<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet type="text/xsl" href="showKVR.xsl"?>
<kvr xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" type="Antwoord" aantalvragen="">
   <meta><!--
          Metadata toegevoegd door de griffie, geparsed uit Parlando.
         --><metadata>
         <item attribuut="Bibliografische_omschrijving">RosenmÃ¶ller (GroenLinks) over het Russische optreden in TsetsjeniÃ« (Ingezonden 6 januari 1995); Antwoord</item>
         <item attribuut="Bestand">15Kb</item>
         <item attribuut="Permalink">
http://www.geencommentaar.nl/parlando/index.php?action=doc&amp;filename=KVR1013
</item>
         <item attribuut="Inhoud">De vragen betreffen de buitenproportionele inzet van militaire middelen en de schendingen van de mensenrechten in de stad Grozni.</item>
         <item attribuut="Rubriek">Staats- en bestuursrecht (Grondrechten) Veiligheidsbeleid en defensie (Oorlogen en conflicten)</item>
         <item attribuut="Trefwoorden">Mensenrechten Rusland</item>
         <item attribuut="Vindplaats">Kamervragen met antwoord 1994-1995, nr. 382, Tweede Kamer</item>
         <item attribuut="Afkomstig_van">Buitenlandse Zaken</item>
         <item attribuut="Indiener">
            <persoon partij="GroenLinks">RosenmÃ¶ller</persoon>
         </item>
         <item attribuut="Datum_reaktie">1995-01-20</item>
         <item attribuut="Datum_indiening">1995-01-06</item>
         <item attribuut="Document-id">KVR1013</item>
         <item attribuut="Omvang">2 pag.</item>
      </metadata>
      <header titel="Tweede Kamer der Staten-Generaal" kamer="2" vergaderjaar="Vergaderjaar 1994–1995" typehandeling="Aanhangsel van de Handelingen" typedoc="Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden"/>
      <footer firstpaginanummer="777" allpagenumbers="777 778" vetnummer="" code="" lopendefooter="Tweede Kamer, vergaderjaar 1994–1995, Aanhangsel" filenaam="" issn-nummer="ISSN 0921 - 7398" uitgever="Sdu Uitgeverij Plantijnstraat ’s-Gravenhage 1995"/>
      <vraagdata vraagnummer="382" onderwerp="" indiendatum="1995-01-6">
         <vrager partij="GroenLinks" oorsprong="parlement">RosenmÃ¶ller</vrager>
         <vraagt-aan/>
      </vraagdata>
      <antwoorddata antwoorddatum="1995-01-20">
         <antwoorder functie="Minister" ministerie="Buitenlandse Zaken">Van Mierlo</antwoorder>
         <mede-antwoorder/>
      </antwoorddata>
   </meta>
   <vragen aantal="6">
      <vraag nummer="1" voetnoot="1">Beschouwt de Nederlandse regering het Russische optreden in Tsetsjenie¨ als legitiem? <voetnoot nummer="1"/>
      </vraag>
      <vraag nummer="2">Zo ja, hoe kan de Nederlandse regering tot een dergelijke uitspraak komen gezien de buitenproportionele inzet van militaire middelen door de Russische autoriteiten tegen de bevolking van Tsetsjenie¨ en de vergaande schendingen van de mensenrechten met name in de stad Grozni? </vraag>
      <vraag nummer="3">Hoe verhouden de Russische militaire acties zich tot het feit dat Rusland de code van goed gedrag in het kader van de Organisatie van Veiligheid en Samenwerking in Europa ook ondertekend heeft? </vraag>
      <vraag nummer="4">Is het in het stadium van het conflict niet logischer om te pleiten voor onmiddellijke stopzetting van de Russische militaire acties zoals onlangs gedaan door Zweden, Denemarken en Noorwegen? </vraag>
      <vraag nummer="5">Bent u daartoe bereid? Zo neen, waarom niet? </vraag>
      <vraag nummer="6">Heeft de Franse regering de andere Unie-lidstaten opgeroepen druk op Moskou uit te oefenen om de militaire acties te staken? Zo ja, op welke manier en in welk internationaal verband overweegt u aan de Franse oproep gehoor te geven? </vraag>
      <noten afkomstig="vraag">
         <noot nummer="1" datum="1995-01-4" bron="Zie Trouw,">Zie Trouw,, 4 januari 1995</noot>
      </noten>
   </vragen>
   <antwoorden aantal="3">
      <antwoord nummer="1 en 2">Vanuit volkenrechtelijk oogpunt vormt de autonome republiek Tsjetsjenie¨ een integraal onderdeel van de Russische Federatie en kan de bemoeienis van de Russische Federatie met de constitutionele orde in Tsjetsjenie¨ als legitiem worden beschouwd. De regering is echter van mening dat de grootschalige inzet van militaire middelen en de massale toepassing van geweld zoals bombardementen, onder meer op burgerdoelen, niet in verhouding stond en staat tot het te bereiken doel nl. het herstel van de constitionele orde. De militaire acties van de Russische Federatie hebben tot ernstige schending van de mensenrechten geleid en zijn in strijd met onder meer de normen die de Russische Federatie in het kader van de Organisatie voor Veiligheid en Samenwerking (OVSE) heeft onderschreven. </antwoord>
      <antwoord nummer="3">De Regering meent dat de militaire operatie van de Russische Federatie in Tsjetsjenie¨ ook in strijd is met de verplichtingen, die de Russische Federatie op zich nam bij het ondertekenen van de Code of Conduct tijdens de top van Boedapest in november jl. </antwoord>
      <antwoord nummer="4, 5 en 6">De Regering heeft op 14 december 1994 en op 3 en 6 januari jl. middels de woordvoering van Buitenlandse Zaken haar standpunt t.a.v. de crisis in Tsjetsjenie¨ kenbaar gemaakt. Bovendien zijn de demarches van de Trojka van de Europese Unie op 30 december en op 5 en 13 januari met actieve medewerking van Nederland voorbereid en mede namens Nederland uitgevoerd. Op 6 januari is de Russische Ambassadeur in Den Haag naar aanleiding van de Tsjetsjeense crisis op het ministerie van Buitenlandse Zaken ontboden. Het standpunt van de Regering en de Europese Unie is bij deze gelegenheden steeds geweest dat de toepassing door het Russische leger van geweld disproportioneel was en onmiddellijk zou moeten worden gestopt, met inbegrip van de bombardementen op Crozny. Zowel bij de woordvoering van Buitenlandse Zaken als bij de demarches van de Europese Unie is derhalve steeds een klemmend beroep gedaan op de Russische Federatie om de militaire acties te stoppen en de onderhandelingen met de vertegenwoordigers van Tsjetsjenie¨ te hervatten. Voorts is in Moskou en tegenover de Russische Ambassadeur in Den Haag erop aangedrongen om de OVSE, dat bij uitstek een kader biedt voor een regeling van het conflict, te betrekken bij bemiddeling en de totstand brenging van een vreedzame regeling. </antwoord>
      <noten afkomstig="antwoord"/>
   </antwoorden>
</kvr>

