<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet type="text/xsl" href="showKVR.xsl"?>
<kvr xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" type="Antwoord" aantalvragen="4">
   <meta><!--
          Metadata toegevoegd door de griffie, geparsed uit Parlando.
         --><metadata>
         <item attribuut="Bibliografische_omschrijving">Vragen van de leden Van Zijl (PvdA) en Groenman (D66) over pensioenaanspraken na emigratie van een Nederlandse verzekeringsnemer (Ingezonden 25 november 1994); Antwoord</item>
         <item attribuut="Bestand">17Kb</item>
         <item attribuut="Permalink">
http://www.geencommentaar.nl/parlando/index.php?action=doc&amp;filename=KVR940
</item>
         <item attribuut="Inhoud">De vragen betreffen met name de gevolgen voor het afkoopverbod en aantasting van de rechten van gescheiden echtgenoten.</item>
         <item attribuut="Rubriek">Sociale zekerheid (Ouderdomsvoorzieningen en pensioenen (AOW)) Welzijn (Emigratie)</item>
         <item attribuut="Trefwoorden">Emigratie Pensioenen</item>
         <item attribuut="Vindplaats">Kamervragen met antwoord 1994-1995, nr. 313, Tweede Kamer</item>
         <item attribuut="Afkomstig_van">Sociale Zaken en Werkgelegenheid</item>
         <item attribuut="Indiener">
            <persoon partij="PvdA">Van Zijl</persoon>
            <persoon partij="D66">Groenman</persoon>
         </item>
         <item attribuut="Datum_reaktie">1994-12-23</item>
         <item attribuut="Datum_indiening">1994-11-25</item>
         <item attribuut="Document-id">KVR940</item>
         <item attribuut="Omvang">2 pag.</item>
      </metadata>
      <header titel="Tweede Kamer der Staten-Generaal" kamer="2" vergaderjaar="Vergaderjaar 1994–1995" typehandeling="Aanhangsel van de Handelingen" typedoc="Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden"/>
      <footer firstpaginanummer="633" allpagenumbers="633 634" vetnummer="" code="" lopendefooter="Tweede Kamer, vergaderjaar 1994–1995, Aanhangsel" filenaam="" issn-nummer="ISSN 0921 - 7398" uitgever="Sdu Uitgeverij Plantijnstraat ’s-Gravenhage 1995"/>
      <vraagdata vraagnummer="313" onderwerp="" indiendatum="1994-11-25">
         <vrager partij="PvdA" oorsprong="parlement">Van Zijl</vrager>
         <vrager partij="D66" oorsprong="parlement">Groenman</vrager>
         <vraagt-aan/>
      </vraagdata>
      <antwoorddata antwoorddatum="1994-12-23">
         <antwoorder functie="staatssecretaris" ministerie="Sociale Zaken en Werkgelegenheid">Linschoten</antwoorder>
         <mede-antwoorder>de staatssecretaris van Financie¨n</mede-antwoorder>
      </antwoorddata>
   </meta>
   <vragen aantal="4">
      <vraag nummer="1" voetnoot="1">Kent u de stelling <voetnoot nummer="1"/>als zou emigratie van een Nederlandse verzekeringsnemer na` waardeoverdracht van diens pensioenaanspraken aan een buitenlandse verzekeraar, tot gevolg kunnen hebben dat het afkoopverbod in de Pensioen- en spaarfondsenwet (PSW) zijn kracht verliest? </vraag>
      <vraag nummer="2">Betekent het feit dat pensioenaanspraken in het buitenland rechtsgeldig afgekocht kunnen worden, zonder dat de waarborg bestaat dat met de pensioenbelangen van de echtgeno(o)t(e) rekening wordt gehouden, geen ernstige aantasting van de rechten van de gescheiden echtgeno(o)t(e) krachtens de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding? </vraag>
      <vraag nummer="3">Zien wij het goed dat ook de binnenkort in werking tredende Brede Herwaardering dit probleem niet ten principale oplost? </vraag>
      <vraag nummer="4">Bent u bereid op korte termijn maatregelen te nemen om te voorko´men dat de beschermende bepalingen in de PSW en het in de PSW opgenomen afkoopverbod via het buitenland kunnen worden omzeild? Zo ja, op welke manier? </vraag>
      <noten afkomstig="vraag">
         <noot nummer="1">Pensioen &amp; Praktijk, prof. Ph. van Huizen, d.d. oktober 1994</noot>
      </noten>
   </vragen>
   <antwoorden aantal="4">
