<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet type="text/xsl" href="showKVR.xsl"?>
<kvr xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" type="Antwoord" aantalvragen="5">
   <meta><!--
          Metadata toegevoegd door de griffie, geparsed uit Parlando.
         --><metadata>
         <item attribuut="Bibliografische_omschrijving">Van Ardenne-van der Hoeven (CDA) over biodiesel (Ingezonden 29 november 1994); Antwoord</item>
         <item attribuut="Bestand">15Kb</item>
         <item attribuut="Permalink">
http://www.geencommentaar.nl/parlando/index.php?action=doc&amp;filename=KVR1009
</item>
         <item attribuut="Inhoud">De vragen betreffen mogelijkheden tot productie van biodiesel uit koolzaad geteeld op braakliggende grond.</item>
         <item attribuut="Rubriek">Energie, water en grondstoffen (Energie, energiebronnen) Energie, water en grondstoffen (Grondstoffen) Landbouw (Landbouwproducten)</item>
         <item attribuut="Trefwoorden">Benzine Grondstoffen Landbouwgoederen</item>
         <item attribuut="Vindplaats">Kamervragen met antwoord 1994-1995, nr. 378, Tweede Kamer</item>
         <item attribuut="Afkomstig_van">Landbouw, Natuurbeheer en Visserij</item>
         <item attribuut="Indiener">
            <persoon partij="CDA">Van Ardenne-van der Hoeven</persoon>
         </item>
         <item attribuut="Datum_reaktie">1995-01-19</item>
         <item attribuut="Datum_indiening">1994-11-29</item>
         <item attribuut="Document-id">KVR1009</item>
         <item attribuut="Omvang">1 pag.</item>
      </metadata>
      <header titel="Tweede Kamer der Staten-Generaal" kamer="2" vergaderjaar="Vergaderjaar 1994–1995" typehandeling="Aanhangsel van de Handelingen" typedoc="Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden"/>
      <footer firstpaginanummer="769" allpagenumbers="769" vetnummer="" code="" lopendefooter="Tweede Kamer, vergaderjaar 1994–1995, Aanhangsel" filenaam="" issn-nummer="ISSN 0921 - 7398" uitgever="Sdu Uitgeverij Plantijnstraat ’s-Gravenhage 1995"/>
      <vraagdata vraagnummer="378" onderwerp="" indiendatum="1994-11-29">
         <vrager partij="CDA" oorsprong="parlement">Van Ardenne-van der Hoeven</vrager>
         <vraagt-aan/>
      </vraagdata>
      <antwoorddata antwoorddatum="1995-01-19">
         <antwoorder functie="minister" ministerie="Landbouw, Natuurbeheer en Visserij">Van Aartsen</antwoorder>
         <mede-antwoorder/>
      </antwoorddata>
   </meta>
   <vragen aantal="5">
      <vraag nummer="1" voetnoot="1">Hebt u kennisgenomen van het IMSA-rapport, in opdracht van de WLTO, aangaande de produktie van biodiesel? <voetnoot nummer="1"/>Zo ja, wat is uw reactie op de resultaten van dit onderzoek? </vraag>
      <vraag nummer="2">Onderschrijft u de stelling in het rapport dat de produktie van biodiesel economisch haalbaar is op akkerbouwgrond waarvoor de EG een braakpremie geeft? </vraag>
      <vraag nummer="3">Deelt u de mening van de onderzoekers, dat koolzaad-voor-biodiesel met name op het terrein van smogvorming, broeikaseffect en energieverbruik beter scoort dan braakligging? </vraag>
      <vraag nummer="4">Bent u bereid e´e´n of meer experimenten ter zake te steunen? </vraag>
      <vraag nummer="5">Bent u bereid om de inhoud van het rapport aan de orde te stellen binnen de Europese Unie? </vraag>
      <noten afkomstig="vraag">
         <noot nummer="1">Zie Westweek, 18 november 1994. IMSA = Instituut voor Milieu- en Systeemanalyse WLTO = Westelijke Land-en Tuinbouw Organisatie</noot>
      </noten>
   </vragen>
   <antwoorden aantal="5">
      <antwoord nummer="1" voetnoot="2">Ja. De afgelopen jaren hebben diverse instituten rapporten uitgebracht over de milieu-, energie- en economische aspecten van biotransportbrandstoffen (o.a. NRLO, NOVEM, SER, CE en INNAS). Samengevat wijzen de resultaten van deze onderzoeken uit dat de bijdragen van biotransportbrandstoffen aan het milieu en de energievoorziening vooralsnog gering zijn. Bovendien blijken de kostprijzen van deze brandstoffen aanzienlijk hoger te liggen dan die van de fossiele alternatieven. In het IMSA-onderzoek wordt op economische en milieu-aspecten een specifieke vergelijking gemaakt tussen het braakleggen van grond enerzijds en het telen van koolzaad op braakgrond voor de produktie van biodiesel anderzijds. Deze vergelijking heeft daarmee slechts betrekking op e´e´n van de meerdere opties van alternatief (energie)gebruik. Volgens de studie scoort biodiesel t.a.v. sommige aspecten – bijv. de Co <voetnoot nummer="2"/>vastlegging – beter dan braak. Daarmee is echter nog niet gezegd dat biodiesel op alle relevante aspecten (milieu, energie, vervoerstechnisch, (landbouw)economisch) ook beter scoort dan andere mogelijke opties. De uitkomsten van deze studie vormen daarom geen aanleiding om de eerder gemaakte brede afweging terzake aan te passen (zie de reactie op het SER-advies, 21 december 1993). </antwoord>
      <antwoord nummer="2">Nee. Een economische produktie is thans niet haalbaar, aangezien behalve de braakpremie ook een vrijwel volledige accijnsvrijstelling noodzakelijk is. </antwoord>
      <antwoord nummer="3">Zie het antwoord onder vraag 1. </antwoord>
      <antwoord nummer="4">Ja. Mede omdat niet valt uit te sluiten dat op termijn voor specifieke of lokale toepassingen biotransportbrandstoffen voordelen zou kunnen hebben, kunnen proefprojecten die ten doel hebben het inzicht in de technische en milieu-aspecten te vergroten, zinvol zijn. Wanneer een dergelijk proefproject zich aandient zal de overheid dit in het kader van het beschikbare stimuleringsinstrumentarium beoordelen. Ten aanzien van het verlenen van accijnsvrijstelling voor een dergelijk proefproject zal de overheid zich ruimhartig opstellen. </antwoord>
      <antwoord nummer="5">Gezien de interesse voor dit onderwerp in Brussel, ben ik zeker bereid het rapport onder de aandacht van de EC te laten brengen. </antwoord>
      <noten afkomstig="antwoord"/>
   </antwoorden>
</kvr>

