<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?>
<?xml-stylesheet type="text/xsl" href="showKVR.xsl"?>
<kvr xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" type="Antwoord" aantalvragen="">
   <meta><!--
          Metadata toegevoegd door de griffie, geparsed uit Parlando.
         --><metadata>
         <item attribuut="Bibliografische_omschrijving">Marijnissen (SP) over de aanvullende verzekeringen tandheelkundige hulp (Ingezonden 20 december 1994); Antwoord</item>
         <item attribuut="Bestand">17Kb</item>
         <item attribuut="Permalink">
http://www.geencommentaar.nl/parlando/index.php?action=doc&amp;filename=KVR997
</item>
         <item attribuut="Inhoud">Vragen betreffen klachten over verscheidenheid in en onduidelijkheid over de aanvullende verzekeringen tandheelkundige hulp.</item>
         <item attribuut="Rubriek">Gezondheidszorg (Tandheelkunde) Gezondheidszorg (Zorgverzekeringen)</item>
         <item attribuut="Trefwoorden">Tandheelkunde Ziektekostenverzekeringen</item>
         <item attribuut="Vindplaats">Kamervragen met antwoord 1994-1995, nr. 368, Tweede Kamer</item>
         <item attribuut="Afkomstig_van">Volksgezondheid, Welzijn en Sport</item>
         <item attribuut="Indiener">
            <persoon partij="SP">Marijnissen</persoon>
         </item>
         <item attribuut="Datum_reaktie">1995-01-16</item>
         <item attribuut="Datum_indiening">1994-12-20</item>
         <item attribuut="Document-id">KVR997</item>
         <item attribuut="Omvang">2 pag.</item>
      </metadata>
      <header titel="Tweede Kamer der Staten-Generaal" kamer="2" vergaderjaar="Vergaderjaar 1994–1995" typehandeling="Aanhangsel van de Handelingen" typedoc="Vragen gesteld door de leden der Kamer, met de daarop door de regering gegeven antwoorden"/>
      <footer firstpaginanummer="747" allpagenumbers="747 748" vetnummer="" code="" lopendefooter="Tweede Kamer, vergaderjaar 1994–1995, Aanhangsel" filenaam="" issn-nummer="ISSN 0921 - 7398" uitgever="Sdu Uitgeverij Plantijnstraat ’s-Gravenhage 1995"/>
      <vraagdata vraagnummer="368" onderwerp="" indiendatum="1994-12-20">
         <vrager partij="SP" oorsprong="parlement">Marijnissen</vrager>
         <vraagt-aan/>
      </vraagdata>
      <antwoorddata antwoorddatum="1995-01-16">
         <antwoorder functie="minister" ministerie="Volksgezondheid, Welzijn en Sport">Borst-Eilers</antwoorder>
         <mede-antwoorder/>
      </antwoorddata>
   </meta>
   <vragen aantal="9">
      <vraag nummer="1" voetnoot="1">Kent u de verontrustende berichten van de Consumentenbond en de Stichting de Ombudsman over de verscheidenheid in en onduidelijkheid over de aanvullende verzekeringen tandheelkundige hulp? <voetnoot nummer="1"/>
      </vraag>
      <vraag nummer="2">Is het u bekend, dat de inhoud van de aangeboden pakketten zeer verschilt, de premies sterk uiteenlopen evenals de maximale vergoedingen per jaar? </vraag>
      <vraag nummer="3">Vindt u het aanvaardbaar, dat veel verzekeraars aanvullende pakketten aanbieden waarin minder en soms veel minder tandheelkundige verrichtingen vergoed worden dan tot 1 januari 1995 in het Ziekenfondspakket opgenomen zijn? </vraag>
      <vraag nummer="4">Is het u bekend, dat verzekeraars (zoals het Zilveren Kruis) protheses alleen vergoeden in extra dure «Pluspakketten», terwijl juist ouderen en mensen met lage inkomens relatief vaak een prothese dragen? </vraag>
      <vraag nummer="5">Vindt u het aanvaardbaar, dat sommige verzekeraars werken met gezinsverzekering waarbij alle gezinsleden verplicht meeverzekerd moeten worden zelfs wanneer ze voor geen enkel onderdeel van het aangeboden pakket in aanmerking komen? </vraag>
      <vraag nummer="6">Vindt u aanvaardbaar, dat sommige verzekeraars de volle premie vragen voor kinderen jonger dan 19 jaar (zelfs vanaf 6 jaar), terwijl het grootste deel van de jeugdtandzorg nog in het basispakket opgenomen is? </vraag>
      <vraag nummer="7">Is het u bekend, dat veel verzekeraars zonder tegenbericht van de verzekerden dezen automatisch onderbrengen in de aanvullende verzekering per 1 januari 1995? </vraag>
      <vraag nummer="8">Realiseert u zich, dat mensen niet allen geconfronteerd worden met de kosten van aanvullende verzekering, maar bovendien veelal de te vergoeden tandartskosten zelf moeten voorschieten? </vraag>