      <antwoord nummer="1">Ja. In de literatuur wordt daarover momenteel een discussie gevoerd. (Zie bijvoorbeeld ook het artikel van W. M. A. Kalkman in het Assurantie Magazine van 15 juli 1994) </antwoord>
      <antwoord nummer="2" voetnoot="1">Aan de handhaving van de Pensioen- en spaarfondsenwet bij uitvoering van pensioentoezeggingen door buitenlandse verzekeraars is bij de behandeling van het wetsvoorstel ter uitvoering van enkele conflictrechtelijke bepalingen van de Tweede richtlijn betreffende het directe levensverzekeringsbedrijf <voetnoot nummer="1"/>uitvoerig aandacht besteed. Het kabinet en parlement hebben destijds onderkend dat het niet mogelijk is volstrekte zekerheid te krijgen dat ook in het buitenland de PSW-bepalingen worden nageleefd. Wel is door de wetgever getracht zoveel mogelijk zekerheid te bieden. Zo is in dat kader voorgeschreven dat bij het sluiten van een pensioenovereenkomst met een buitenlandse verzekeraar een clausule moet worden opgenomen dat de Regelen PSW van toepassing zijn. Dit betekent dat ook na waarde-overdracht naar een buitenlandse verzekeraar afkoop niet is toegestaan. Het is echter niet duidelijk in hoeverre de buitenlandse rechter met deze regels rekening zal houden. Overigens is in dit verband relevant dat het recht op waarde-overdracht alleen bestaat wanneer deze ertoe strekt de waarde in te brengen in het kader van de bij de nieuwe werkgever bestaande pensioenregeling. Anders gezegd: geen overdracht zonder nieuw dienstverband. Gezien het belang dat zowel nationaal als internationaal wordt gehecht aan de mogelijkheid tot mobiliteit van diensten en kapitaal en gezien de inhoud van de EG-richtlijnen worden nieuwe belemmeringen niet wenselijk en ook niet in overeenstemming met voornoemde regelgeving geacht. Wat betreft ontduiking van het afkoopverbod in samenhang met een eventuele aantasting van de rechten van de gescheiden echtgeno(o)t(e), wijzen wij er op dat zowel in de PSW als in de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding de bepaling is opgenomen dat bij waardeoverdracht respectievelijk afkoop met de pensioenbelangen van de echtgenoot op redelijke wijze rekening dient te worden gehouden. Ingeval van waarde-overdracht gaat het recht op uitbetaling van de tot verevening gerechtigde automatisch mee over. Deze heeft dan een rechtstreeks vorderingsrecht jegens de nieuwe uitvoerder indien deze uitvoerder in Nederland is gevestigd. Indien er sprake is van waarde-overdracht aan een verzekeraar die geen vestiging in Nederland heeft en de waarde wordt aangewend voor pensioen op basis van de pensioenregeling van de buitenlandse werkgever, dan verkrijgt de tot verevening gerechtigde echtgenoot op grond van artikel 1, zevende lid, van de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding een recht op uitbetaling jegens de andere echtgenoot. </antwoord>
      <antwoord nummer="3" voetnoot="2">De Brede Herwaardering voorziet niet in speciale bepalingen ter bescherming van de gescheiden echtgenoot. In de Brede Herwaardering is wel een voorziening opgenomen voor de gevallen waarin de PSW waarde-overdracht naar een buitenlandse verzekeraar toestaat. Deze voorziening maakt het mogelijk ook «fiscale» voorwaarden te stellen om te bewerkstelligen dat de pensioentoezegging op reguliere wijze tot uitvoering wordt gebracht. Wordt niet voldaan aan de eisen die aan een pensioenregeling worden gesteld, dan vindt in het algemeen heffing van loonbelasting of vennootschapsbelasting a` 60% plaats. <voetnoot nummer="2"/>
      </antwoord>
      <antwoord nummer="4">Gezien het bovenstaande zien wij op dit moment onvoldoende aanleiding voor nadere stappen ter bescherming van de rechten van de gescheiden echtgeno(o)t(e) krachtens de Wet verevening pensioenrechten bij scheiding. Uiteraard zullen wij de ontwikkelingen actief blijven volgen. </antwoord>
      <noten afkomstig="antwoord">
         <noot nummer="1">TK 1991–1992, 22 509</noot>
         <noot nummer="2">Volgens het antwoord aan de heer Terpstra, Handelingen, vergaderjaar 1994–1995, 23 046 en 23 023, nr. 18, blz. 23</noot>
      </noten>
   </antwoorden>
</kvr>

