<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet href="showHAN.xsl" type="text/xsl"?>


<handeling>
<metadata>
<item attribuut="permalink"><![CDATA[http://www.geencommentaar.nl/parlando/index.php?action=doc&filename=HAN6545A22]]></item>
<item attribuut="Bibliografische_omschrijving">
Lijst van ingekomen stukken, met de door de voorzitter terzake gedane voorstellen (dinsdag 10 februari 1998)</item>
<item attribuut="Bestand"> 18 Kb</item>
<item attribuut="Rubriek">Staats- en bestuursrecht (Parlement)</item>
<item attribuut="Trefwoorden">Parlement</item>
<item attribuut="Vindplaats">Handelingen 1997-1998, nr. 26, Tweede Kamer, pag. 3993-3994</item>
<item attribuut="Afkomstig_van">Staten Generaal</item>
<item attribuut="Datum_vergadering">10-02-1998</item>
<item attribuut="Document-id">HAN6545A22</item>
<item attribuut="Omvang">2 pag.</item> 
<item attribuut="kamer">Tweede Kamer</item>
<item attribuut="doconderwerp">Ingekomen stukken</item>
<item attribuut="doccode">TK 52</item>
</metadata>

<text>	
centrale indiening 19 maal 30
ondersteuningsverklaringen worden
ingeleverd en er blijkt dat er voor
een of meer districten niet voldoende
ondersteuningsverklaringen zijn. Dan
zal de kandidaatstelling voor de
desbetreffende districten niet gelden
en voor de overige wel.
De beraadslaging wordt geopend.

<blok pagina="52-3993">

 
<spreker pagina="52-3993" anker="371" partij="Centrum Democraten" bronpartij="CD" naam="Janmaat">
 Mijnheer de
voorzitter! Hiermee geeft de regering
al duidelijk aan hoe zij zelf denkt
over de wet. Wat duidelijk in de wet
omschreven staat, interesseert de
regering niet. Wat de regering
slechts aangaat, lijkt de bedoeling
van de wetgever te zijn, waarbij in
het onderhavige geval de wetgever
zijn bedoeling niet in de wet kan
neerleggen. De interpretatie van de
wet, mijnheer de voorzitter, geldt pas
als de wet niet duidelijk is, maar de
wet is wel duidelijk. Wat de heren
verder in een toelichting zeggen,
interesseert ons in zoverre niet, als
het gaat om de letterlijke interpreta-
tie van de wetstekst.
De staatssecretaris heeft alle
vragen beantwoord. Hij heeft keurig
gedaan wat de grote partijen willen.
De CD zal natuurlijk de landelijke
indiening verzorgen, tot grote
teleurstelling van de Partij van de
Arbeid. We zullen evenwel overwe-
gen om centraal een lijst met 30
ondersteunende verklaringen in Den
Haag extra in te dienen, mijnheer de
voorzitter, om de rechter maar eens
een uitspraak te laten doen over deze
juridische warwinkel, waarbij het
parlement blijkbaar niet meer in staat
is zijn zaken ordelijk te regelen.
De beraadslaging wordt gesloten. 