      <vraag nummer="9">Deelt u de mening, dat dit alles een extra aanleiding is om de maatregel tot vermindering van de vergoedingen tandheelkundige hulp in te trekken of in ieder geval uit te stellen totdat er een fatsoenlijke, uniforme regeling is? </vraag>
      <noten afkomstig="vraag">
         <noot nummer="1" datum="1994-12-18" bron="" titel="Ook dat nog!">«Ook dat nog!», 18 december 1994</noot>
      </noten>
   </vragen>
   <antwoorden aantal="3">
      <antwoord nummer="1" voetnoot="1 1">De Consumentenbond heeft mij op 29 december 1994 over de aanvullende verzekeringen die ziekenfondsen bieden, geschreven. Het antwoord op deze brief wordt u separaat toegezonden <voetnoot nummer="1"/>. De Stichting De Ombudsman heeft mij op 9 november 1994 geschreven over de beperking van de aanspraak op tandheelkunde in het kader van het ziekenfonds- en standaardpakket. Een afschrift van deze brief en mijn antwoord daarop van 28 november 1994, VMP/VA-943508, treft u bijgaand aan <voetnoot nummer="1"/>. 2 t/m 6 en 8 Aanvullende verzekeringen zijn een aangelegenheid van particuliere ziektekostenverzekeraars en ziekenfondsen zelf. Het gaat immers om een vrijwillige particuliere ziektekostenverzekering. De overheid heeft daar geen zeggenschap over. Dit geldt in beginsel ook voor de aanvullende verzekeringen bij ziekenfondsen. Slechts artikel 33 in samenhang met artikel 42 van de Ziekenfondswet betreffen restricties met betrekking tot aanvullende verzekeringen bij ziekenfondsen. Deze restricties zijn voor de onderhavige aangelegenheid niet relevant. Het is dus aan ziekenfondsen en particuliere ziektekostenverzekeraars zelf om te bepalen welke tandheelkundige verrichtingen in het aanvullende pakket worden opgenomen en wat voor premie daarvoor betaald moet worden. Hierbij past dan ook dat bepaalde ziekenfondsen, voorzover mij bekend slechts in een enkele situatie, besloten hebben prothesen alleen op te nemen in het «pluspakket». Dit pakket biedt overigens in het algemeen een brede dekking. Verder zijn ook zaken, zoals acceptatiebeleid, hoogte van vergoedingen, gezins- of individuele polis, of er sprake is van restitutie dan wel aanspraken in natura, bij een particuliere verzekering als de onderhavige een aangelegenheid van ziekenfondsen en particuliere ziektekostenverzekeraars zelf. </antwoord>
      <antwoord nummer="7">Ja. De «negatieve optie» is bij ziektekostenverzekeraars een veel gebruikte methode. Een dergelijke optie heeft in het algemeen niet mijn voorkeur. In deze situatie zijn er echter wel voordelen te constateren. De desbetreffende burgers zijn zo per 1 januari 1995 verzekerd voor tandheelkundige hulp zonder dat er sprake is van risicoselectie of wachttijden. Voorts wordt zo bereikt dat zo veel mogelijk mensen zich tegen tandheelkundige kosten verzekeren, zodat de verzekering tegen een zo laag mogelijke premie geboden kan worden. </antwoord>
      <antwoord nummer="9" voetnoot="2">Zowel bij de begrotingsbehandeling als bij de behandeling van het FOZ 1995 ben ik, schriftelijk e`n mondeling, uitvoerig ingegaan op de versobering van het ziekenfonds- en standaardpakket met betrekking tot de tandheelkundige hulp alsmede op de argumenten op grond waarvan het kabinet tot die maatregel is gekomen. Ik ben nog steeds van mening dat de maatregel verantwoord is en dat, gezien alle voorbereidingen die getroffen zijn, het verantwoord is geweest de maatregel per 1 januari 1995 in te voeren. Met het verwerpen van de door mij ontraden motie <voetnoot nummer="2"/>heeft de meerderheid van de Tweede Kamer der Staten-Generaal met de maatregel ingestemd. Echter, gezien ook de brief van de Consumentenbond, zal ik de Ziekenfondsraad verzoeken een inventarisatie te maken van de aanvullende verzekeringen die ziekenfondsen voor de tandheelkunde hebben aangeboden. Ik zal de Ziekenfondsraad daarbij bovendien vragen te onderzoeken op welke wijze tandartsen de kosten voor de niet meer in het ziekenfondspakket opgenomen tandheelkundige hulp bij hun patie¨nten in rekening brengen. Dit ook wat betreft patie¨nten die zich niet tegen de kosten van de tandheelkundige hulp verzekerd hebben. </antwoord>
      <noten afkomstig="antwoord">
         <noot nummer="1">Ter inzage gelegd bij de afdeling Parlementaire Documentatie</noot>
         <noot nummer="2">23 900 XVI, nr. 42</noot>
      </noten>
   </antwoorden>
</kvr>

