dat het nu wordt
vastgelegd, maar er zal een moment
moeten kunnen komen waarop een
revisievergunning mogelijk is. Dat
ligt in de Elektriciteitswet en in het
Elektriciteitsplan eigenlijk ook
opgesloten. Dat is namelijk bij alle
vergunningsprocedures zo. De minister heeft gezegd: dat is
uitermate onzeker; ik zie dat niet
alsnog veranderen. Ik vond de
vergelijking met een tube tandpasta
ongepast, zeker nu wij nieuwe tubes
hebben die op hun kop worden
gezet. Ik geloof dat dat de zaak op
z’n kop zetten is. Ik ken revisie-
vergunningen die geleid hebben tot
een andere opzet. Omdat een
verbinding moet worden gelegd
tussen de kwaliteit van de
elektriciteitsvoorziening en de
discussie waarom de heer Van Dijke
eerder heeft gevraagd, wil ik de
Kamer toch een uitspraak voorleg-
gen. Die gaat uit van 2004 maar
maakt een nadere besluitvorming
mogelijk. De motie luidt als volgt.
Motie
De Kamer,
gehoord de beraadslaging,
overwegende, dat de exploitatie van
de kerncentrale Borssele na
afronding van de modificatie
bijdraagt aan een goede elektriciteits-
voorziening;
voorts overwegende, dat energie- en
milieupolitieke ontwikkelingen
kunnen nopen tot voortzetting van
die exploitatie na 2004;
van oordeel, dat nadere discussie
geboden is over het al dan niet
inzetten van kernenergie in Neder-
land en over de gevolgen daarvan;
verzoekt de regering bij de
vergunningverlening voor de
kerncentrale Borssele een latere
verlenging van de vergunning tot na
2004 open te houden, rekening
houdend met de uitkomsten van
genoemde discussie,
en gaat over tot de orde van de dag. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2608" anker="133" naam="De voorzitter">
 Deze motie is
voorgesteld door de leden Lansink,
Van Dijke, Van Middelkoop en Van
der Vlies. Naar mij blijkt, wordt zij
voldoende ondersteund.
Zij krijgt nr. 28 (16226). 

</spreker>
<spreker pagina="37-2608" anker="134" partij="VVD" naam="Remkes">
 Voorzitter!
Kan de heer Lansink de tekst van de
motie toelichten? Wat moet er nu
precies wel en niet in de vergunning
geregeld worden? Ik begrijp dat ook
hij vindt dat er best 2004 in kan komen te staan. Hij zegt in feite: het
kabinet moet nu met zichzelf
afspreken dat het een toekomstige
discussie niet wil uitsluiten. Deze
minister kan een toekomstige
discussie in de Kamer natuurlijk
nooit voorkomen. Dat geldt ook voor
een eventuele discussie in een
toekomstig kabinet waarin hij zelf
geen zitting heeft. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2608" anker="135" partij="CDA" naam="Lansink">
 Voorzitter!
Het zal duidelijk zijn dat het de
bedoeling van de motie is om de
vergunningverlening tot 2004 geen
onherroepelijk karakter te geven.
Daartoe zijn verschillende mogelijk-
heden voorhanden. Ik vraag ook om
het oordeel van de minister over dit
punt. Op welke wijze zou dat
mogelijk zijn? Zelf denk ik dat het
zou kunnen op de wijze die eerder is
toegepast bij andere vergunningen.
Het moet dus mogelijk zijn.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2609">

 
<spreker pagina="37-2609" anker="136" partij="Partijloos" naam="Hendriks">
 Voorzitter! Ik heb
geluisterd naar de antwoorden van
de minister op de vragen in eerste
termijn. Alleen mijn vragen zijn niet
beantwoord. Ik heb in ieder geval
wel begrepen dat de ’’paarse’’
aandelen voor Borssele nu 70 mln.
meer waard zijn geworden. Hopelijk
ontvangen alle Nederlandse kiezers,
dus ook de ouderen en de gehandi-
capten, te zijner tijd het dividend
waarop zij recht hebben. Daarbij
denk ik vooral aan de reeds
jarenlange door nutsbedrijven
verstrekte versluierde subsidie aan
de aluminiumfabriek Pechiney.
Voorzitter! De beantwoording van
mijn beide vragen blijkt moeilijk te
zijn. Ik stel bij dezen voor om die dan
maar schriftelijk te beantwoorden.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2609">