</spreker>
<spreker pagina="52-3993" anker="372" naam="De voorzitter">
 Ik dank de regering
voor de verstrekte informatie.</spreker>
</blok>
<blok pagina="52-3993">Lijst van ingekomen stukken,
met de door de voorzitter terzake gedane voorstellen:
1. een koninklijk boodschap, ten
geleide van het volgende voorstel van (rijks)wet:
Regelen ter beheersing en
versnelling van de procedures inzake
de aanleg van de vijfde baan van de
Luchthaven Schiphol (Wet procedu-
res vijfde baan Schiphol) (25863).
Deze koninklijke boodschap, met de
erbij behorende stukken, is al
gedrukt en rondgedeeld; 2. de volgende brieven:
een, van de minister voor
Nederlands-Antilliaanse en Aru-
baanse Zaken, over de financie¨le
verhouding met Aruba en de
Nederlandse Antillen (25870);
twee, van de minister van Buitenlandse Zaken, te weten:
een, ten geleide van een overeen-
komst waarbij een associatie tot
stand wordt gebracht tussen de
Europese Gemeenschappen en hun
lidstaten enerzijds, en de Republiek
Slovenie¨ anderzijds (25866);
een, ten geleide van het Europees
Verdrag inzake hoofdwaterwegen die
van internationaal belang zijn (AGN)
(25867);
drie, van de minister van Justitie, te weten:
een, over misbruik en oneigenlijk
gebruik op het gebied van belastin-
gen, sociale zekerheid en subsidies
(17050, nr. 202);
een, over de handel in illegale cd’s
(25474, nr. 5);
een, over de bestuurlijke verhoudin-
gen regiopolitie Groningen (25840,
nr. 7);
een, van de minister van
Binnenlandse Zaken, over het project
versterking brandweer (PVB) (24225,
nr. 18);
een, van de minister van
Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer, inzake
herziening Waterleidingwet (25869);
een, van de staatssecretaris van
Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer, ten
geleide van antwoorden op vragen
die gesteld zijn tijdens de monde-
linge behandeling van het wetsvoor-
stel Wijziging van de Woningwet op
27 januari 1998 (24820, nr. 11);
twee, van de minister van Verkeer en Waterstaat, te weten:
een, over de privatisering van
Nozema N.V. (23968, nr. 41);
een, over de aanpassing van de Wet
vervoer binnenvaart aan richtlijn
96/75/EG (25412, nr. 6);
twee, van de minister van Economische Zaken, te weten:
een, ten geleide van de agenda van
de Onderzoeksraad op 12 februari
1998 (21501-13, nr. 42);
een, ten geleide van antwoorden op
vragen die gesteld zijn tijdens het
debat met de vaste commissie voor
Economische Zaken over de brief
’’Kansen voor synergie’’ op 29
oktober 1997 (25518, nr. 3);
een, van de ministers van
Economische Zaken en van Justitie,
ten geleide van het eindverslag van
de Securitel-hersteloperatie (25389,
nr. 30).
Deze brieven zijn al gedrukt en
rondgedeeld; 3. de volgende brieven:
een, van de minister van
Buitenlandse Zaken, ten geleide van
het Raamverdrag inzake technische
samenwerking tussen het Koninkrijk
der Nederlanden en de Republiek
Oeganda;
een, van de minister van Justitie,
over de burgerluchtvaart;
twee, van de staatssecretaris van Justitie, te weten:
een, ten geleide van het rapport
Kansspelen herijkt;
een, over een reactie op een motie
van de heer Van Oven;
twee, van de staatssecretaris van
Onderwijs, Cultuur en Wetenschap- pen, te weten:
een, ten geleide van twee
onderzoeksrapporten Evaluatie
cultuurnota procedure;
een, over subsidies mediabeleid;
een, van de minister van
Volkshuisvesting, Ruimtelijke
Ordening en Milieubeheer, ten
geleide van de rapportage Windener-
gie 1997;
een, van de minister van Verkeer
en Waterstaat, inzake onderzoek
scharende en lading verliezende
vrachtwagens;
een, van de staatssecretaris van
Defensie, over het schietterrein
Kollumerwaard;
een, van de minister van Sociale
Zaken en Werkgelegenheid, ten
geleide van het eindrapport van een
onderzoek dat in opdracht van SZW
door het IVA Tilburg verricht is naar
de naleving van de Wet op de
ondernemingsraden (WOR);
een, van de minister van
Volksgezondheid, Welzijn en Sport,
over de voorhangprocedure.
De voorzitter stelt voor, deze brieven
door te zenden aan de betrokken
commissies en niet te drukken; 4. de volgende adressen:
een, van R.R.D. Janssen te Houten,
met betrekking tot uitstel van
betaling van aanslagen omzetbelas-
ting, inkomstenbelasting/premie
volksverzekeringen en loonbelasting;
een, van Th.L. Coumans te Beek,
met betrekking tot afhandeling van
een aanslag inkomstenbelasting/
premie volksverzekeringen;
een, van mevrouw M.T. Renkema
te Dokkum, met betrekking tot
kwijtschelding van aanslagen
inkomstenbelasting/premie volksver-
zekeringen 1994 t/m 1996;
een, van F. Smit te Woerden, met
betrekking tot ambtshalve verminde-
ring van de aanslag
inkomstenbelasting/premie volksver-
zekeringen;
een, van H. Steenis te Dordrecht,
met betrekking tot handelen van de
Sociale verzekeringsbank i.v.m.
aanvraag AOW;
een, van J.J. ten Hoorn te
Veendam, met betrekking tot
terugvordering van studie-
financiering;
een, van J.L. Oostra te Heeren-
veen, met betrekking tot de
handelwijze van de Informatie-
beheergroep;
een, van mevrouw E.J.M.
Halenbeek-Slijboom te Hoorn,
houdende een klacht tegen de USZO
inzake een terugvordering;
een, van mevrouw A. Leisen-Lach
te Enschede, met betrekking tot
erkenning als oorlogsslachtoffer en
een WUV-uitkering;
een, van mr. H. Visscher te
Hellendoorn, met betrekking tot een
klacht over de inhoud van
informatiemateriaal van Informatie-
beheergroep over inkomensgrens;
een, van J. van Zantvliet te
Medemblik, met betrekking tot
kwijtschelding van
inkomstenbelasting/premie volksver-
zekeringen;
een, van P. Pors te ’s-Gravenhage,
met betrekking tot pensioenaan-
spraak;
een, van J.P. de Jong te Loon, met
betrekking tot een middelings-
regeling;
een, van mevrouw B.H.G.M.
Fro¨hlich-Reijnders te Weert, met
betrekking tot een betalingsregeling
voor een aanslag
inkomstenbelasting/premie volksver-
zekeringen 1996;
een, van A. El Hassnaoui te
Leidschendam, met betrekking tot
kwijtschelding van
inkomstenbelasting/premie volksver-
zekeringen;
een, van T.P.J. Deinum te
Amsterdam, met betrekking tot
invorderingsmaatregelen inzake een
aanslag omzetbelasting;
een, van de Gouden Schaar te
Diemen, met betrekking tot
naheffingsaanslag omzetbelasting.
Deze brieven zijn in handen gesteld
van de commissie voor de Verzoek-
schriften;
5. een brief van T. Otten, over de
uitvoering buitenlands beleid.
Deze brief ligt op de griffie ter
inzage.
</blok>
</text>

</handeling>