 
<spreker pagina="37-2609" anker="137" soort="Minister" naam="Wijers">
 Voorzitter! Ik moet
nog even iets specifieker zijn over de
criteria op basis waarvan ik het
Elektriciteitsplan heb afgekeurd. Ik
realiseer mij dat ik dat niet honderd
procent helder heb verwoord. Artikel
16, lid 2, spreekt over een goede
elektriciteitsvoorziening. In artikel 2
van de Elektriciteitswet staat ook dat
die elektriciteitsvoorziening
maatschappelijk verantwoord moet
worden gegenereerd. Het moet op
een maatschappelijk verantwoorde
wijze gebeuren. Dat is precies het
criterium waarop ik nu het
Elektriciteitsplan heb afgekeurd.
Volgens de juristen die geacht
worden op dat gebied deskundig te
zijn, is dat een juiste manier om dat
te doen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="138" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">
 Het
spijt mij dat ik weer naar de
microfoon moet komen. In artikel 16
staat niet, dat het op maatschappelijk
verantwoorde wijze moet gebeuren.
Het is geen onderdeel van de
toetsingscriteria die de minister kan
gebruiken. Er staat wel in artikel 2,
dat de elektriciteitsbedrijven op
maatschappelijk verantwoorde wijze
moeten produceren. Dat is naar mijn
overtuiging een bepaling die het de
minister mogelijk heeft gemaakt om
uitvoering te geven aan de motie
zoals hij dat heeft gedaan door te
gaan praten met de SEP. Maar in
deze toetsingscriteria op grond
waarvan de minister een
Elektriciteitsplan of een deel ervan
kan verwerpen staat het niet. Ik vind,
dat de minister het zo niet moet
gebruiken. Het is hoogst verwarrend. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="139" soort="Minister" naam="Wijers">
 Het staat er niet
expliciet in. De woorden ’’goede
elektriciteitsvoorziening’’ omvatten
conform artikel 2 van de
Elektriciteitswet het produceren op
maatschappelijk verantwoorde wijze. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="140" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">
 Dit
wordt een wat moeilijke discussie. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="141" soort="Minister" naam="Wijers">
 Goed in de zin van
artikel 2. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="142" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Precies. Het Elektriciteitsplan wordt
opgesteld door de SEP, niet door de
minister. Vervolgens komt het in de
ministerraad en de minister mag
gaan toetsen aan een aantal in de
wet neergelegde criteria. Een van de
criteria is, dat hij zijn goedkeuring
mag onthouden als het niet in het
belang is van een goede
elektriciteitsvoorziening. Naar mijn
overtuiging is met de beste wil van
de wereld niet vol te houden, dat
Borssele na 2004 niet meer open
mag blijven omdat dat in het belang
van een goede elektriciteits-
voorziening zou zijn. De minister
heeft daarvoor andere argumenten.
Daarmee ben ik het niet eens, maar
ik begrijp die. Daarmee komt hij niet
in strijd met de wet. De minister kan
de wet op deze manier echter niet
gebruiken. Het spijt mij dat ik erover
moet doorzeuren, maar het is van
belang, omdat ook een minister in de
toekomst gebruik mag maken van de
bevoegdheden van de wet. Vandaar
mijn motie. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="143" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ik begrijp het
probleem niet. Ik deel de mening, dat
limitatief is opgesomd op basis van
welke punten het Elektriciteitsplan
wel of niet zou mogen worden
tegengehouden. Er staan de
woorden ’’goede elektriciteits-
voorziening’’. Het woord ’’goed’’ zegt
per definitie niets. Dat woord is in de
loop van de tijd ingevuld. Er staan in
de brief van de minister twee
bronnen uit de jurisprudentie en de
politieke besluitvorming in de
memorie van toelichting, waarin het
woord ’’goed’’ onder andere is
uitgelegd in de zin van maatschappe-
lijk verantwoorde manier. Dat is ook
essentieel, omdat wij als Kamer
zeker de laatste jaren hebben gewild,
dat afkeuring of bijsturing op
onderdelen mogelijk moet zijn, als je
bepaalde milieu-implicaties van het
Elektriciteitsplan niet aanstaan. Het
woord ’’goed’’ is een nietszeggend
woord. In het kader van de interpre-
tatie en de wetsgeschiedenis heeft
het die brede connotatie gekregen. Ik
vind, dat de minister dit terecht
volgt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="144" naam="De voorzitter">
 Ik wil een einde
maken aan dit debat over interpreta-
tie van het woord ’’goed’’. De
minister is aan het woord. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="145" soort="Minister" naam="Wijers">
 De uitleg die de
heer Crone geeft, is de uitleg
waarvan ik heb begrepen dat die
juridisch de juiste is. ’’Goed’’ is
uitgelegd in artikel 2 en dat is tevens
maatschappelijk verantwoord. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="146" partij="CDA" naam="Lansink">
 Waarom is
het na 2004 niet meer maatschappe-
lijk verantwoord? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="147" soort="Minister" naam="Wijers">
 De heer Lansink
gaat nu een inhoudelijke discussie
beginnen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="148" partij="CDA" naam="Lansink">
 Dat is toch
aan de orde? 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="149" soort="Minister" naam="Wijers">
 Nee, wij hadden een
formele discussie over de vraag of
het zou kunnen of niet. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="150" partij="GPV" naam="Van Middelkoop">

Waarom is het na 2004 kennelijk
noodzakelijk – dat is de formulering
van artikel 16 – met het oog op een
goede elektriciteitsvoorziening dat
Borssele dicht gaat? Dat is de tekst
van de wet. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="151" naam="De voorzitter">
 De minister heeft het
woord. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="152" soort="Minister" naam="Wijers">
 Nu komen wij in
een cirkelredenering terecht. De
Kamer heeft een uitspraak gedaan.
De heer Van Middelkoop stelt een
vraag aan de Kamer. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="153" partij="PvdA" naam="Crone">
 Mijnheer de
voorzitter!... 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="154" naam="De voorzitter">
 Ik maak een einde
aan deze cirkelredenering. De
minister vervolgt zijn betoog. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="155" partij="PvdA" naam="Crone">
 Er is sprake
van een nieuw punt. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2609" anker="156" naam="De voorzitter">
 De minister vervolgt
zijn betoog.

</spreker>
<spreker pagina="37-2610" anker="157" partij="PvdA" naam="Crone">
 Ja, maar als
hier... 

</spreker>
<spreker pagina="37-2610" anker="158" naam="De voorzitter">
 De minister vervolgt
zijn betoog. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2610" anker="159" soort="Minister" naam="Wijers">
 Ik zou het niet meer
durven om mijn betoog nu niet te
vervolgen. Het heeft te maken met
de onherroepelijkheid van de
sluiting. Ik heb het voornemen om te
zamen met mijn collega’s in het
kader van de Kernenergiewet – dus
niet in het kader van het
Elektriciteitsplan – de vergunning te
beperken tot 2004. Nogmaals, hoe
onherroepelijk is onherroepelijk? Ik
wil niet na een discussie over de
vraag wat goed is nu nog een
discussie over de vraag hoe
gemakkelijk of moeilijk het is om
tandpasta terug te krijgen in een
tube. Ik denk niet dat de zaak 100%
onherroepelijk is. Als de beslissing
eenmaal is genomen, is het wel
buitengewoon moeilijk om die terug
te draaien. Ik ben het met de heer
Lansink eens dat een volgend
kabinet – al dan niet met bewinds-
personen uit mijn politieke groepe-
ring of uit die van de heer Lansink of
welke groepering dan ook – kan
proberen de vergunning weer te
veranderen. De heer Lansink weet
dat nog beter dan ik. Het is een lastig
proces om vergunningen in het
kader van de Kernenergiewet te
veranderen. Daar komt nog iets bij
en ik verzoek de heer Lansink dat te
betrekken in zijn afweging. De sector
wil nu graag helderheid hebben over
de levensduur van Borssele. Wat de
heer Lansink nastreeft, is verlenging
maar kan ook verkorting worden. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2610" anker="160" partij="CDA" naam="Lansink">
 Het zal
duidelijk zijn dat het in de tekst van
de motie om verlenging gaat. Ik ben
erkentelijk voor de zekerheid tot
2004, maar met anderen die ervoor
hebben gepleit wil ik de onherroepe-
lijkheid voorkomen, omdat er nog
een discussie moet worden gevoerd.
Het is goed dat wij principieel over
deze zaak praten, maar dan moeten
daarbij ook de kernstroom en allerlei
andere zaken worden betrokken.
Daarom wil ik door de motie de
onherroepelijkheid voorkomen. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2610" anker="161" soort="Minister" naam="Wijers">
 De voorzitter wil
doorgaan en terecht. Ik ontkom toch
niet aan de conclusie dat ik beide
moties ontraad.
De beraadslaging wordt gesloten. 

</spreker>
<spreker pagina="37-2610" anker="162" naam="De voorzitter">
 Ik stel voor, morgen
over de moties te stemmen.
Daartoe wordt besloten.
De vergadering wordt van 18.34 uur
tot 20.10 uur geschorst.
</spreker>
</blok>
</onderwerp>
<onderwerp pagina="37-2610">

Aan de orde is de behandeling van:
- de brief van de minister van
Buitenlandse Zaken over de
voorgenomen visumverlening
aan de heer H.J.C. Princen
(23268 nr. 2).
De beraadslaging wordt geopend.

<blok pagina="37-2610">

 
<spreker pagina="37-2610" anker="163" partij="VVD" naam="Weisglas">
 Voorzitter!
Op 19 augustus 1993 hebben wij over hetzelfde onderwerp gesproken:
het verlenen van een visum aan de
heer Poncke Princen. Toen was het
op basis van een beslissing van het
toenmalige CDA/PvdA-kabinet,
verwoord en verdedigd door minister
Kooijmans. Deze beslissing kwam
erop neer dat de heer Princen geen
visum voor een kort bezoek aan
Nederland zou krijgen. De VVD-
fractie heeft die beslissing toen
gesteund en vandaag staan wij voor
dezelfde afweging. Een afweging
tussen enerzijds de verachtelijke
daden van Poncke Princen in het
voormalige Nederlands-Indie¨,
alsmede het begrip en het respect
van de VVD-fractie voor allen, met
name voor de oud-Indie¨gangers, die
om die reden grote bezwaren
hebben tegen de komst van de heer
Princen naar Nederland, en
anderzijds het humanitaire belang
van de heer Princen zelf. Toen, op 19
augustus 1993, koos de VVD-fractie
voor het eerste en was zij dus net als
het toenmalige kabinet tegen het
verlenen van een visum.
Gisteren heeft de Kamer een brief
ontvangen van minister Van Mierlo
waarin staat dat op humanitaire
gronden aan de heer Princen een
visum zal worden verleend voor een
kort bezoek aan Nederland, voor de
feestdagen. En natuurlijk stond onze
fractie daardoor weer voor dezelfde
afweging. Nog steeds hebben wij
een buitengewoon negatief oordeel
over wat de heer Princen indertijd
heeft gedaan en nog steeds hebben
wij respect voor de oud-Indie¨gangers
en anderen. Vooral vanwege dat
respect kozen wij gisteren aanvanke-
lijk voor rust, zeker nu de beslissing van de minister zo was uitgevallen:
voor het verlenen van een visum aan
de heer Princen. Wij hadden gisteren
wel een voorwaarde ingebouwd voor
onze instemming, namelijk dat hij
zich tijdens zijn verblijf in Nederland
en daaraan voorafgaand niet zou
mengen in openbare discussies over
de politieke zaken die steeds met
hem verbonden worden.
Maar wat is er in de afgelopen
dagen gebeurd? De heer Princen wil
zich daar, vooruitlopend op zijn
komst naar Nederland, al niet aan
houden. Hij doet tal van politieke
uitspraken in een aantal dagbladen
en voor de radio. Hij brengt dus
onrust in plaats van rust, het wordt
geen familiebezoek, zoals de
bedoeling was, maar een politiek
bezoek. En vooral om deze laatste
reden – en misschien wel alleen om
deze reden – omdat het niet meer
gaat om een familiebezoek, een
bezoek van een oude man aan zijn
kleinkinderen, maar om een politiek
bezoek van iemand die heeft gezegd
dat hij de media niet zal schuwen, is
de VVD-fractie van mening dat de
humanitaire gronden aan het
verlenen van een visum zijn
ontvallen. Wij verzoeken de minister
van Buitenlandse Zaken dan ook, zijn
beslissing te heroverwegen.
</spreker>
</blok>
<blok pagina="37-2610">

 
<spreker pagina="37-2610" anker="164" partij="D66" naam="Van den Bos">

Voorzitter! De fractie van D66 is zich
goed bewust van de emoties die de
visumverlening aan de heer Princen
kan oproepen. Juist daarom hechten
wij eraan dat wij vanavond, als het
even kan, een zakelijke discussie
voeren met een redelijke afweging
van argumenten en respect voor
elkaars opvatting. Dat moet mogelijk
zijn.
Ook al komt men uiteindelijk tot
een andere afweging, bij alle partijen
realiseert men zich de gevoeligheden
bij de veteranen en hun nabestaan-
den. Alle fracties zullen vanzelfspre-
kend ook de humanitaire overwegin-
gen serieus nemen. Laten wij elkaar
daarom niet moreel de maat nemen.
Er zijn in onze samenleving groepen
mensen die op legitieme gronden
grote moeite hebben met de komst
van de heer Princen; anderen vinden,
eveneens op respectabele gronden,
dat de heer Princen dit keer na
zoveel jaar geen visum geweigerd</spreker>
</blok>
</onderwerp>
</text>

</handeling>


